Uitbreiding zorggroepen stimulans voor chronische zorg

De ontwikkeling van de chronische zorg in Nederland stagneert volgens een aantal experts. Zij willen daarom de zorggroepen van huisartsen uitbreiden. Dat kan in drie verschillende richtingen en moet geleidelijk plaatsvinden: geen revolutie, maar evolutie.

Chronische aandoeningen

Sinds 2011 organiseren zorggroepen van huisartsen zorgprogramma’s voor mensen met diabetes, verhoogd risico op hart- en vaatziekten en COPD. Soms doen zij dat ook voor mensen met depressies, neurologische aandoeningen, dementie en met meer dan één chronische aandoening. Enkele zorggroepen runnen zowel deze programma’s als ook huisartsenposten. Want het zijn dezelfde huisartsen die bij beiden betrokken zijn.

Zorggroepen

Sinds 2011 stagneert de ontwikkeling van de chronische zorg in Nederland in vergelijking met het buitenland volgens vijftien experts. Zij pleiten ervoor om de zorggroepen van huisartsen uit te breiden in drie richtingen. De eerste is dat zorggroepen zich verantwoordelijk gaan voeren voor programmatische zorg aan mensen met alle soorten chronische aandoeningen. Dat moet geleidelijk gebeuren en rekening houden met wat lokaal al is bereikt.

Disciplines en taken

De tweede richting is dat zorggroepen meer disciplines gaan omvatten dan alleen die van de huisartsen. Zorggroepen zouden ook heel goed de zorg van wijkverpleegkundigen (die vaak voor chronische zieken werken) kunnen coördineren. De derde richting is dat zorggroepen meer huisartsgeneeskundige taken krijgen. Bijvoorbeeld ondersteuning van zelfmanagement van chronisch zieken en hun partners.

Evolutie

Als Nederland kiest voor één of meer van deze drie richtingen, moet er veel veranderen aan zorgpaden en beslisbomen, zelfmanagement ondersteuning, bestuursvormen, kwaliteitsborging, Zorg-ICT en bekostiging. Dit heeft zijn tijd nodig: geen revolutie maar evolutie.

Zorgverzekeraars

Op 14 december presenteren Ineke Boxem en Karlie van Kuijk dit drie richtingen voorstel. Zij werken beiden bij zorgverzekeraars: VGZ en De Friesland. Ze zijn beiden betrokken bij de zorginkoop van hun organisaties. Zij interviewden de genoemde vijftien experts en vergeleken de ontwikkelingen in Nederland met die in het buitenland. Hun presentatie vindt plaats tijdens het Chronische Zorg Congres dat op 14 december plaatsvindt in Utrecht. Die presentatie is gebaseerd op hun nieuwe boek ‘bekostiging van zorgnetwerken voor mensen met veel voorkomende chronische aandoeningen’. De elektronische versie kan je hier downloaden.

Van tweede naar eerste lijn

Op het congres komt ook een voorstel aan de orde om 1,5 miljard euro (ofwel ongeveer 170.000 euro per huisarts) geleidelijk over te hevelen van de tweede lijn naar de eerste lijn. Als je de resultaten van goede Nederlandse voorbeelden optelt blijkt dat dit kan, als Nederland dit wil. Auteur van dit spectaculaire voorstel is Jan Peter Heida van onderzoeksbureau SiRM (Strategies in Regulated Markets) te Den Haag. Zijn voorstel voor de lange termijn wordt kort voor 14 december openbaar. Tijdens het Chronische Zorg Congres licht hij zijn voorstel toe en gaat hij hierover in discussie met de zaal.

Kleinschalige innovaties

Op het congres doet ondergetekende het voorstel dat eerste lijn en ziekenhuizen gezamenlijk een zorgaanbod doen aan zorgverzekeraars. Die kopen dan een gezamenlijk pakket bij beiden in. Ziekenhuis en eerste lijn functioneren dan als een Amerikaanse Accountable Care Organization. Ik heb hierbij de goede ervaringen met het Alternative Quality Contract (ACO) voor ogen, dat in mijn nieuwe boek uitvoerig aan de orde komt. Ook hier geldt: kleinschalige zorginnovatie gaat vooraf aan veranderingen in algemene wetgeving en financiële regelgeving. Experimenteer mogelijkheden in wetten moeten soelaas bieden aan deze innovaties.

Congres

Kortom: het Chronische Zorg Congres beoogt concrete voorstellen te presenteren die nu al lokaal uitgeprobeerd kunnen worden en op termijn overal te benutten zijn. Wil je de sprekers ontmoeten van het drierichtingenmodel, de substitutie van tweede naar eerste lijn, de Nederlandse ACO’s en van andere innovaties? Wil je meedenken en meepraten over de toekomst van de chronische zorg? Klik dan hier, lees de congresbrochure en meld je aan.

Guus Schrijvers
Vorig artikelITG krijgt EU-financiering voor zika-onderzoek
Volgend artikelPharos – eHealth4allprijs
Guus Schrijvers (getrouwd met Els Zwaan, drie kinderen) werd op 24 juni 1949 geboren in Amsterdam als zesde kind in een katholiek onderwijzersgezin. Na het gymnasium B diploma behaald te hebben(1967) ging hij in Amsterdam economie studeren. Hij studeerde cum laude af (1973) bij prof. Wim Duisenberg op de na-oorlogse conjunctuurgolven en bij prof. Joop Hattinga Verschure op zelfzorgafdelingen in ziekenhuizen. In 1980 promoveerde hij in Maastricht op het onderwerp regionalisatie en financiering van de Engelse, Zweedse en Nederlandse gezondheidszorg. Een stelling uit zijn proefschrift werd zijn levensmotto: wie de kleine structuren niet eert, maakt de grote structuren verkeerd. Hij promoveerde bij de grondlegger van de Nederlandse gezondheidseconomie prof. Lou Groot en bij genoemde Hattinga Verschure. Van 1974 -1984 was Schrijvers lid van de Gemeenteraad van Utrecht voor de Partij van de Arbeid. Hij ‘deed’ daar portefeuilles zoals Volksgezondheid, Welzijn, Cultuur en Financiën. Op 1 juni 1987 werd Schrijvers samen met prof. Joop van Londen hoogleraar Public Health bij de Medische Faculteit Utrecht. Dat betekende voor hem een switch van macro onderwerpen zoals de inrichting van het verzekeringsstelsel naar kleinschalige projecten zoals educatie van diabetespatiënten. Uit een interview uit 1987 komt het citaat: ‘als de faculteit mij vraagt voor deze leerstoel, wil ik wat betekenen voor de faculteit. Dan geef ik de macro-onderwerpen op.’ Samen met Van Londen richtte hij zich in 1987 op innovaties in de thuiszorg en op ketenzorg bij chronische zieken. Later zou het die activiteiten onder de vlag disease management bundelen. Tien jaar kwam de belangstelling voor ketens in de spoedzorg erbij. Zijn kennis op dit terrein bundelde hij in het boek Moderne Patiëntenzorg in Nederland, dat hij in 2002 samen met de plaatsvervangend hoofdinspecteur drs. Nico Oudendijk voor de gezondheidszorg schreef. Vanaf het eerste begin had het bevorderen van het onderwijs in de Sociale Geneeskunde en de Volksgezondheid zijn grote aandacht. Toen Van Londen en hij begonnen was er helemaal niets op dit terrein. Schrijvers: ‘Een grote triomf ervoer ik op 2 april 1994 toen na zeven jaar trekken en duwen de eerste medische studenten bij een GGD en een Arbodienst een verplicht co-schap Sociale Geneeskunde liepen.’ In 1999 kwam een nieuw curriculum voor de medische studenten tot stand. Tropenjaren volgden tot 2006 voor hem en zijn collega dr. Gerdien de Weert om alle uitbreidingen van het sociaal geneeskundige onderwijs bij te benen. Zijn collegestof bundelde hij in 1997 en na verschillende drukken in 2002 in het boek Een kathedraal van Zorg en in de Engelse variant daarvan Health and Health Care in the Netherlands. Per 1 juli 2007 gaan de onderzoeksactiviteiten van Schrijvers over in de Unit Innovaties in de Zorg binnen het Julius Centrum, dat hij in 1996 met collega prof. Rick Grobbee oprichtte. Zijn aandacht blijft liggen bij Disease Management en Spoedzorg. Schrijvers: ‘Ik begrijp nog steeds niet helemaal hoe die kleine structuren binnen Disease management en spoedzorg precies functioneren. Er is tegenwoordig ook veel uitwisseling met collega’s in Noord Amerika en elders in Europa. Dat verrijkt het inzicht in hoge mate. Elk land is op dit terrein een laboratorium voor een ander land..Voorlopig heb ik mijn handen vol aan de nieuwe Unit. Toch zou ik nog twee boeken willen schrijven.Het ene krijgt als titel, De gemoderniseerde kathedraal van zorg. Het tweede boek moet gaan over ondernemersschap en gelijke toegang tot de zorg. Beide zijn belangrijk maar o zo moeilijk te combineren. Hierbij zou ik de kennis van macro econoom weer kunnen gebruiken.’ Als oud hoogleraar Public Health en gezondheidseconoom bij het UMC Utrecht. geeft hij met zijn nieuwe boek ‘Zorginnovatie volgens het Cappuccinomodel.’ zijn visie hoe de gezondheidszorg eruit zou kunnen zien in een maatschappij met schaarste aan zorg. Het boek is bestemd voor het middenkader van zorgorganisaties. Naast schrijver van boeken en artikelen over de gezondheidszorg is Guus lid van enkele stuurgroepen en begeleidingscommissies en geef ik lezingen en workshops. Guus Schrijvers is voor voordrachten, dagvoorzitterschappen, interviews en onderzoeksopdrachten te bereiken via mail@schrijvers.nl en telefonische via zijn secretaresse Annet Esser op telefoonnummer 030 250 9359.