Promotie: Dyslexie in familie zorgt voor tien keer zo grote kans op dyslexie

Kinderen met dyslexie in de familie hebben een tien keer zo grote kans om dyslectisch te worden dan kinderen zonder dyslexie in de familie
Kinderen met een familiair risico op dyslexie en bij wie het later werd vastgesteld, scoorden als kleuter zwak op taal en voorschoolse vaardigheden. De risicokinderen die geen dyslexie ontwikkelden, vertoonden op sommige vaardigheden milde tekorten.

Elsje van Bergen laat in haar onderzoek zien dat dyslexie niet een alles-of-niets-conditie is, maar dat het risico op het ontwikkelen ervan continu verdeeld is. De leesvaardigheden van ouders bleken bovendien indicatief voor het risico dat kinderen lopen. Hoe zwakker de ouder, des te groter de kans voor het kind om dyslectisch te worden.

promotieIn het onderzoek werden kinderen met en zonder familiair risico vanaf de geboorte 9 jaar lang gevolgd. Nadat ze een paar jaar leesonderwijs hadden gehad, kon worden vastgesteld welke risicokinderen dyslexie hadden ontwikkeld.

Mw. E. van Bergen: Who will develop dyslexia? Cognitive precursors in parents and children. Promotoren zijn dhr. prof. dr. P.F. de Jong en dhr. prof. dr. D.A.V. van der Leij. Co-promotor is dhr. prof. dr. F.J. Oort.

Promotie
14 feb 2013 14:00

* Agnietenkapel

Oudezijds Voorburgwal 229 – 231 | 1012 EZ Amsterdam

(020) 525 2362

Deelname

Toegang vrij

Gepubliceerd door UvA Persvoorlichting