‘Huisarts heeft moeite met mondige patiënt’

nefarmaenCritici die pleiten voor een verbod op informatieverstrekking door farmaceutische bedrijven, zijn in het verleden blijven steken. Zij willen patienten de kans ontnemen zich goed te informeren over een mogelijke klacht of aandoening. Dat stelt Nefarma in de nieuwste editie van het eigen opinieblad Nefarma&. Gezonde Scepsis gooide onlangs de knuppel maar weer eens in het hoenderhok. Via een uitgekiende samenwerking met het consumentenprogramma Tros Radar en het Nederlands Huisartsen Genootschap werd een discussie gestart over de vraag of farmaceutische bedrijven een rol mogen spelen in de informatievoorziening aan het grote publiek. Nee, natuurlijk niet, is de stellige overtuiging van directeur Ruud Coolen van Brakel van het instituut voor verantwoord medicijngebruik. Zijn organisatie, die met haar label Gezonde Scepsis de farma kritisch volgt, weet het zeker: bedrijven maken onder het mom van informatie doodleuk reclame voor hun geneesmiddelen. En publieksgerichte reclame is in deze industrie nu eenmaal verboden.

In dat laatste punt kan Nefarma zich uitstekend vinden. De suggestie dat de geboden informatie een mogelijkheid vormt om de regels te omzeilen, raakt echter kant noch wal. Farmabedrijven hebben als geen ander verstand van ziekte en gezondheid. Het is prijzenswaardig dat de industrie die wil delen met de wereld. Prijzenswaardig, maar ook volkomen logisch: wie trots is op de producten die hij maakt, wil dat graag van de daken schreeuwen. Juist om te voorkómen dat dat enthousiasme leidt tot onbedoelde (en ontoelaatbare) reclame, is er een heel woud aan regels opgesteld waaraan de bedrijven zich bij het verstrekken van ziektebeeldinformatie moeten houden. Terecht, want die bedrijven hebben natuurlijk ook hun eigen commerciele belangen. Om ervoor te zorgen dat die niet de overhand krijgen, ziet de Inspectie voor de Gezondheidszorg erop toe dat de regels worden nageleefd. Concurrerende bedrijven en kritische buitenstaanders die vinden dat iets niet in de haak is, kunnen klachten indienen bij zelfreguleringsinstituut CGR. Die weg had Gezonde Scepsis dus óók kunnen kiezen toen ze een kleine selectie uit het grote aanbod van gezondheidswebsites onder de loep nam en stuitte op enkele mogelijke onvolkomenheden. Ook dan hadden de bedrijven het rapport graag bestudeerd, waar nodig wat details in hun sites aangepast en het gesprek kunnen aangaan over de aanbevelingen over onder meer beter toezicht op de regels. Het had Coolen van Brakel en de zijnen wellicht wat media-aandacht ontnomen, maar daar zou dan tegenover staan dat zijn instituut door de industrie nog als waardevolle gesprekspartner te boek stond.

Ontelbaar veel patienten gaan anno 2009 bij vragen over hun gezondheid eerst te rade bij ‘dokter Google’. Internet speelt een niet meer te negeren rol in het leven en welzijn van de Nederlander. Wie zeker wil zijn dat hij of zij te maken heeft met deskundige, verantwoorde (want getoetste) informatie, moet vooral bij websites te rade gaan waarin de experts hun kennis over ziekte, preventie en mogelijke behandeling beschikbaar stellen. Die bieden immers een gezond tegenwicht tegen de vaak op veel minder (of zelfs geen) kennis gebaseerde gezondheidsclaims waar het internet óók vol mee staat.

Misschien komt iemand, gevoed met deze zelfverworven kennis en al dan niet op advies van een eenvoudige zelftest, tot de conclusie dat een bezoek aan de huisarts zinvol is. Wat is daar mis mee? Een huisarts die zijn vak verstaat is prima in staat zijn ‘patient’ gerust te stellen als er toch niets aan de hand blijkt. Zo’n gesprek is snel klaar. Is er wel sprake van een echte aandoening, dan kiest hij in overleg met zijn patient voor de beste behandeling. Dat kán betekenen dat hij een recept uitschrijft voor een geneesmiddel, maar dat bepaalt hij nog altijd zelf en niet de maker van een van de vele websites die zijn patient mogelijk heeft geraadpleegd. Een huisarts die beweert dat dergelijke sites leiden tot overmedicatie, diskwalificeert zijn eigen beroepsgroep. Of moet de dokter misschien nog even wennen aan de goed-geïnformeerde, mondige patient?

Kijk bij hier voor de nieuwste editie van Nefarma&.

Redactie Medicalfacts/ Janine Budding

Ik heb mij gespecialiseerd in interactief nieuws voor zorgverleners, zodat zorgverleners elke dag weer op de hoogte zijn van het nieuws wat voor hen relevant kan zijn. Zowel lekennieuws als nieuws specifiek voor zorgverleners en voorschrijvers. Social Media, Womens Health, Patient advocacy, patient empowerment, personalized medicine & Zorg 2.0 en het sociaal domein zijn voor mij speerpunten om extra aandacht aan te besteden.

Ik studeerde fysiotherapie en Health Care bedrijfskunde. Daarnaast ben ik geregistreerd Onafhankelijk cliëntondersteuner en mantelzorgmakelaar. Ik heb veel ervaring in diverse functies in de zorg, het sociaal domein en medische-, farmaceutische industrie, nationaal en internationaal. En heb brede medische kennis van de meeste specialismen in de zorg. En van de zorgwetten waaruit de zorg wordt geregeld en gefinancierd. Ik ga jaarlijks naar de meeste toonaangevende medisch congressen in Europa en Amerika om mijn kennis up-to-date te houden en bij te blijven op de laatste ontwikkelingen en innovaties. Momenteel studeer ik toegepaste psychologie.

De berichten van mij op deze weblog vormen geen afspiegeling van strategie, beleid of richting van een werkgever noch zijn het werkzaamheden van of voor een opdrachtgever of werkgever.

Recente artikelen