HPV-thuistest even effectief als uitstrijkje

afb2 Afbeelding 1: Laaggradige afwijking (alleen onderste laag biopt is gekleurd)

 

Een test waarbij vrouwen zelf thuis cellen uit de vagina kunnen afnemen en naar het laboratorium opsturen voor onderzoek op aanwezigheid van HPV, werkt net zo goed om voorstadia van baarmoederhalskanker op te sporen als een uitstrijkje dat bij de huisarts wordt gemaakt. “Hierdoor zullen vrouwen die nu niet deelnemen aan het bevolkingsonderzoek baarmoederhals- kanker dat in de toekomst wellicht wel doen”, aldus Maaike Dijkstra van VUmc. Door betere selectie hoeven sommige vrouwen bovendien maar eens in de tien in plaats van vijf jaar te worden onderzocht. Dijkstra promoveert op 19 mei bij VU medisch centrum.

Alle vrouwen tussen de 30 en 60 jaar ontvangen iedere vijf jaar een uitnodiging om deel te nemen aan het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker. Deze ziekte is met wereldwijd een half miljoen nieuwe gevallen per jaar een van de meest voorkomende soorten kanker. Bij de deelnemers wordt een uitstrijkje gemaakt dat vervolgens wordt onderzocht op voorstadia van baarmoederhals- kanker. Deze worden veroorzaakt door bepaalde typen van het humaan papillomavirus, hoog-risico HP (hrHPV), die gedurende meer dan tien jaar kunnen leiden tot baarmoederhalskanker. VUmc-promovenda Maaike Dijkstra onderzocht hoe HPV-tests kunnen worden gebruikt in het bevolkingsonderzoek baarmoederhalskanker.

Thuistest
Ongeveer twee derde van de vrouwen neemt deel aan het bevolkingsonderzoek. Aangezien 55% van de gevallen van baarmoederhalskanker worden vastgesteld bij niet-deelnemers is het belangrijk om de deelname te vergroten. Dijkstra onderzocht daarom de effectiviteit van een HPV-thuistest. “Vrouwen die geen uitstrijkje willen laten maken bij hun huisarts kunnen hiermee zelf cellen uit de vagina en baarmoedermond verzamelen en dit opsturen voor onderzoek op aanwezigheid van hrHPV”, aldus de promovenda. Uit het onderzoek blijkt dat de gevoeligheid om voorstadia op te sporen  van de thuistests vergelijkbaar zijn met die van de reguliere uitstrijkjes. Dijkstra: “De thuistest kan dus worden opgenomen in het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker als middel om vrouwen op te sporen die risico lopen.”

Minder vaak onderzoeken
Dijkstra concludeert bovendien dat vrouwen van boven de veertig die negatief testen op hrHPV pas tien jaar later, in plaats van vijf jaar, opnieuw hoeven te worden onderzocht. “Uit een analyse van data van de afgelopen vijftien jaar blijkt dat deze vrouwen een zeer laag risico hebben om baarmoederhalskanker te ontwikkelen”, aldus Dijkstra.

Risico inschatten
Slechts een minderheid van de vrouwen die hrHPV-positief testen krijgt ook daadwerkelijk baarmoederhalskanker. “Door zogenaamde immunokleuring te gebruiken bij beoordeling van weefsel van deze vrouwen is het mogelijk om vrouwen met een hoog risico te onderscheiden van vrouwen met een laag risico en kan overbehandeling worden voorkomen”, aldus de VUmc-onderzoeker. Echter, de kans dat hrHPV-positieve vrouwen met een laag risico op het ontwikkelen van baarmoederhalskanker tóch de ziekte krijgen blijkt te groot om ook hen pas tien jaar later opnieuw te onderzoeken. Dijkstra: “In de toekomst kan dit wellicht wel als het onderscheid tussen vrouwen met een hoog risico en vrouwen met een laag risico nog beter kan worden gemaakt bijvoorbeeld door middel van zogenaamde moleculaire markers.”

Afbeelding 2: Hooggradige afwijking (volledige breedte van biopt is bruin/rood gekleurd). Met de kleuring is het verschil goed te zien.