Weinig hepatitis C in Nederland

Volgens een nieuwe schatting (PIENTER-2) is de seroprevalentie van het hepatitis C-virus (HCV) in Nederland 0,30%. Dat betekent dat ongeveer 38.800 Nederlanders HCV-antilichamen in hun bloed hebben. Migranten uit endemische landen vormen de grootste besmette groep (Eur J Public Health. 2012; epub 29 maart).

Henrike Vriend (RIVM) et al. voerden een update uit van de PIENTER-1-studie, die destijds een HCV-seroprevalentie van 0,1% opleverde. Dit keer betrokken zij meer mensen met een niet-Nederlandse nationaliteit bij het onderzoek; In 2006-2007 nodigden zij in totaal bijna 20.000 mensen uit om mee te doen. Zij verzamelden uiteindelijk bloedmonsters en vragenlijsten van 6386 personen, van wie er 4446 15-79 jaar oud waren. De meeste migranten kwamen uit Suriname, Turkije, Marokko en Duitsland.

In 14 van de 4446 monsters toonden de onderzoekers anti-HCV aan (4 autochtone Nederlanders en 10 eerste-generatiemigranten), een seroprevalantie van 0,30%. Van de besmette autochtonen rapporteerden er 2 intraveneus druggebruik en 1 een vóór 1992 gezette tatoeage of piercing.

Volgens de onderzoekers is het risico op HCV-besmetting via bloedtransfusies verwaarloosbaar klein en is de HCV-incidentie onder intraveneuze-druggebruikers sterk afgenomen. Wel lijkt HCV in opkomst onder hiv-positieve mannen die seks hebben met mannen. De 10 besmette migranten waren afkomstig uit landen waar HCV endemisch is: Egypte, Marokko, Pakistan, Suriname, Indonesie en Oekraïne. De auteurs vinden daarom dat toekomstige studies uit moeten zoeken of screening van deze hoogrisicogroepen kosteneffectief is.
Bron: Arts&Apotheker/NTvG-Lucas Mevius