Vleesbomen: Eén van de grootste gezondheidsdillema’s voor vrouwen

0
13348

Vleesbomen: de feiten
Vleesbomen (ook bekend als baarmoederfibromen of myomen) zijn de meest voorkomende goedaardige, tumoren van het vrouwelijke voortplantingssysteem bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd. Vleesbomen komen voor bij 40% van de vrouwen tussen 35 en 55 jaar; dit komt neer op 24 miljoen vrouwen in de Europese Unie en 20 miljoen vrouwen in Noord-Amerika.[1]

De precieze oorzaak van vleesbomen is niet bekend, maar de risicofactoren zijn onder meer: [2],[3]

  • Familiale voorgeschiedenis: Als uw moeder of zus vleesbomen hebben of gehad hebben, loopt u een hoger risico om ze ook te ontwikkelen.
  • Afkomst: Vleesbomen komen vaker voor bij negroïde vrouwen dan bij blanke vrouwen.[4]
  • Obesitas:[5] Vrouwen met een BMI boven de vastgestelde gezonde limiet lopen een hoger risico om vleesbomen te ontwikkelen.
  • Zwangerschap en bevalling: Onderzoek toont aan dat zwangerschap en bevalling een beschermend effect hebben en dat het risico op de ontwikkeling van vleesbomen hierdoor mogelijk wordt verminderd.[6]

Infographic_NL
Diagnose
Vleesbomen worden vaak door een gynaecoloog vastgesteld bij een bekkenonderzoek of een vaginale echografie.

Afhankelijk van waar in de baarmoeder ze zich bevinden, zijn er drie verschillende typen vleesbomen:[7]

  1. Subsereuze vleesbomen ontwikkelen zich aan de buitenkant van de baarmoeder en groeien naar buiten toe. Ze hebben meestal geen invloed op de menstruatiecyclus en veroorzaken evenmin overmatige bloedingen, maar kunnen wel pijn veroorzaken als gevolg van de druk op andere organen.
  2. Intramurale vleesbomen ontwikkelen zich binnen de baarmoederwand, wat ervoor zorgt dat de baarmoeder gaat uitzetten. De baarmoedergroei kan in dit geval verkeerd geïnterpreteerd worden als gewichtstoename of zwangerschap. Dit is de meest voorkomende vorm van vleesbomen. Intramurale vleesbomen gaan gepaard met symptomen zoals overmatige menstruatiebloedingen, pijn in het bekken en de rug, frequent urineren en druk op het bekken.
  3. Submucosale vleesbomen ontwikkelen zich in de baarmoederholte en kunnen overmatige en langdurige menstruatiebloedingen veroorzaken. Dit is de minst voorkomende vorm.

Aanwijzingen en symptomen
Vleesbomen zijn een multifactoriële aandoening met uiteenlopende symptomen die een ernstige impact kunnen hebben op de levenskwaliteit. [8],[9] De belangrijkste symptomen zijn onder meer hevige menstruatiebloedingen, bloedarmoede, buikpijn en druk op de buik, frequent urineren en onvruchtbaarheid.[10]

Met name hevige menstruatiebloedingen kunnen de vrouw verzwakken en hebben vaak fysieke, sociale en financiële gevolgen (lagere tewerkstellingsgraad, hogere afwezigheid op het werk en verlies van inkomsten). [11],[12]

Opties op dit moment
Het doel van behandeling is het verminderen en verlichten van de symptomen door de vleesbomen te doen reduceren en de hevige bloedingen onder controle te krijgen De behandelingskeuze is afhankelijk van de leeftijd van de vrouw en haar wens om al dan niet haar vruchtbaarheid te behouden en een belastende chirurgische ingreep, zoals een hysterectomie, te vermijden.

De voornaamste behandeling van vleesbomen is een chirurgische ingreep, zoals:

  • Hysterectomie: Hoewel de meeste hysterectomieën worden uitgevoerd om de symptomen van vleesbomen te verminderen[13], heeft onderzoek aangetoond dat niet alle vrouwen een verbetering ondervinden na verwijdering van de baarmoeder. Een studie toont aan dat bijna acht procent van de vrouwen 24 maanden na de hysterectomie leed aan dezelfde of meerdere symptomen.[14]
  • Uteriene arteriële embolisatie: Hierbij worden kleine partikels in de bloedvaten van de baarmoeder geïnjecteerd om op die manier de bloedtoevoer af te snijden en de vleesboom te doen krimpen. Hoewel de techniek effectief blijkt te zijn voor het verlichten van de symptomen, kunnen vleesbomen zich later opnieuw ontwikkelen.
  • Myomectomie: Chirurgische verwijdering van de vleesbomen, waarbij de baarmoeder gespaard wordt. Hoewel de vruchtbaarheid behouden blijft, kunnen er zich later nieuwe vleesbomen ontwikkelen.
  • Magnetic resonance-guided focused ultrasound (MRgFUS): Er wordt gebruik gemaakt van een gerichte ultrageluidsstraal om de vleesboom op te warmen tot 60-80°C en op die manier te doen smelten. Het proces wordt gemonitord aan de hand van MRI (magnetische resonantiebeeldvorming).

 

Pre-operatieve behandeling met medicatie
Een behandeling op basis van medicatie kan helpen om symptomen voorafgaand aan een chirurgische ingreep te bestrijden, o.a. met behulp van:

  • Gonadotropin-releasing hormone (GnRH) agonisten : Deze hormonale behandeling werd voor het eerst goedgekeurd in 1995 en behandelt vleesbomen door de oestrogeen- en progesteronniveaus te verminderen om op die manier een postmenopausale status te bereiken. Zodra de menstruatie stopt, krimpen de vleesbomen en verbetert de bloedarmoede. De toediening wordt beperkt tot zes maanden, omdat GnRH-agonisten hypo-estrogene symptomen veroorzaken, zoals verlies aan botdichtheid.
  • Selectieve progesteron-receptor modulatoren (SPRM): De werkzaamheid van dit nieuwe medicatietype is gebaseerd op het blokkeren van progesteronreceptoren in de baarmoeder, die de groei van vleesbomen remmen en ze verder doen krimpen. Zoals gepubliceerd werd in het New England Journal of Medicine, is de éénmaal daagse orale behandeling van 12 weken (vs. injecteerbare GnRH-agonist) effectief om baarmoederbloedingen te stoppen, de bloedarmoede te corrigeren en vleesbomen te krimpen ter voorbereiding op een chirurgische ingreep.[15]Het verbetert de levenskwaliteit en leidt tot minder castratiebijwerkingen vergeleken met GnRH-agonisten. Na de gunstige werkzaamheids- en veiligheidsresultaten in de PEARL III-studie en de uitbreidingsstudies, is behandeling van vleesbomen met het ulipristalacetaattablet van 5mg nu goedgekeurd in de EU voor twee intermitterende kuren van 3 maanden.[16]

 

[1] Gupta S, Jose J., Manyonda I. Best Practice and Research Clinical Obstetrics and Gynaecology. 2008; 22(4): 615-626.

[2] Munro MG. Uterine leiomyomas, current concepts: pathogenesis, impact on reproductive health, and medical, procedural, and surgical management. Obstet Gynecol Clin North Am. 2011 Dec;38(4):703-31.

[3] Steward EA: Uterine Fibroids: the complete guide. Baltimore: John Hopkins University Press, 2007. http://www.mayoclinic.com/health/uterine-fibroids/DS00078/DSECTION=risk-factors. Toegankelijk vanaf 31.1.2012

[4] Marshall et al. Variations in the Incidence of Uterine Leiomyoma Among Premenopausal Women by Age and Race. Obstet Gynecol. 1997;90:967-973.

[5] Evans P et al. Uterine Fibroid Tumors: diagnosis and treatment. Am Fam Physician 2007;75:1503-8. http://www.monografias.com/trabajos-pdf/uterine-tumors-diagnosis-treatment/uterine-tumors-diagnosis-treatment.pdf. Toegankelijk vanaf 31 januari 2012

[6] Marshall LM, et al. A prospective study of reproductive factors and oral contraceptive use in relation to the risk of uterine leiomyomata. Fertility and Sterility. 1998;70:432

[7] Steward EA: Epidemiology, clinical manifestations, diagnosis, and natural history of uterine leiomyomas (fibroids). http://www.uptodate.com/contents/epidemiology-clinical-manifestations-diagnosis-and-natural-history-of-uterine-leiomyomas-fibroids?source=see_link#H30312569. Toegankelijk vanaf 31 januari 2012

[8] Spies B., et al. The UFS-QOL, a New Disease-Specific Symptom and Health-Related Quality of Life Questionnaire for Leiomyomata, The American College of Obstetricians and Gynecologists, 2002; 99 (2): 290-300.

[9] Downes E., et al. The burden of uterine fibroids in five European countries. European Journal of Obstetrics & Gynecology and Reproductive Biology, 2010; 152(1): 96-102.

[10] Vercellini P, Bocciolone L, Colombo A, Vendola N, Meschia M, Bolis G, Gonadotropin releasing hormone agonist treatment before hysterectomy for menorrhagia and uterine leiofibroids, Acta Obstet Gynecol Scand. 1993 Jul;72(5):369-73

[11] Collins J, Crosignani PG. Endometrial bleeding. Hum Reprod Update 2007;13:421-31.

[12] Côté I., et al. Work loss associated with increased menstrual loss in the United States. Obstet Gynecol., 2002; 100(4): 683-7. Abstract.

[13] Donnez J et al. What are the implications of myomas on fertility? Hum Repr 2002;17:1424-30,

[14] Kjerulff KH, Rhodes JC, Langenberg PW, Harvey LA. Patient satisfaction with results of hysterectomy. Am J Obstet Gynecol 2000;183:1440-7

[15] Donnez J., et al. Ulipristal acetate versus leuprolide acetate for uterine fibroids. N Engl J Med 2012; 366:421-32.

[16] Register voor medicatie voor menselijk gebruik: EU/1/12/750. Ulipristalacetaat is aangewezen voor pre-operatieve behandeling van matige tot ernstige symptomen van vleesbomen bij volwassen vrouwen in hun vruchtbare periode.