Toename mortaliteit door opiumgebruik

Mensen die langdurig opium gebruiken, hebben een verhoogd sterfterisico vergeleken met niet-gebruikers, zelfs bij lage doseringen. Dat suggereren Hooman Khademi (Universiteit van Teheran) et al. in BMJ (2012;344:e2502). Eerdere studies wijzen op een rol van opium bij het ontstaan van kanker en coronaire ziekten; het effect op de totale mortaliteit was nooit onderzocht. Daarom bestudeerden de auteurs in de periode 2004-2011 ruim 50.000 Iraniers van 40-75 jaar oud uit de provincie Golestan.

8487 personen gaven aan opium te slikken, snuiven, roken of injecteren. De gemiddelde gebruiksduur bedroeg 12,7 jaar. Tijdens de follow-upperiode stierven 2145 personen, waaronder 705 opiumgebruikers. Na correctie voor tal van confounders ─ zoals roken en armoede ─ was het risico op sterfte bij gebruikers met 86% verhoogd. Belangrijke doodsoorzaken waren kanker, hart- en vaatziekten, COPD en tuberculose. Het verband tussen opiumgebruik en mortaliteit gold voor verschillende opiaten en inname-manieren, en was dosisgerelateerd.

De onderzoekers zijn zich bewust van de beperkingen van hun observationele studie, maar durven een causaal verband te veronderstellen. Gezien het veelvuldige medicinale gebruik van morfine en codeïne waarschuwt Irfan Dhalla, internist in Canada, in een commentaar voor de onvoldoende begrepen risico’s van opiaten (BMJ. 2012;344:e2617).

Bron: NTvG (Bijdrage: Christel van Dongen.)