Nieuwe studie: Gebrek aan aandacht voor geslacht en gender in klinische studies COVID-19

Publicatie in Nature Communications

Hoewel COVID-19 zich verschillend uit bij mannen en vrouwen, maakt de grote meerderheid van de huidige klinische studies van SARS-CoV-2 en COVID-19 geen melding van geslacht/gender. Sterker nog, slechts een fractie, 4 procent, is expliciet van plan om geslacht en gender in hun analyse te behandelen, concludeert een nieuwe analyse van bijna 4.500 studies. Het artikel is gepubliceerd in Nature Communications.

Tijdens de coronapandemie zien we verschillen tussen mannen en vrouwen. Mannen zijn kwetsbaarder voor een ernstig verloop van COVID-19, meer mannen worden in het ziekenhuis opgenomen, en meer mannen sterven aan de gevolgen van het virus. Waarom dat zo is, weten we nog niet precies. Consequentie kan wel zijn dat mannen en vrouwen verschillende therapieën nodig hebben. Tegelijkertijd is er een verband tussen geslacht en het risico op het oplopen van een infectie, bijvoorbeeld omdat vrouwen vaker werkzaam zijn in de zorg of in andere functies met direct contact met andere mensen. Dit vergroot de kans op blootstelling aan het virus. Bij het doen van onderzoek en maken van beleid, is het van belang om aan beide elementen aandacht te besteden. 

Toch vermeldt slechts een minderheid van de 4.420 geregistreerde klinische studies over COVID-19 geslacht en gender in de studieregistratie, zo blijkt uit een nieuwe analyse die is gepubliceerd in Nature Communications. De studie is uitgevoerd door onderzoekers van het Radboudumc, de Universiteit van Aarhus, de Universiteit van Kopenhagen en de Universiteit van Bielefeld.

Volgens de laatste auteur van het artikel, Sabine Oertelt-Prigione van het Radboudumc en de Universiteit van Bielefeld, is het ontbreken van aandacht voor geslacht en sekse problematisch: “We hebben vanaf het begin gezien dat de ziekte geen identiek beloop heeft voor vrouwen en mannen. De verschillen in ziekenhuisopname en sterftecijfers wijzen daarop. Dit betekent dat onze zorg, zoals medicijnen of andere behandelingen, ook tot verschillende resultaten kunnen leiden.”

Vier procent neemt geslacht en gender op in onderzoek


De onderzoekers keken naar 4.420 COVID-19 studies geregistreerd bij ClinicalTrials.gov, een Amerikaanse database van meer dan 300.000 studies uit 200 landen. In de COVID-19 steekproef, waren 1.659 observationele studies, en 2.475 interventiestudies.

  • 21,2% (935) neemt geslacht mee in het werven van deelnemers
  • 4% (178) is van plan gender/geslacht op te nemen in de resultaten
  • 5,4% (237) geeft aan dat verdeling in geslacht belangrijk is 
  • 2,8% (124) gericht op één geslacht (waarvan 100 vrouwenstudies, vaak gericht op zwangerschap.

Onderzoeken onder tijdsdruk


Een reden voor het uitblijven van gegevens over geslacht en gender kan zijn dat de studies onder hoge tijdsdruk worden uitgevoerd. Sabine Oertelt-Prigione: “Onderzoekers zijn soms bezorgd dat het analyseren van sekseverschillen in een studie meer deelnemers en langere rekruteringstijden zou kunnen betekenen om hun doelstellingen te bereiken. Vooral in de beginfase van de pandemie werkten ze onder grote tijdsdruk.”

Emer Brady, eerste auteur van de studie en werkzaam bij het Deense Centrum voor Studies in Onderzoek en Onderzoeksbeleid aan de Universiteit van Aarhus vult aan: “Wat de tijdsdruk betreft, hoopten we dat naarmate de pandemie vorderde en er meer aandacht kwam voor de verschillen tussen mannen en vrouwen, er meer aandacht zou komen voor geslacht en gender in de studieprotocollen die werden geregistreerd op ClinicalTrials.gov, maar dat bleek niet het geval te zijn. We hebben ook gekeken naar de gepubliceerde trials, waar de aandacht voor sekse en gender groter was, maar nog steeds nam of rapporteerde slechts één op de vijf trials sekse of gender mee in hun analyses.”

Oertelt-Prigione benadrukt het belang van de rol van geslacht en gender in klinisch onderzoek: “We zien steeds vaker dat mannen en vrouwen verschillend reageren op medicijnen. Dit negeren in trials kan later leiden tot ernstige ongewenste bijwerkingen. Door naar geslachtsverschillen te kijken hebben we de infectie beter leren begrijpen en zullen we meer te weten komen over de behandelingsopties. Rekening houden met verschillen in gender en geslacht is een essentiële stap richting meer gepersonaliseerde gezondheidszorg.”

Bron: Radboudumc

Redactie Medicalfacts/ Janine Budding

Ik heb mij gespecialiseerd in interactief nieuws voor zorgverleners, zodat zorgverleners elke dag weer op de hoogte zijn van het nieuws wat voor hen relevant kan zijn. Zowel lekennieuws als nieuws specifiek voor zorgverleners en voorschrijvers. Social Media, Womens Health, Patient advocacy, patient empowerment, personalized medicine & Zorg 2.0 en het sociaal domein zijn voor mij speerpunten om extra aandacht aan te besteden.

Ik studeerde fysiotherapie en Health Care bedrijfskunde. Daarnaast ben ik geregistreerd Onafhankelijk cliëntondersteuner en mantelzorgmakelaar. Ik heb veel ervaring in diverse functies in de zorg, het sociaal domein en medische-, farmaceutische industrie, nationaal en internationaal. En heb brede medische kennis van de meeste specialismen in de zorg. En van de zorgwetten waaruit de zorg wordt geregeld en gefinancierd. Ik ga jaarlijks naar de meeste toonaangevende medisch congressen in Europa en Amerika om mijn kennis up-to-date te houden en bij te blijven op de laatste ontwikkelingen en innovaties. Momenteel studeer ik toegepaste psychologie.

De berichten van mij op deze weblog vormen geen afspiegeling van strategie, beleid of richting van een werkgever noch zijn het werkzaamheden van of voor een opdrachtgever of werkgever.

Recente artikelen