Aanbevelingen voorstudie multidisciplinaire richtlijn dwang en drang

0
295

Het Trimbos instituut heeft een rapport gemaakt naar de multidisciplinaire richtlijn dwang en drang
Trimbos doet in haar rapport verslag van een voorstudie naar de haalbaarheid en wenselijkheid van een multidisciplinaire richtlijn drang en dwang. Aanleiding voor deze studie zijn de ‘Beleidsvoornemens terugdringen van Dwang en Drang’, die de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) aankondigt in een brief aan de Tweede Kamer (Tk vergaderjaar 2008-2009, 30492, nr.34, 19 mei 2009)1
De Minister benadrukt de meerwaarde van een samenhangende aanpak voor een verdere reductie van dwangtoepassingen in de GGZ. Hij benoemt een aantal acties om de toepassing van dwang en drang in de GGZ verder terug te dringen. Hoewel in de Tweede Kamer voorgesteld werd, dat er een norm van 50 procent voor dit jaar zou moeten worden nagestreefd, is het op dit moment niet bekend, of dit streefcijfer ook haalbaar is en niet leidt tot averechtse effecten. Het zou kunnen zijn, dat andere dwangtoepassingen dan toenemen, bijvoorbeeld het toedienen gedwongen medicatie. De beleidsvoornemens van de Minister bevatten meer acties. Op dit moment zijn de GGZ-instellingen bezig met een verbetering van het separatiebeleid, mede omdat er zich een aantal ernstige incidenten heeft voorgedaan. Onder meer nemen GGZ-instellingen deel aan het project dwang en drang van GGZ-Nederland. De Minister heeft ook op 6 november 2009 2 een brief aan de GGZ-instellingen gestuurd om het belang van terugdringing van drang en dwang onder de aandacht brengen. Daarnaast wil de Minister een veldbijeenkomst organiseren, samen met GGZ-Nederland, het Landelijk Platform GGZ (LPGGZ) en de Inspectie Geestelijke Gezondheidzorg (IGZ) waarbij zowel de resultaten meegenomen worden van de projecten dwang en drang, als de aanbevelingen van de IGZ naar aanleiding van hun onderzoek naar eerste dag separaties, zoals neergelegd in het rapport “Voorkomen van separatie van psychiatrische patienten vereist versterking van patientgerichte zorg”3
Tegelijkertijd zijn er ook andere initiatieven gaande om betrokkenen, onder meer clienten, familieleden en hulpverleners, te ondersteunen in hun streven naar verbetering van de praktijk van drang en dwang in de GGZ. GGZ-Nederland is bezig met de ontwikkeling van een high care-benadering voor alle vormen van dwangzorg en de totstandkoming van veldnormen voor verantwoorde dwangzorg. Deze ‘high care’ wordt ontwikkeld onder regie van GGZ-Nederland in samenwerking met het LPGGZ, de IGZ en het Ministerie van VWS. Het gaat hierbij om normen ‘high care’ in de GGZ, een begrip dat nog geen heldere kaders kent en op verschillende manieren wordt geïnterpreteerd. Om een kader te scheppen is daarom ingezet op de ontwikkeling van veldnormen voor deze ‘high care’ in de GGZ. De eerste resultaten (globale normen) zal GGZ Nederland in maart 2010 beschikbaar stellen. Deze normen zijn van belang voor een toekomstige multidisciplinaire richtlijn drang en dwang. (IGZ, 2008).
1 Brief aan de Tweede Kamer over de beleidsvoornemens dwang en drang. TK vergaderjaar 2008-
2009, 30492, nr.34
2 Verslag schriftelijk overleg beleidsvoornemens terugdringen dwang en drang, Kamerstuk, 26 november 2009
3 ‘Voorkomen van separatie van psychiatrische patienten vereist versterking van patientgerichte zorg’, Onderzoek naar insluiting in de separeer op de eerste dag van opname in psychiatrische opnameafdelingen van GGZ-instellingen, IGZ, Den Haag 2008
6
Eind 2008 is door de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie een monodisciplinaire richtlijn “Besluitvorming dwang: opname en behandeling”4 opgesteld. Deze richtlijn is alleen gericht op psychiaters. Het ontwikkelen van multidisciplinaire richtlijnen in de (curatieve) GGZ is de primaire verantwoordelijkheid van de verschillende beroeps-groepen.
De Minister wil dit ook bij de Regieraad Kwaliteit van Zorg, die zich onder andere bezig gaat houden met het inventariseren van richtlijnonderwerpen, nadrukkelijk onder de aandacht brengen:
‘Klink zal bij de beroepsgroepen aandringen op de ontwikkeling van deze multidisciplinaire richtlijn dwang en drang. Ook bij de Regieraad Kwaliteit van Zorg, die zich bezig gaat houden met onder andere het signaleren aan welke richtlijn(ontwikkeling) er nog behoefte is, zal Klink dit nadrukkelijk onder de aandacht brengen’5.
De werkwijze bij deze voorstudie is als volgt verlopen:
A. Inventarisatie en analyse van relevante documenten. De inventarisatie omvatte een digitale search naar artikelen, onderzoeksrapporten, beleidsdocumenten en project-rapportages. Er is gezocht op trefwoorden zoals, toepassing drang en dwang in GGZ/verslavingszorg, gedwongen opname, separeren, isoleren, richtlijnen. In buitenlandse literatuur is gezocht naar richtlijnen van de NICE en de APA6
Daarnaast zijn beleidsdocumenten en kamerstukken geraadpleegd en literatuur die via experts aanbevolen is. op het gebied van severe mental illness, violence en seclusion (Bijlage III).
B. Interviews met experts uit betrokken beroepsgroepen. De experts vertegenwoordigen verenigingen voor clienten en familieleden, (sociaal) psychiatrisch verpleegkundigen, psychiaters, geneesheerdirecteuren, maar ze zijn vooral geselecteerd vanwege hun deskundigheid op het terrein van drang en dwang (Bijlage II). De meeste geïnterviewden hebben ook door hun beroepspraktijk ervaring met toepassing van drang en dwang in de GGZ. De experts hebben samen goed zicht op het draagvlak voor een multidisciplinaire richtlijn dwang en drang. De interviews zijn gehouden aan de hand van een checklist (Bijlage I). De centrale vraag was of een multidisciplinaire richtlijn drang en dwang haalbaar en wenselijk is.
C. Analyse en concept rapportage. De analyse is gebaseerd op de verzamelde literatuur, documenten, websites en zestien interviews met experts. De resultaten zijn beschreven in dit rapport.
4 Tilburg, W. van, J.R. van Veldhuizen, E. W. Beijaert, M.V. van de Ven-Dijkman, C.L. Mulder, P.F.J. Schulte, E.P.K. Sikkens en A.J. Tholen (2008). (NVvP-commissie Richtlijn besluitvorming dwang) Richtlijn besluitvorming dwang: opname en behandeling, Utrecht.
5 Brief aan de Tweede Kamer over de beleidsvoornemens dwang en drang. TK vergaderjaar 2008- 2009, 30492, nr. 34
6 Institute for Health and Clinical Excellence (NICE) te London en American Psychiatric Association (APA) te Arlington Virginia
7
D. Feedbackronde. In een laatste fase hebben de geïnterviewde experts en ook het Ministerie van VWS een concepttekst toegestuurd gekregen met het verzoek een reactie te geven op het rapport van de voorstudie.
De voorstudie bestaat uit:
− een korte samenvatting over (aantallen) dwangopnames en separaties gebaseerd op de literatuur (hoofdstuk 2),
− een knelpuntenanalyse, gebaseerd op de literatuur en de interviews met experts (hoofdstuk 3),
− een overzicht van de kennis over de toepassing van dwang gebaseerd op best practice, bestaande richtlijnen en literatuur (hoofdstuk 4),
− de meningen van experts over de wenselijkheid en haalbaarheid van een multidisciplinaire richtlijn (hoofdstuk 5),
− conclusies en aanbevelingen (hoofdstuk 6).