Malariageneesmiddel chloroquine belemmert tumorgroei en uitzaaiingen

0
513

Het antikankereffect van het malariageneesmiddel chloroquine – in combinatie met conventionele chemotherapie – is intussen goed bekend bij proefdiermodellen. Tot dusver werd aangenomen dat chloroquine de gevoeligheid van kankercellen voor chemotherapie verhoogt door rechtstreeks op de kankercellen in te werken. Een recente studie van onderzoekers van het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) en KU Leuven toont echter aan dat chloroquine ook de abnormale bloedvaten in tumoren normaliseert. Dat leidt tot een verhoogde barrièrefunctie, waardoor de kankercellen minder uitzaaien. Bovendien resulteert het ook in een hogere tumordoorbloeding, wat de respons op chemotherapie verhoogt.

geneesmiddelonderzoekChloroquine is een welgekend geneesmiddel met een goed veiligheidsprofiel dat al sinds de Tweede Wereldoorlog gebruikt wordt voor de behandeling van malaria en bepaalde auto-immuunziektes, zoals reumatoïde artritis. Recent wordt chloroquine ook gebruikt in antikankertherapie. Het middel blokkeert autofagie, een proces dat kankercellen gebruiken om antikankertherapieën te overleven. Het blokkeren van autofagie zou dus de resistentie van kankercellen aan chemotherapie tenietdoen.

Normalisering van abnormale tumorbloedvaten

Hannelore Maes uit het team van Patrizia Agostinis (KU Leuven) en Anna Kuchnio uit het team van Peter Carmeliet (VIB-KU Leuven) startten een studie om te verklaren hoe chloroquine het effect van antikankertherapie kan versterken.

Patrizia Agostinis: “Hoewel aangenomen wordt dat chloroquine de antikankertherapie versterkt door het blokkeren van autofagie, is er weinig in vivo bewijs dat dit de enige manier is waarop chloroquine werkt. In dit onderzoek stelden we vast dat chloroquine niet alleen een effect heeft op de groei van de kankercellen, maar ook het tumormilieu minder agressief maakt door de abnormale bloedvaten in de tumor te normaliseren.”

Peter Carmeliet: “Bloedvatnormalisatie leidt tot een verbeterde doorbloeding van de tumor. Bijgevolg vermindert het agressieve karakter van de kankercellen en kunnen antikankergeneesmiddelen de kankercellen beter bereiken. En werkt de chemotherapie dus ook beter. Daarenboven verhoogt bloedvatnormalisatie ook de barrièrefunctie van de bloedvaten, wat de toegang van kankercellen tot de bloedcirculatie vermindert – en dat is het belangrijkste transportsysteem voor uitzaaiing van kankercellen naar andere weefsels. Chloroquine kan dus ook de uitzaaiing van kankercellen in de kiem smoren, wat de belangrijkste therapeutische piste is bij elke tumorbehandeling.”

Impact op gebruik
Deze studie levert nieuwe inzichten voor het gebruik van chloroquine in antikankertherapie. Met het oog op klinische studies – testen bij mensen – is het belangrijk op te merken dat de effecten op de tumorvasculatuur al werden waargenomen bij concentraties chloroquine die weinig effect hadden op autofagie in de kankercellen. Dat werpt een nieuw licht op het therapeutisch schema voor combinatietherapie met chloroquine, dat zou kunnen resulteren in verminderde toxiciteit. Hetzelfde ‘oude’ geneesmiddel pakt dus tegelijkertijd de kankercellen zelf en de bloedvaten efficiënt aan.

Vragen over dit onderzoek? Mail naar patienteninfo@vib.be.

Het onderzoek verschijnt in het toonaangevende tijdschrift Cancer Cell (Maes and Huchnio et al., Tumor Vessel Normalization by chloroquine independent of autophagy)

Bron: KU Leuven