CDA wil track and trace voor lichaamsimplantaten

Het CDA is blij met de toezegging van minister Schippers (VWS) om een werkgroep te starten die onderzoekt hoe lichaamsimplantaten kunnen worden geregistreerd. Al afgelopen najaar vroeg het CDA om zo’n registratie en codering. CDA-kamerlid Margreeth Smilde: ‘Het is toch eigenlijk te gek dat we bij implantaten niet registreren wat voor materiaal we bij welke patient in het lichaam plaatsen’ Dat geldt voor de nu omstreden PIP-borstimplantaten, maar evengoed voor pacemakers en kunstknieen. Wanneer er nu, achteraf, geconstateerd wordt dat er aan het materiaal iets niet deugt, is er geen manier om te achterhalen bij wie die implantaten geplaatst zijn.’ Smilde noemt het onbegrijpelijk dat er rondom implantaten nauwelijks registratie is, terwijl de regels voor medicijnen zoveel strenger zijn. ‘Terwijl het toch beiden middelen zijn die we in een lichaam brengen, en die mogelijk schadelijk kunnen zijn.’

Vandaag spreekt de Kamer met minister Schippers over de PIP-implantaten. Deze borstimplantaten bleken onveilig en kunnen de draagsters ervan ernstig letsel toebrengen. Smilde: ‘Het is afschuwelijk voor deze vrouwen om niet te weten of zij misschien ook deze implantaten dragen, terwijl telkens weer wordt stil gestaan bij de gevaren ervan. Een barcodering voor alle hulpmiddelen kan er in de toekomst voor zorgen dat in dit soort zaken de betrokken patienten snel teruggevonden worden.’

Smilde spreekt haar waardering uit voor zorgverzekeraars die hun maatschappelijke rol nemen door het verwijderen van de oude en plaatsen van nieuwe implantaten voor hun rekening te nemen. Ze steunt de minister bovendien, die in Europa de Richtlijn medische hulpmiddelen wil aanscherpen. ‘Er is nu onduidelijkheid over of het CE-keurmerk voor borstimplantaten voldoet. Dat is zeer ernstig, zo’n keurmerk mag niet ter discussie staan. Goed dat de minister dit in breed verband wil aanpakken.’

bron: CDA