65.000e hartoperatie St. Antonius Ziekenhuis

hart pngOp woensdag 16 januari is de 65.000e hartoperatie in het St. Antonius Ziekenhuis Utrecht/Nieuwegein uitgevoerd. Geen enkel Nederlands ziekenhuis heeft zoveel hartingrepen uitgevoerd. Hartchirurgie wordt al 65 jaar in het St. Antonius uitgevoerd. De eerste 11 gesloten hartoperaties vonden plaats in 1948. Met de komst van de hart-longmachine zijn met de jaren ook complexere langdurige openhartoperaties mogelijk en staat de huidige teller op ruim 2000 hartoperaties per jaar.

Multidisciplinair hartteam
Het hartteam van het St. Antonius Ziekenhuis bestaat uit een multidisciplinair team van hartchirurgen, cardiologen,anesthesiologen, en perfusionisten – die tijdens de openhartoperatie de hart-longmachine bedienen. Hartoperaties zijn met de jaren steeds veiliger geworden, de kans op overlijden is tegenwoordig klein. Per dag vinden er in het St. Antonius Ziekenhuis gemiddeld tien hartoperaties plaats die ongeveer 4 tot 5 uur in beslag nemen. Vanuit heel Nederland worden hartpatiënten naar het St. Antonius voor complexere ingrepen doorverwezen vanwege de jarenlange expertise binnen het hartteam. De hersteltijd van een hartoperatie is beduidend korter geworden en operatietechnieken hebben een vogelvlucht genomen. ‘Tegenwoordig zijn al veel hartoperaties minder ingrijpend en kan veelal met een hele kleine incisie in de borstkas een bepaalde klepoperatie al worden uitgevoerd. Dat is minder belastend voor de patiënt. Ook mensen op hogere leeftijd kunnen nog uitstekend geholpen worden. In de beginjaren van de hartchirurgie in de jaren vijftig was dat niet mogelijk. Destijds waren de risico’s te groot’, zegt Dr. Robin Heijmen, hartchirurg in het St. Antonius Ziekenhuis.

Pionieren
De eerste gesloten hartoperatie vond in 1948 plaats in het Utrechtse St. Antonius Ziekenhuis. Toen werd het hart niet open gemaakt, maar werd er door de chirurgen rondom het kloppende hart geopereerd. Dit noemden ze ‘circling before landing’. Halverwege de jaren vijftig werd een openhartoperatie mogelijk, Daarbij werd een patiënt in een ijsbad gelegd om het lichaam sterk te koelen. Onder diepe koeling verbruiken de hersenen minder zuurstof en zodoende kon de bloedcirculatie een paar minuten onderbroken worden. Oud cardioloog Frans Slooff blikt terug: ‘Ze hadden acht minuten de tijd om het hart open te maken en bijvoorbeeld een klein gaatje in het tussenschot van de voorkamers dicht te maken. Na de ingreep werd de borstkas van de patiënt weer dicht gemaakt en werd de patiënt in een warm bad gelegd tot het lichaam weer op de normale temperatuur was’.

Hart-longmachine
Met de komst van de hart-longmachine kon de functie van het hart voor langere duur worden overgenomen, en werden meer complexe ingrepen in het hart mogelijk. Op 8 januari 1959 werd de hart-longmachine voor het eerst in het St. Antonius Ziekenhuis toegepast.
Ondanks de complicaties die er bij de eerste operaties met de hart-longmachine kwamen kijken, waren de wachtlijsten voor hartoperaties lang. In 1967 bedroeg die wachtlijst zelfs een jaar. Ook was er veel bloed van donoren nodig. Medewerkers van het ziekenhuis gaven vrijwillig bloed en soms namen patiënten hun eigen familieleden mee als bloeddonor. Eind jaren zestig vonden er dagelijks hartoperaties plaats en konden ook andere hartafwijkingen, bypassoperaties en ingewikkelde verrichtingen aan de lichaamslagader worden uitgevoerd. In 1970 werden er 176 openhartoperaties uitgevoerd en gold het St. Antonius al als het grootste hartcentrum van Nederland. In 1974 was dat aantal toegenomen tot 557 operaties. Zo bleef het aantal openhartoperaties stijgen tot 1117 in 1980 en ruim 2000 in 2012.

bron: St. Antonius Ziekenhuis