Diagnostische testen nemen angst van patiënt niet weg

0
212

Een belangrijke taak van een huisarts is het geruststellen van de patient. Psychiater in opleiding en onderzoekster Hiske van Ravesteijn van het UMC St Radboud heeft een studie uitgevoerd naar de geruststellende waarde van diagnostische testen.
Huisartsen gebruiken diagnostisch onderzoek  vaak om de patient gerust te stellen en zo de angst voor een ziekte weg te nemen. Patienten met blijvende vermoeidheid worden bijvoorbeeld doorverwezen voor bloedonderzoek of mensen met blijvende hoofdpijn krijgen een scan. Als huisartsen gevraagd wordt waarom ze een bepaald onderzoek aanvragen, staat het geruststellen van de patient als reden op de vierde plaats. Bij elf procent van de aanvragen was het zelfs de hoofdreden om de test aan te vragen.

Geen geruststelling
Van Ravesteijn heeft in de literatuur gezocht naar een antwoord op de vraag of het aanvragen van een onderzoek de angst van de patient daadwerkelijk wegneemt. Ze analyseerde vijf studies op het effect van diagnostische testen op de angst bij de patient. Daaruit bleek dat mensen die een diagnostisch onderzoek hadden gekregen, niet minder angstig waren dan degenen die zo’n onderzoek niet hadden gehad. Van Ravesteijn heeft dus geen bewijs gevonden voor het geruststellende effect van een diagnostische test. Integendeel, uit ander onderzoek blijkt dat sommige diagnostische testen patienten juist angst kunnen aanjagen.

Eerst aandacht
Van Ravesteijn adviseert huisartsen om eerst de angsten van de patient in kaart te brengen. Een afwachtend beleid kan diagnostisch onderzoek in sommige gevallen onnodig maken. Daarnaast is het belangrijk om voorafgaand aan de test voldoende informatie te geven over normale testuitslagen. Van Ravesteijn: “In Nederland zijn we relatief terughoudend in het uitvoeren van diagnostiek, toch vormt ook hier het diagnostisch onderzoek een grote kostenpost. Soms kan een test het enige middel lijken om iemand gerust te stellen. De resultaten van deze studie bieden artsen een extra argument om eerst aandacht te besteden aan de bezorgdheid van de patient”.