Den Haag moet ingrijpen, anders wordt de zorg onbetaalbaar

0
188

Doordat de landelijke politiek onvoldoende verantwoordelijkheid neemt, dreigt de Nederlandse gezondheidszorg onbetaalbaar te worden. Er moet een onafhankelijk instituut komen, dat de doelmatigheid van de zorg in het oog houdt en dat richtlijnen opstelt. Dat stelt Erik Buskens, in zijn oratie als hoogleraar Medical Technology Assessment in het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG), op 27 mei 2008. 

Buskens signaleert dat het huidige systeem van ontwikkeling, prioritering en financiering van zorg ‘ruimte laat voor suboptimale keuzen’. De invloed van de farmaceutische industrie en de producenten van medische apparatuur is te groot. Individuele artsen en ziekenhuizen hebben niet genoeg overzicht om te beoordelen of de invoering van nieuwe behandelingen doelmatig en verantwoord is. Ook ziektekostenverzekeraars hebben niet voldoende inzicht in deze complexe materie.

Iedereen een Bentley?

Problemen ontstaan onder meer doordat vernieuwingen te snel worden ingevoerd. Dit wordt mede in de hand gewerkt door de invoering van marktwerking in de zorg: ziekenhuizen beconcurreren elkaar met de allernieuwste behandelingen, terwijl de doelmatigheid daarvan in sommige gevallen nog niet voldoende is aangetoond.

Artsen willen voor hun individuele patiënt vaak de meest geavanceerde behandeling. Maar hoe verhoudt zich dat tot het algemeen belang? Buskens trekt een vergelijking met het Nederlandse wagenpark. ‘Hoe vaak zie je een Bentley of een Rolls Royce op de Nederlandse wegen? Niet voor niets beheersen de middenklassewagens het straatbeeld! Een zekere ratio is ons echt niet vreemd.’ Het is deze ratio die in de medische wereld te vaak ontbreekt, aldus Buskens.

Andere problemen treden op doordat vernieuwingen in sommige gevallen niet snel genoeg worden ingevoerd. Artsen en ziekenhuizen houden soms te veel vast aan oude vertrouwde behandelingen, en ziektekostenverzekeraars reageren soms te traag met bijstellen van vergoedingen.

Impopulaire maatregelen

De overheid heeft te hoge verwachtingen van de zelfregulerende ‘markt’, concludeert Buskens. Hij pleit voor invoering van een soortgelijk instituut als het Engelse National Institute for Health and Clinical Excellence. Dit instituut moet de belangen van de individuele patiënt en het algemeen maatschappelijk belang tegen elkaar afwegen. Daarbij moet het zelfstandig besluiten kunnen nemen. Buskens: ‘Beslissingen over de invoering van nieuwe behandelingen moeten niet door de minister genomen worden. Met verkiezingen in het vooruitzicht kan die bijvoorbeeld terugschrikken voor impopulaire maatregelen. Het instituut moet eenzelfde positie krijgen als het openbaar ministerie. Dat neemt haar besluiten ook onafhankelijk van de minister van justitie.’

Met zijn pleidooi neemt hij geen unieke positie in, zo onderstreept Buskens. Hij voegt zich in een steeds luider wordend koor van kritische hoogleraren en andere zorgprofessionals. Ook het landelijke Kwaliteitsinstituut voor de Gezondheidszorg CBO laat vergelijkbare geluiden horen. Buskens: ‘De roep om een onafhankelijk instituut wordt steeds luider. Ik verwacht daarom dat het instituut binnen enkele jaren kan worden opgericht.’

Curriculum Vitae

Erik Buskens (Rotterdam, 1962) studeerde geneeskunde aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Aan deze universiteit promoveerde hij in 1994. Vanaf dat jaar was Buskens als senior-onderzoeker en arts-epidemioloog werkzaam bij het Julius Centrum van het UMC Utrecht. Hij is sinds november 2006 werkzaam in het UMCG als hoogleraar Medical Technology Assessment. Zijn oratie heeft als titel ‘Verantwoordelijk, verantwoording en verantwoorde zorg’.