De “Bloed in de urine” poli

0
528

Deze maand alweer een column van Emaildokter, Robert Mol Vandaag las ik over het initiatief van het AMC om in januari a.s. een polikliniek voor mensen met bloed in de urine te openen. Da’s weer eens wat anders dan een polikliniek voor mannen met mannenproblemen. Wel een goed initiatief, alhoewel ik mijn twijfels heb. Per slot van rekening hoeft het niet op deze wijze indien je gezondheidszorg goed en degelijk georganiseerd is. Maar dat het klaarblijkelijk noodzakelijk is, getuigt de volgende casus, die ik persoonlijk heb mee moeten maken.  
Het betreft een bijna 30-jarige vrouw, secretaresse van beroep, met twee jonge kinderen. Ik zag haar op het spreekuur medio juli met bloed in de urine en pijn in de rechter nierloge. De eerste gedachte is dan een niersteen, zeker gezien haar leeftijd en het verder niet echt ziek zijn. Medicatie hielp niet. Drie dagen later volgde een rontgenfoto van de buik. Uitslag vijf dagen later: geen bijzonderheden. Besloten werd tot een echo. Deze kon pas drie weken later gedaan worden. Twee dagen na onderzoek: geen bijzonderheden. Een intussen uitgevoerde urinekweek bleek ook geen bijzonderheden op te leveren. Wat intussen wel bijzonderheden opleverde waren  haar klachten. Die werden namelijk erger. Ze had zich intussen op grond hiervan ziek gemeld. Een afspraak bij de uroloog volgde. Vier weken hierna, het was intussen medio september, leverde een cystoscopie (blaasonderzoek) geen bijzonderheden op. Een volgend onderzoek leverde wel iets op: een verdenking voor een poliep in het nierbekken.   Vier weken hierna drie urineonderzoeken op kwaadaardigheid. U raadt het al: ook geen bijzonderheden. Eind oktober werd er aan een ruimte innemend proces in de betreffende nier gedacht. Fijn om dat te weten, zeker zo zonder diagnose. Een nierpunctie leverde haar een onduidelijke nierbloeding op. De internist kwam er bij in consult. Begin december berichtte deze (nee, toch): geen verklaring hiervoor op zijn gebied. Hij had al mompelend patiente geopperd dat er wellicht een verwijdering van de nier diende plaats te vinden. Tsja, daar wordt je niet echt vrolijk van; daarbij wel steeds vermoeider met twee steeds lastiger wordende kinderen en een werkgever die frequent aan de telefoon hangt met de boodschap “wanneer kom je weer achter je bureau zitten?”   Uiteraard zag ik haar in deze perioden tussendoor en kon eigenlijk ook weinig voor haar doen. Het enige wat je kan, is ondersteunen. Met waarmee vraag je dan tegelijkertijd af. Want je tenen krullen van het tempo waarin allerlei diagnostiek verricht wordt zonder verder opbouwend resultaat voor patiente, haar gezin en werkgever. Ik heb haar vandaag, de voorlaatste dag van dit jaar, gebeld. Ze was blij en verrast mijn stem te horen. “Weet je al wat?” was mijn vraag aan haar via de mobiele telefoon in de auto. “ Nee, hoe is het mogelijk, he?” was haar antwoord. Ik wenste haar het allerbeste voor het volgend jaar toe met tevens de vraag snel weer langs te komen. Toen ik de telefoon neerlegde dacht ik om tijdens dat consult maar te gaan bellen met het AMC. Of gaat de marktwerking in de nieuwe Zorgwet er voor zorgen dat dit soort “wacht- en afwachttijden” snel voor goed verleden tijd zijn? Gezond 2006 toegewenst!      Robert Mol (www.emaildokter.nl)