Geen directe relatie tussen opname in instelling en pakketmaatregelen

Berichtgeving Volkskrant onjuist
De Volkskrant meldde op 12 januari jl. dat bijna 17.000 mensen die hun begeleiding kwijt raakten nu in instellingen zijn opgenomen. Bij de beantwoording van kamervragen blijkt dat dit bericht klopt niet. Er is geen directe relatie tussen opname in de instelling en de pakketmaatregelen. In de eerste monitor van het CIZ over de eerste 6 maanden (meegestuurd als bijlage bij de tweede voortgangsrapportage pakketmaatregelen, Tweede Kamer, vergaderjaar 2009-2010, 30 597, nr. 113) concludeert het CIZ dat er geen aanwijzingen zijn dat het minder indiceren van begeleiding leidt tot een toename van de vraag naar intramurale AWBZ-zorg. Volgens het CIZ is het aantal ZZP-indicaties ten opzichte van het eerste halfjaar van 2007 ongeveer gelijk gebleven.
De getallen die de Volkskrant hanteert zijn afkomstig uit de gemeentemonitor van het CIZ. Het CIZ verschaft aan de gemeenten ieder kwartaal informatie over de AWBZ-aanspraken van de 230.000 cliënten die op 1 januari 2009 een geldige extramurale indicatie hadden met een vorm van begeleiding.
Een landelijke versie van deze kwartaal-monitor treft u aan op www.ciz.nl. Het CIZ heeft geconstateerd dat na 9 maanden ca. 17.000 cliënten uit deze groep in verband met een gewijzigde zorgvraag door een regiokantoor van het CIZ zijn geherïndiceerd en in aanmerking zijn gekomen voor een verblijfsindicatie. Dat mensen na een periode begeleiding thuis worden opgenomen in een instelling is uiteraard geen uniek verschijnsel voor het jaar 2009. Het gaat om natuurlijk verloop.
Het is dus niet, zoals de Volkskrant schrijft, dat deze cliënten hun aanspraak op begeleiding als gevolg van de pakketmaatregelen zijn kwijtgeraakt: begeleiding is juist een belangrijk bestanddeel van de geïndiceerde zorgzwaartepakketten.
Aangezien de gegevens die u vraagt niet van belang zijn voor gemeenten die beleid ontwikkelen om de gevolgen van de pakketmaatregelen op te vangen, zijn deze niet in de rapportage van het CIZ opgenomen. Er zijn echter geen redenen om aan te nemen dat samenstelling van de ca. 17.000 cliënten sterk afwijkt van de groep van 136.000 cliënten die in de eerste helft van het jaar 2009 een verblijfsindicatie heeft gekregen. Het gaat dan ter indicatie om de volgende verhoudingen:
ZZP Verpleging/verzorging (VV) 72,8 %
ZZP Verstandelijk gehandicapten (VG) 13,8 %
ZZP Licht verstandelijk gehandicapten (LVG) 1,9 %
ZZP Sterk gedragsgestoord licht verstandelijk (SGLVG) 0,2 %
ZZP Lichamelijk gehandicapten (LG) 2,6 %
ZZP Zintuiglijk gehandicapten (ZG) 1,0 %
ZZP Geestelijke gezondheidszorg (GGZ) 7,5 %
Onbekend 0,1%
(Bron: CIZ Beleidsmonitor, eerste helft 2009).
Het gaat het hier om 17.000 cliënten met matige of ernstige beperkingen die toegang behouden tot begeleiding vanuit de AWBZ: het CIZ heeft namelijk geoordeeld dat de AWBZ-zorgvraag noodzakelijk gepaard gaat met een beschermende woonomgeving, therapeutisch leefklimaat of permanent toezicht. Op grond daarvan heeft het CIZ een verblijfsindicatie afgegeven. Alleen cliënten met lichte beperkingen komen niet meer in aanmerking voor begeleiding vanuit de AWBZ. In individuele gevallen waarin het CIZ van mening is dat de begeleiding essentieel is om opname of ernstige verwaarlozing te voorkomen zal het CIZ wel begeleiding indiceren.
Uit de gegevens van het CIZ blijkt uitsluitend de geïndiceerde zorgaanspraak. Bij het CIZ is niet bekend of men na de herindicatie daadwerkelijk heeft gekozen voor een opname. Opname is trouwens ook niet altijd nodig: met een ZZP-indicatie kan de cliënt ook kiezen voor extramurale zorg of pgb. Evenmin is uit de indicatiegegevens de omvang van het zorggebruik te achterhalen en of men voordat de verblijfsindicatie is afgegeven gebruikmaakte van bepaalde opvangvoorzieningen.
Vast staat dat de gehele groep van 17.000 een indicatie had voor een of meerdere vormen van ondersteunende of activerende begeleiding in groeps- dan wel individueel verband. In het algemeen heeft van alle mensen die een verblijfsindicatie van het CIZ krijgen overigens ca. 80% al eerder een indicatie van het CIZ gehad.
De groep van 17.000 is niet getroffen door de pakketmaatregelen. Zij hebben zich bij het CIZ gemeld met een gewijzigde zorgvraag. Deze heeft geleid tot een verblijfsindicatie. Deze groep wordt niet getroffen door de pakketmaatregelen. De pakketmaatregelen worden door het CIZ grondig gemonitord.
Bron: VWS




