Pijn bij dementie

0
694

Er is onderzoek uitgevoerd naar de aanwezigheid en ervaring van pijn bij ouderen met een dementie en ouderen zonder dementie.

In 2014 hebben de onderzoekers een systematische review uitgevoerd (Hoofdstuk 2) om te bepalen wat er bekend is over de prevalentie van pijn bij ouderen die lijden aan een van vijf meest voorkomende vormen van dementie: ziekte van Alzheimer (AD), vasculaire dementie (VaD), gemengde dementie (MD), frontotemporale dementie (FTD), of dementie met Lewy bodies (DLB). Er zijn tien studies gevonden die voldeden aan onze inclusiecriteria. De meeste van deze studies zijn gericht op ouderen met AD. Er zijn er maar weinig die DLB includeerden, er is geen studie gevonden die FTD heeft geïncludeerd. De sample-weighted prevalentie van pijn kon alleen berekend worden voor AD, VaD en MD; AD 45.8% (95% betrouwbaarheidsinterval (BI), BI: 33.4–58.5%), VaD 56.2% (95% BI: 47.7–64.4%) en MD 53.9% (95% BI: 37.4–70.1%). Uit de resultaten van de studie wordt geconcludeerd dat de prevalentie van de drie grootste dementie subtypen niet significant lijken te verschillen en dat er meer onderzoek nodig is om een betrouwbaar prevalentie cijfer te berekenen voor elk van de vijf eerder genoemde subtypen van dementie.

Er is een systematische review uitgevoerd om onderzoeksartikelen te vinden die de pijnervaring van ouderen met een van de vijf meest voorkomende vormen van dementie in kaart hebben gebracht. In overeenkomst met het vorige hoofdstuk ligt de focus van de meeste geïncludeerde studies op AD. Er zijn twaalf studies verzameld die de pijnervaring van ouderen met AD hebben onderzocht, drie die de pijnervaring van ouderen met VaD hebben onderzocht, één die de pijnervaring van ouderen met FTD heeft onderzocht en geen met DLB.

In wordt een onderzoek naar de relatie tussen chronische pijn, depressieve symptomen en cognitief functioneren beschreven. Chronische pijn en depressieve symptomen bleken in eerder onderzoek beide negatief geassocieerd met het cognitieve functioneren in mensen zonder dementie. Onze hypothese is dat wanneer zowel chronische pijn als depressieve symptomen aanwezig zijn dat deze processen elkaar zullen versterken. Dit zou ook voor ouderen zowel met als zonder een dementie zeer ernstige gevolgen kunnen hebben. Om onze hypothese te testen hebben wij gebruik gemaakt van de dataset van de “Nederlandse Studie naar Depressie bij Ouderen (NESDO)”. Uit deze dataset is een groep van 359 personen met een ernstige depressieve stoornis (MDD) en 121 personen zonder een depressie gedestilleerd. Van de verschillende afgenomen cognitieve testen zijn groepen gevormd op basis van de cognitieve domeinen. De cognitieve domeinen, of factoren, die hieruit volgen zijn: episodisch geheugen, informatieverwerkingssnelheid, werkgeheugen en interferentiegevoeligheid. Uit de analyse blijkt dat er geen sprake is van een relatie tussen de cognitieve factoren en chronische pijn. Er is ook geen interactie-effect gevonden tussen chronische pijn en de aanwezigheid van MDD. Er is via “structural equation modeling” echter wel gevonden dat de relatie tussen chronische pijn en interferentiegevoeligheid wordt gemedieerd door depressieve symptomen. Hieruit volgt dat chronische pijn mogelijk de aanwezigheid van depressieve symptomen verergert wat een negatieve invloed heeft op de interferentiegevoeligheid, een belangrijk onderdeel van het executieve functioneren. Aangezien het hier een cross-sectioneel onderzoek betreft is verder onderzoek naar deze relatie wenselijk.

Titel Pain in Dementia

Spreker T.T. Binnekade

Promotor prof.dr. E.J.A. Scherder, prof.dr. R.S.G.M. Perez †, prof.dr. F. Lobbezoo, dr. D. Rhebergen

Meer informatie over het proefschrift

Livestream: https://www.youtube.com/channel/UCnN8TaVYe83472ewz9CH9HA

Bron: VU

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.