Zorgverzekeraars krijgen veel kritiek. Hoe zit dat bij de buren?

Zorgverzekeraars zitten in het verdomhoekje. Ze hebben een slecht imago en de druk uit de politiek neemt toe. Is al deze kritiek terecht? En wat kunnen ze leren van hun collega’s in Duitsland, Engeland en België?

Bureaucratie en onzekerheid

Nederlandse Zorgverzekeraars hebben een slechte reputatie. Ze hanteren allerlei eigen regels voor betaling van de zorg. Daarom zijn professionals soms wel 25% van hun tijd bezig met het invullen van formulieren hiervoor.

Het Roer moet om volgens de huisartsen. Ook ziekenhuizen hebben kritiek: Zij verkeren jaarlijks in onzekerheid of zorgverzekeraars nog zorg blijven inkopen, terwijl ze zelf voor meerdere jaren experts moeten aantrekken en apparatuur moeten aanschaffen. Sommige politieke partijen gaan zelfs zo ver dat ze de zorgverzekeraars willen afschaffen, of ombouwen tot uitvoeringsorganisaties.

Chronische zorg

De grootste problemen rond de zorgverzekeraars komen naar voren bij de chronische zorg; de belangrijkste veroorzaker van de kostenstijging in de gezondheidszorg. Over het gebrek aan beleid hiervoor schreef Guus Schrijvers al eerder een bericht op zijn website.

Zondebok

Het is van belang dat reputaties gecheckt worden door de feiten. In dit geval gaat het om de vraag: ligt het ongenoegen over zorgverzekeraars bij vakbladen, beroepsorganisaties, massamedia en politieke partijen nu echt aan het gedrag van eerstgenoemden? Of zijn zorgverzekeraars slechts de boodschapper van het slechte nieuws? Met andere woorden: is Nederland niet gewend aan schaarste in de zorg en geven we de schuld daarvan aan de zorgverzekeraars? Is de zorgverzekeraar de te offeren zondebok?

Congres

Om deze vragen te beantwoorden treden op het chronische zorgcongres op woensdag 14 december in Utrecht, twee sprekers op met een verhaal over de Belgische ziekenfondsen en de Duitse Krankenkassen. Zij geven aan wat de reputatie van zorgverzekeraars is in België en Duitsland. Ook vertellen zij aan wat zij daar voor beleid hebben om de kosten van de (chronische) zorg om te buigen. Beiden spreken Nederlands en zijn goed op de hoogte van de Nederlandse situatie.

De Belgische spreker is de arts Ri de Ridder, directeur-generaal van het Belgische College van Zorgverzekeringen. De Duitse spreker is Evert Jan van Lente, die thans ambassadeur is van de Duitse zorgverzekeraar AOK bij de Europese instellingen in Brussel. Deze zorgverzekeraar werkt voor 25 miljoen (!) verzekerden.

Clinical Commissioning Groups

Om het plaatje compleet te maken komt ook een Engelsman spreken op het congres over het optreden van Clinical Commissioning Groups (CCG’s). De betalende NHS-instanties hebben deze CCG’s ingesteld om namens hen zorg in te kopen in de eerste- en de tweede lijn. Deze groepen bestaan uit ervaren, onafhankelijk huisartsen, specialisten en andere professionals met verstand van zaken. Zij kopen kritisch in en hebben veel aandacht voor mensen met chronische aandoeningen. Wat is de reputatie van deze Engelse zorginkopers? Worden ook zij gebasht? De spreker is Dr Nick Goodwin. Hij is CEO van de International Foundation of Integrated Care. Ook hij kent de Nederlandse zorg goed en zal daarom met gerichte tips en adviezen komen.

Debat

Aan het einde van het chronische zorgcongres vindt een debat plaats waarin de inkopende rol van Nederlandse zorgverzekeraars wordt vergeleken met die in de buurlanden. Wie wil weten welke kritiek op de marktwerking en zorgverzekeraars terecht is en welke niet, komt naar dit congres. Klik hier voor meer informatie en aanmelding.

Guus Schrijvers

Vorig artikelNieuwe ontdekking wijst weg naar behandeling neurodegeneratieve ziekten
Volgend artikelTekortkomingen in technische documentatie van zowel oude als nieuwe bloedglucosemeters
Guus Schrijvers (getrouwd met Els Zwaan, drie kinderen) werd op 24 juni 1949 geboren in Amsterdam als zesde kind in een katholiek onderwijzersgezin. Na het gymnasium B diploma behaald te hebben(1967) ging hij in Amsterdam economie studeren. Hij studeerde cum laude af (1973) bij prof. Wim Duisenberg op de na-oorlogse conjunctuurgolven en bij prof. Joop Hattinga Verschure op zelfzorgafdelingen in ziekenhuizen. In 1980 promoveerde hij in Maastricht op het onderwerp regionalisatie en financiering van de Engelse, Zweedse en Nederlandse gezondheidszorg. Een stelling uit zijn proefschrift werd zijn levensmotto: wie de kleine structuren niet eert, maakt de grote structuren verkeerd. Hij promoveerde bij de grondlegger van de Nederlandse gezondheidseconomie prof. Lou Groot en bij genoemde Hattinga Verschure. Van 1974 -1984 was Schrijvers lid van de Gemeenteraad van Utrecht voor de Partij van de Arbeid. Hij ‘deed’ daar portefeuilles zoals Volksgezondheid, Welzijn, Cultuur en Financiën. Op 1 juni 1987 werd Schrijvers samen met prof. Joop van Londen hoogleraar Public Health bij de Medische Faculteit Utrecht. Dat betekende voor hem een switch van macro onderwerpen zoals de inrichting van het verzekeringsstelsel naar kleinschalige projecten zoals educatie van diabetespatiënten. Uit een interview uit 1987 komt het citaat: ‘als de faculteit mij vraagt voor deze leerstoel, wil ik wat betekenen voor de faculteit. Dan geef ik de macro-onderwerpen op.’ Samen met Van Londen richtte hij zich in 1987 op innovaties in de thuiszorg en op ketenzorg bij chronische zieken. Later zou het die activiteiten onder de vlag disease management bundelen. Tien jaar kwam de belangstelling voor ketens in de spoedzorg erbij. Zijn kennis op dit terrein bundelde hij in het boek Moderne Patiëntenzorg in Nederland, dat hij in 2002 samen met de plaatsvervangend hoofdinspecteur drs. Nico Oudendijk voor de gezondheidszorg schreef. Vanaf het eerste begin had het bevorderen van het onderwijs in de Sociale Geneeskunde en de Volksgezondheid zijn grote aandacht. Toen Van Londen en hij begonnen was er helemaal niets op dit terrein. Schrijvers: ‘Een grote triomf ervoer ik op 2 april 1994 toen na zeven jaar trekken en duwen de eerste medische studenten bij een GGD en een Arbodienst een verplicht co-schap Sociale Geneeskunde liepen.’ In 1999 kwam een nieuw curriculum voor de medische studenten tot stand. Tropenjaren volgden tot 2006 voor hem en zijn collega dr. Gerdien de Weert om alle uitbreidingen van het sociaal geneeskundige onderwijs bij te benen. Zijn collegestof bundelde hij in 1997 en na verschillende drukken in 2002 in het boek Een kathedraal van Zorg en in de Engelse variant daarvan Health and Health Care in the Netherlands. Per 1 juli 2007 gaan de onderzoeksactiviteiten van Schrijvers over in de Unit Innovaties in de Zorg binnen het Julius Centrum, dat hij in 1996 met collega prof. Rick Grobbee oprichtte. Zijn aandacht blijft liggen bij Disease Management en Spoedzorg. Schrijvers: ‘Ik begrijp nog steeds niet helemaal hoe die kleine structuren binnen Disease management en spoedzorg precies functioneren. Er is tegenwoordig ook veel uitwisseling met collega’s in Noord Amerika en elders in Europa. Dat verrijkt het inzicht in hoge mate. Elk land is op dit terrein een laboratorium voor een ander land..Voorlopig heb ik mijn handen vol aan de nieuwe Unit. Toch zou ik nog twee boeken willen schrijven.Het ene krijgt als titel, De gemoderniseerde kathedraal van zorg. Het tweede boek moet gaan over ondernemersschap en gelijke toegang tot de zorg. Beide zijn belangrijk maar o zo moeilijk te combineren. Hierbij zou ik de kennis van macro econoom weer kunnen gebruiken.’ Als oud hoogleraar Public Health en gezondheidseconoom bij het UMC Utrecht. geeft hij met zijn nieuwe boek ‘Zorginnovatie volgens het Cappuccinomodel.’ zijn visie hoe de gezondheidszorg eruit zou kunnen zien in een maatschappij met schaarste aan zorg. Het boek is bestemd voor het middenkader van zorgorganisaties. Naast schrijver van boeken en artikelen over de gezondheidszorg is Guus lid van enkele stuurgroepen en begeleidingscommissies en geef ik lezingen en workshops. Guus Schrijvers is voor voordrachten, dagvoorzitterschappen, interviews en onderzoeksopdrachten te bereiken via mail@schrijvers.nl en telefonische via zijn secretaresse Annet Esser op telefoonnummer 030 250 9359.