Belastingplan 2012 niet gunstig voor zorginnovatie en farmaceutische industrie

0
260

Belastingplan 2012: wisselend beleid schadelijk voor vestigingsklimaat
De keuzes in het Belastingplan 2012 met betrekking tot de renteaftrekbeperking en de objectvrijstelling, komen de uitstraling van Nederland als open, internationale economie en interessant vestigingsland niet ten goede. Dat stelt PwC in een eerste reactie op het Belastingplan 2012. Volgens Sytso Boonstra, voorzitter van de belastingpraktijk van PwC moeten bedrijven, zowel nationaal als internationaal, bij het maken van investeringsbeslissingen kunnen vertouwen op solide en langjarig belastingbeleid. “Het bedrijfsleven is de afgelopen jaren met teveel wijzigingen geconfronteerd. Gecombineerd met de sterk oplopende lasten, straalt dat negatief af op ons vestigingsklimaat.”

Tijd voor duidelijkheid

De terugkeer van de overnameholding op de fiscale agenda is één van de vele wisselingen in regelgeving gericht op renteaftrekbeperking. Zo werd de wetgeving in de afgelopen 15 jaar een tiental keren aangescherpt, vereenvoudigd en vervolgens opnieuw aangescherpt. Boonstra vraagt zich vooral af hoe deze maatregel zich verhoudt tot de wens van het kabinet om het komende jaar 150 investeringsprojecten aan te trekken met een totale waarde van 625 miljoen euro. Volgens PwC wordt de echte impact van de maatregel overigens pas zichtbaar als duidelijk is wat er met het Bosal-gat gebeurt. “Je kunt als overheid niet op beide fronten de renteaftrek volledig inperken. Dan jaag je echt alle investeerders weg”, aldus Boonstra.

Kabinet rekent zich rijk

In het belastingplan kiest het kabinet voor een objectvrijstelling voor vaste inrichtingen. Een maatregel waarvan de toegevoegde waarde onduidelijk is. In de eerste plaats omdat een enorme hoeveelheid nieuwe wetgeving nodig is om de vrijstelling juridisch waterdicht te maken. Daar komt bij dat de overheid de extra opbrengsten voor de schatkist (280-400 miljoen euro) veel te rooskleurig inschat. “Het lijkt alsof de wetgever dacht dat er oneigenlijk gebruik werd gemaakt van de oude regeling, terwijl daar helemaal geen sprake van was”, aldus Boonstra. “Ook kleinere bedrijven worden hierdoor belemmerd in hun internationale expansie, omdat zij verliezen pas in een later stadium kunnen aftrekken en deze dus moeten voorfinancieren”. PwC schaart zich achter een veel minder complex voorstel van de NOB om bedrijven de mogelijkheid te bieden verliezen in vijf jaar in te lopen.

Positief is Boonstra over de extra belastingaftrek voor kosten die bedrijven maken voor onderzoek en productontwikkeling (RDA). “De RDA-aftrek is absoluut een positieve ontwikkeling, zeker in combinatie met de huidige Innovatiebox”. Dankzij de innovatiebox ziet PwC dat steeds meer bedrijven overwegen om R&D in Nederland te houden of naar ons land toe te halen. Het is goed dat de Nederlandse overheid op deze manier inzet op het versterken van de Nederlandse concurrentiekracht. “Het is essentieel dat we ondernemers blijven helpen en stimuleren om te ondernemen. Geen sinecure gezien de lastenverzwaring die het bedrijfsleven komende jaren voor de kiezen krijgt”. In totaal zo’n 3 miljard euro. Met name door het aflopen van crisismaatregelen, hogere WW-premies en premies voor zorgverzekeringen en de verbreding van de grondslag voor de vennootschapsbelasting.

Het kabinet heeft over de afgelopen jaren intensief en op verschillende manieren gewerkt aan behoud en versterking van hoogwaardige werkgelegenheid van MSD in Nederland. Zo werden de activiteiten van MSD ondersteund door zowel programma’s gericht op bijvoorbeeld life sciences als middelen uit het reguliere innovatie-instrumentarium. Direct na de aankondiging van de overname van Schering Plough door Merck in 2009 zijn vanuit de overheid de contacten met beide hoofdvestigingen van MSD in Nederland geïntensiveerd.De overheid heeft echter wel een belangrijke rol in het zo goed mogelijk kunnen profiteren van internationaal opererende bedrijven via een sterk vestigingsklimaat. Met name hoogwaardige werkgelegenheid (zoals R&D-activteiten) met forse kennis-spillovers zijn van groot belang voor de Nederlandse economie en dat is ook waar dit kabinet stevig op inzet. Via de inzet op een sterk vestigingsklimaat voor met name kennis en innovatie moet Nederland een aantrekkelijke vestigingsplaats zijn voor dit soort activiteiten; zowel om deze in Nederland te behouden als om deze aan te trekken vanuit het buitenland. Dat dit effect heeft, blijkt wel uit de vestiging van het hoofdkantoor van Danone in Nederland en de keuze van Wärtsilä bij een grootscheepse reorganisatie om juist wel de R&D-activiteiten in Nederland te behouden. Ook de overname van Océ door Canon getuigt van vertrouwen in het Nederlandse R&D-klimaat. Welke gevolgen het nieuwe belastingsplan heeft op het vestigingsklimaat voor dit type hoogwaardige activiteiten en de mogelijkheden om de unieke positie te behouden altijd is nog onvoldoende duidelijk.

Bron: PWC