Rode Kruis helpt bij vrijlating gijzelaars in Colombia

Het Internationale Comité van het Rode Kruis (ICRC) staat klaar om te helpen bij de vrijlating van tien gijzelaars door het FARC in Colombia. Sommigen worden al veertien jaar vastgehouden. Het ICRC wordt door Colombia erkend als onafhankelijke bemiddelaar en heeft vertrouwelijke gesprekken gevoerd met alle betrokken partijen.

Het is de tweede keer dit jaar dat het ICRC helpt bij de vrijlating van gijzelaars in Colombia. In de eerste maanden van 2012 vroegen het National Liberation Army (ELN), de Revolutionary Armed Forces of Colombia (FARC-EP) en de families van 11 gijzelaars aan de organisatie om de vrijlating te organiseren.
In februari vroeg FARC opnieuw aan het Rode Kruis om te helpen bij de vrijlating van vier soldaten en zes politiemensen. Het ICRC is gesprekken opgestart met alle betrokken partijen en is aan de praktische voorbereidingen van de vrijlating begonnen. Sinds 2008 helpt de Braziliaanse overheid het ICRC bij de vrijlatingen. De hulp van Brazilie wordt door Colombia en het FARC aanvaard. Er worden o.m. twee helikopters van de Braziliaanse overheid gebruikt, die worden bemand door het Braziliaanse leger en die herkenbaar zijn door het ICRC-embleem .
Het ICRC staat ook in voor de veiligheid tijdens de vrijlating. Zo wordt er o.m. op vraag van de organisatie 24 uur lang een staakt-het-vuren afgekondigd in en rond de plaats waar de vrijlating zal plaats vinden.
Een dertigtal medewerkers van het ICRC staat klaar op de luchthaven van Villavicencio (Colombia) waar de gijzelaars zullen aankomen. Het ICRC heeft ook contact gehad met de families van de gijzelaars om hen voor te bereiden op de vrijlating en zal ook nadien de families helpen om het gewone leven met een familielid dat zo lang weg is geweest weer op te nemen.
Achtergrondinformatie
Het ICRC is sinds 1969 actief in Colombia naar aanleiding van het conflict tussen de Colombiaanse overheid en het FARC. De organisatie ijvert voor het respecteren van het Internationaal Humanitair Recht (IHR), bezoekt gevangenen en biedt hulp aan alle getroffenen door het conflict, onder meer door toegang tot de gezondheidszorg mogelijk te maken, noodhulp te bieden en hen bewust te maken van de aanwezigheid van landmijnen.

Het internationaal Humanitair recht wordt op vele vlakken geschonden: er zijn verdwijningen, intimidaties, verplichte verplaatsingen – er zijn 3 miljoen verplaatste personen in het land – en seksueel geweld. Ook het tracingprogramma van het Rode Kruis (dat verdwenen personen opspoort) is in dit opzicht belangrijk. Het Rode Kruis verspreidt informatie over IHR bij alle partijen, documenteert schendingen van het IHR en rapporteert die aan de bevoegde diensten. De organisatie voert ook gesprekken en heeft overleg met de betrokken partijen om de economische, sociale en humanitaire gevolgen van het conflict te beperken. Tot slot zoekt het Rode Kruis niet alleen naar verdwenen mensen maar verdedigt het ook de rechten van de families van vermiste personen.
Door zijn decennialange aanwezigheid in Colombia en dank zij zijn neutrale, onpartijdige en onafhankelijke bijstand aan alle getroffenen ̢ dit in overeenstemming met zijn rol als neutrale tussenpersoon zoals voorzien in de Conventies van Gen̬ve Рheeft het Rode Kruis niet enkel een mandaat, maar geniet de organisatie ook in de praktijk het vertrouwen van alle betrokken partijen om deze rol op te nemen bij de vrijlating van gevangenen.

bron: Rode Kruis Vlaanderen