Contactloos en efficiënt monitoren van vroeg geboren baby’s

Elk jaar worden er bijna 15 miljoen baby’s te vroeg geboren die zorg nodig hebben op een neonatale intensive care unit (NICU). Moderne NICU’s hebben enorme vooruitgang geboekt wat betreft de toepassing van technologie. Toch valt er nog steeds veel te doen op het gebied van veiligheid, betrouwbaarheid en comfort. Rohan Joshi, promovendus aan de Technische Universiteit Eindhoven, ontwikkelde in samenwerking met Máxima MC algoritmen om beter de prioriteit vast te stellen in het grote aantal alarmmeldingen op NICU’s. Ook ontwierp hij algoritmen die de voordelen van huid-op-huid contact tussen vroeg geboren baby’s en hun ouders in kaart brengen. Tenslotte implementeerde hij een contactloze sensor die de ademhaling en bewegingen van vroeg geboren baby’s kan monitoren en het risico op ernstige infecties kan voorspellen. Op 30 augustus verdedigt Joshi zijn proefschrift.

Unieke zorg

Vroeg geboren baby’s zijn bijzondere patiënten die unieke zorg nodig hebben. Sommige baby’s worden geboren na slechts zes maanden, wegen niet meer dan 500 gram en hebben ernstig onderontwikkelde organen. Deze baby’s liggen een aantal weken of zelfs maanden op neonatale intensive care units (NICU) in couveuses in een warmtegereguleerde omgeving. In de couveuses worden de onvoldoende ontwikkelde longen van de baby’s ondersteund met ventilatoren en wordt de ademhaling, samen met andere vitale functies, constant gemonitord zodat artsen tijdig gealarmeerd kunnen worden in geval van nood.  

Alarmmoeheid

Op een moderne NICU kan het alarm wel een paar honderd keer per dag afgaan. De overgrote meerderheid van deze alarmmeldingen vereist geen medisch ingrijpen, wat resulteert in een fenomeen dat bekend staat als ‘alarmmoeheid’. Alarmmoeheid kan. ertoe leiden dat medisch personeel minder alert reageert op mogelijk belangrijke alarmmeldingen, waardoor de veiligheid van baby’s in gevaar komt.                                                                                     

Verschillende strategieën

Rohan Joshi ontwikkelde, onder eindverantwoording van hoogleraar prof. Loe Feijs en vooraanstaand professor Sabine Van Huffel, verschillende strategieën waarmee het grote aantal alarmmeldingen op een NICU kan worden teruggebracht en medisch ingrijpen bij de overgebleven alarmmeldingen mogelijk blijft. Onder directe supervisie en in nauwe samenwerking met zijn twee co-promotoren dr. Andriessen en dr. Ir van Pul van Máxima MC in Veldhoven analyseerde Joshi monitorsignalen van patiënten en hij vond, met behulp van machine learning algoritmes, manieren om de minder ernstige alarmmeldingen bij laag hartritme en laag zuurstofgehalte te elimineren, terwijl de kritieke alarmmeldingen juist eerder afgaan. Dit is zeer belangrijk voor Máxima MC, dat groot belang hecht aan family centered care en waar een rustige omgeving noodzakelijk is voor de optimale zorg voor ernstig zieke pasgeborenen. Door het totaal aantal alarmmeldingen terug te dringen en een groot aantal kritische alarmmeldingen tot zo’n 20 seconden eerder te laten afgaan, kan alarmmoeheid drastisch worden teruggebracht en kan medisch personeel tijdig reageren in kritische gevallen.

Comfortabel en contactloos monitoren

Het monitoren van vitale functies op NICU’s is niet altijd comfortabel voor baby’s. Zo moeten er bijvoorbeeld voor het monitoren van de ademhaling klevende elektroden op hun gevoelige huid worden aangebracht. Ter verbetering van het comfort van baby’s ontwikkelde Joshi een alternatief, contactloos monitorsysteem dat gebruik maakt van een folie-achtige druksensor die geplaatst kan worden in het matras van de couveuse. Om die sensor te testen, zette Joshi een klinische studie op in Máxima MC, onder begeleiding van klinisch fysicus Carola van Pul en neonatoloog Peter Andriessen.

Het onderzoek wees uit dat de sensor net zo betrouwbaar is als standaard elektroden in het monitoren van de ademhaling van vroeg geboren baby’s. Ook bleek de sensor, anders dan standaard elektroden, gebruikt te kunnen worden om een ernstig gebrek aan beweging te monitoren, wat een vroeg waarschuwingsteken van levensbedreigende infecties (sepsis) kan zijn, of om het type apneu te detecteren dat vaak voorkomt bij vroeggeboorte. Dit vroeg opsporen van sepsis is van essentieel belang voor een directe behandeling met antibiotica en kan het leven van een baby redden. Bovendien vergemakkelijkt het maken van een onderscheid tussen centrale en obstructieve apneu de keuze voor de juiste behandeling.

Bron: Máxima MC

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.