Risico’s ziekenhuiszorg in de avond-, nacht- en weekenduren moeten beter afgedekt

0
228

Ziekenhuizen moeten de risico’s voor de patientveiligheid in de avond-, nacht- en weekenduren beter afdekken. Dat vindt de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) op basis van onderzoek naar het verschil in patientveiligheid in ziekenhuizen tijdens kantooruren en de uren daarbuiten.

De minister van VWS vroeg de inspectie in 2008 te onderzoeken of er verschil is  tussen de patientveiligheid in ziekenhuizen tijdens kantooruren enerzijds en de avond-, nacht- en weekenduren (ANW-uren) anderzijds. Directe aanleiding daarvoor waren signalen vanuit de verloskunde dat er in het ziekenhuis buiten kantoortijden meer baby’s rond de geboorte zouden  overlijden  en dat dat mogelijk  het gevolg zou zijn van personele  onder bezetting.

Om een eventueel verschil in patientveiligheid aan te tonen, deed de inspectie onderzoek in drie verschillende zorgketens: herseninfarct, heupfractuur en tweedelijns bevallingen. De inspectie keek in de drie ketens naar verschillen in sterfte tijdens kantoortijden en de ANW-uren. Ook onderzocht zij of er verschil is in de factoren die van invloed zijn op de patientveiligheid tijdens en buiten kantooruren.

Sterfte
Het onderzoek naar sterfte heeft geen nieuwe inzichten opgeleverd. De  Nederlandse cijfers komen overeen met cijfers uit internationaal onderzoek en geven een gedifferentieerd beeld. Bij patienten met een herseninfarct werd een verhoogde sterfte in het weekend, de nacht en in de vroege ochtend gevonden. Hierbij is echter geen rekening gehouden met de ernst van het herseninfarct. Patienten met een heupfractuur hebben juist een verlaagde kans op sterfte als zij in de avond zijn opgenomen, verder is er geen verschil. In de verloskunde is in de avond en nacht een verhoogde  perinatale sterfte te zien bij de groep zwangeren onder behandeling bij de gynaecoloog. Dat verschil is er weer niet in het weekend. Een oorzakelijk verband tussen sterfte (en calamiteiten) en tekortkomingen in de zorgverlening kon in dit onderzoek niet worden aangetoond. Om te kunnen achterhalen of dat verband er is zal meer en ander onderzoek nodig zijn.

Risico’s patientveiligheid
Uit het onderzoek naar de factoren die van invloed zijn op de patientveiligheid en uit het calamiteitenonderzoek komt naar voren dat de risico’s in de  avond-, nacht- en weekenduren voor alle acute zorg situaties feitelijk van gelijke aard zijn. De risico’s ontstaan met name als gevolg van het onvoldoende beschikbaar zijn  van voldoende gekwalificeerd personeel bij piekdrukte en in situaties waarin onverwacht specifieke deskundigheid is vereist. De mate waarin geïmproviseerd kan worden met personeel om toch aan een  onverwachte grotere zorgvraag te kunnen voldoen is gedurende de avond-, nacht en in het weekend veel kleiner dan tijdens kantooruren  en dat vergroot het risico op onveilige situaties. Met name  in de verloskunde kunnen van het ene op het andere moment  acute veranderingen optreden in de situatie van moeder en kind die vragen om directe bijstelling van het behandelbeleid. Ook ervaren zorgverleners in de avond of nacht soms drempels om de dienstdoende behandelaars te bellen waardoor noodzakelijke beslissingen soms later of te laat worden genomen.

Beter afdekken
Hoewel een oorzakelijk verband tussen sterfte in de ANW-uren en de zorg in die uren niet kon worden aangetoond, heeft de inspectie  tijdens het onderzoek gezien dat de  risico’s in de zieken¬huiszorg tijdens de ANW-uren  beter kunnen en  moeten worden afgedekt. De inspectie roept daarom de gehele ziekenhuissector op zich aan dit rapport te spiegelen. Elk ziekenhuis en elke ziekenhuisafdeling moet zich de vraag stellen in hoeverre de in dit onderzoek gevonden risicofactoren daadwerkelijk aanwezig zijn en of er voldoende aan is gedaan om de patientveiligheid te borgen. Zo moet er onder meer tijdig  extra personeel ingeroepen (kunnen) worden bij onverwachte drukte  en moet een medisch specialist met specifieke deskundigheid voor een complex probleem direct beschikbaar zijn. De hoofdbehandelaar moet bovendien duidelijk vastleggen welke medische behandeling met de patient is overeengekomen  en met wie overlegd moet worden bij complicaties.