Albert Schweitzer ziekenhuis test ‘meetplankje’ onder matras in het streven naar nog meer veiligheid

0
627

Met een unieke proef gaat het Albert Schweitzer ziekenhuis in Dordrecht bekijken hoe de veiligheid van opgenomen patienten nog verder omhoog kan. Op verpleegafdeling A2 worden alle opgenomen patienten vanaf deze maand een jaar lang ‘contactloos bewaakt’, zolang zij in bed liggen. Dit gebeurt met een plat meetinstrument onder de matras (merknaam: EarlySense EverOn). Het registreert de ademhalingsfrequentie, hartslag en bewegingen van het lichaam.

De (niet voelbare) plaat is verbonden met een kleine monitor boven het bed. Als er waarden worden bereikt die kunnen duiden op een naderende verslechtering van de toestand van de patient, krijgt de verpleegkundige een seintje op een draagbare zoemer/ontvanger. De (mogelijk) alarmerende metingen worden voor de zekerheid handmatig herhaald. Daarna kan worden besloten of de patient inderdaad extra aandacht of behandeling nodig heeft van een arts of van Intensive Care-personeel.

De apparatuur is tot dusverre klinisch getest in de VS en Israel. Niet eerder is de doeltreffendheid zo grootschalig onderzocht als nu in Dordrecht. Hoogleraar Patientveiligheid prof. dr. Cordula Wagner (VUMC Amsterdam) is bij de proef betrokken. In 2011 won het Albert Schweitzer ziekenhuis de Nationale Patientveiligheid Award, onder meer omdat het er structureel in is geslaagd heel vroeg de signalen te zien die erop kunnen duiden dat een patient plots achteruit gaat. Hierdoor kunnen deze patienten eerder naar de Intensive Care. Het aantal reanimaties op verpleegafdelingen daalde aanzienlijk. “Contactloos bewaken is een logische, volgende stap op de ingeslagen weg”, aldus Ralph So, IC-arts en medisch manager Veiligheid. Het onderzoek is goedgekeurd door de Medisch-Ethische Toetsingscommissie van het Albert Schweitzer ziekenhuis. Patienten worden vooraf geïnformeerd.

So legt uit: “Wanneer het ineens slechter gaat met een patient, zijn vaak toch al twaalf uur subtiele signalen waarneembaar geweest aan het lichaam. Het opmerken van die voortekenen is mensenwerk. Wij hebben onze verpleegkundigen heel goed getraind om deze signalen te zien, te herkennen en actie te ondernemen. Maar de uren tussen de metingen in – en de momenten dat er een tijdje geen verpleegkundige aan het bed staat – blijven relatief ‘zwakke’ plekken in dat systeem. Met deze proef introduceren we eigenlijk een extra paar ogen en oren, die continu op de patient gericht blijven.”

Het doel is: nog eerder ‘voorspellen’ dat het slechter kan gaan met een patient. Bij de proef zijn twee vergelijkbare verpleegafdelingen betrokken: A2 en B2 op de locatie Dordwijk, allebei algemeen chirurgische afdelingen. Op A2 is de apparatuur geïnstalleerd bij 30 bedden. Deze wordt op 18 juni in werking gesteld. Op B2 komt de apparatuur niet. Na een jaar worden beide afdelingen vergeleken. Op A2 en B2 hebben verpleegkundigen dezelfde kennis en protocollen over de ‘vitaal bedreigde’ (erg zieke) patient, dus het vertrekpunt is identiek. So: “We zijn benieuwd of we het aantal ongeplande IC-opnames vanaf A2 zullen zien dalen en patienten van A2 minder ziek op de IC zien binnenkomen.”

So: “We bieden een extra hulpmiddel aan het verpleegkundig team van A2, maar we weten nog niet in hoeverre dit bijdraagt aan meer patientveiligheid. Het is dus te vroeg om het op alle afdelingen in te zetten. Maar als het werkt zoals wij hopen, voorzie ik een grote toekomst voor deze techniek. Elk middel dat de zorg veiliger kan maken, moeten we aangrijpen.” Naast de EverOn, blijft de patientenzorg ongewijzigd. De apparatuur kan nooit persoonlijke aandacht voor de patient vervangen.

Bron: ASZ