Whuffie

0
242

robert-mol-emaildokterWie de laatste tijd e-symposia bezoekt, krijgt te maken met veel nieuwigheid. Zo ook met het woord “whuffie” de (online) reputatie van personen of bedrijven waarbij de publieke opinie de waarde bepaald. Er komt een stroom van nieuws over e-communities, groepen mensen die communiceren via internet of andere informatietechnologie. Eigenlijk wat vroeger gewoon in de straat gebeurde al leunend op een bezemsteel of spons in de ene en zeem in de andere hand. Het gaat nu via weblog, twitter, chatten, moderaten, fora, platforms en niet te vergeten mobiele telefoon. Ik krijg het gevoel dat deze tool het eigenlijke speeltje is waar het om zal blijven draaien. Kijk maar naar Schiphol, waar je nu na boeken via internet een code in je mobiel krijgt waarmee je bij de gate kan instappen. Weg dus met die boardingcard. Amsterdam kent sinds kort een stadsgids op de mobiel. De achterlijke bomenvernietiging voor de papiermolen wordt verleden tijd. Hoewel ik recent bij een oogarts een nieuwe dossiervorming meemaakte, die nog geheel uit de papieren status bestond. Toen ik hem vroeg waarom zijn afdeling niet online was overgestapt kreeg ik de mompelende woorden “ja, da’s nog te moeilijk voor dit grote ziekenhuis”. Bij een ander ziekenhuis floepte echter na inbrengen van mijn dochters paspoort een patientenkaartje uit een automaat. E-communities! Daar zijn 6 op de 10 Nederlanders mee bezig om te communiceren op allerlei gebied. U kent ze wel: Schoolbank, OudersOnline, Kieskeurig, Zoover, Stamboomforum, HartenZiel, Hyves, MyspaceMusic, LinkedIn, Flickr, MSN, YouTube, Slideshare, Skype, etc. Daarbij niet te vergeten Wikipedia en Google. Er staan momenteel duizenden papieren encyclopedieen te koop. En veel mensen gaan eerst naar Google alvorens een dokter te zien. Tijdens de symposia worden de e-communities opgehemeld. Belangrijk voor de gebruikers zijn: gemakkelijke actuele informatie, lekker internationaal bezig zijn, business genereren, vermaak, oude netwerken onderhouden, eigen info aan anderen doorgeven, sociale netwerken onderhouden, etc. De twee blikjes verbonden met het koperdraadje van destijds liggen er dan wat schraal bij. Maar uiteindelijk is het allemaal daarmee wel begonnen. Feit van dit alles is dat we overal en altijd met elkaar verbonden zijn, snel info kunnen delen, info kunnen remixen waardoor er weer andere info uit ontstaat en daarbij open zijn naar elkaar. Volgens deskundigen vermindert het de stress, verhoogt het de kwaliteit, veiligheid en betrokkenheid. Sommigen spreken zelfs van toename van therapietrouw en vermindering van zorglasten door het delen van taken tussen patienten onderling. Praktisch en veel in het nieuws zijn de IVF-poli in het Radboud Ziekenhuis Nijmegen en alcoholpreventie en psychologie online. Duidelijk is dat mensen zich niet meer als een kudde koeien laten leiden bij beschikbaarheid van nieuwe informatie. De opkomstgraad bij de recent gestarte HPV-vaccinatie campagne is hier een mooi voorbeeld van. Tien jaar geleden ging je gewoon naar zo’n sportzaal. Nu wordt er eerst gezond onderling overlegd over “wat ga jij doen en waarom wel of niet”. Ik vind het een goede ontwikkeling, passend bij de huidige gekke tijd. Feitelijk belang is wat je doel is van het gebruik van de oneindige hoeveelheid mogelijkheden. En dat je je zelf hierin een beperking oplegt, die past bij je ontwikkeling. Voorkomt in ieder geval burnout. Al met al is er wederom werk aan de winkel voor artsenland, waar hopelijk duidelijk moge zijn, dat patienten het roer gaan besturen en wij in de toekomst een mooie coachende rol gaan spelen. Volgens mij een verrijking van ons vak. Alleen moet dat kwartje bij veel artsen nog wel ff vallen……

Emaildokter