Vrije Universiteit Amsterdam besluit tot reorganisatie bedrijfsvoering

De Vrije Universiteit Amsterdam werkt aan een toekomstbestendige universiteit die sterk verbonden is met mens en maatschappij. Hoge kwaliteit van onderwijs en onderzoek staat daarbij voorop. Om de ambities voor onderzoek en onderwijs te verwezenlijken en de organisatie te verbeteren heeft het College van Bestuur besloten de bedrijfsvoering te reorganiseren.

Toekomstbestendig
De financiele positie van de VU is nu nog sterk genoeg om vanuit eigen kracht en met voldoende tijd en aandacht de veranderingen te kunnen realiseren. In 2010 is in het Instellingsplan vastgesteld dat aanpassingen in de bedrijfsvoering noodzakelijk zijn en dat er drastisch bezuinigd moet worden. De maatregelen genoemd in het Instellingsplan zijn sindsdien uitgewerkt door de organisatie en geconcretiseerd in een reorganisatieplan voor verschillende onderdelen van de bedrijfsvoering. Bernadette Langius, lid van het College van Bestuur: “Wij moeten nu echt starten met de aanpassingen in onze organisatie om de kwaliteit van onderwijs en onderzoek te behouden en verder te verbeteren. De VU wil een universiteit zijn met een efficiente bedrijfsvoering die het primaire proces goed ondersteunt. We willen verstandig omgaan met het geld dat de overheid aan universiteiten ter beschikking stelt voor onderwijs en onderzoek.” De afgelopen jaren is de overheidsfinanciering drastisch teruggelopen terwijl het aantal studenten sterk steeg. De VU heeft hierin landelijk de grootste groei laten zien. Door de bedrijfsvoering anders in te richten wordt de organisatie van de VU toekomstbestendig, met een eenduidige organisatiestructuur. Hierdoor kan de VU zoveel mogelijk investeren in onderzoek en kwalitatief hoogwaardig onderwijs.

Reorganisatie bedrijfsvoering
De keuze is gemaakt om de bezuinigingen met name binnen de bedrijfsvoering te realiseren. Als gevolg daarvan wordt gekeken hoe het aantal instellingsbrede diensten gereduceerd kan worden en hoe de bedrijfsprocessen beter kunnen worden ingericht. Het bezuinigingsbedrag op de personele lasten van het ondersteunend personeel is ruim 20 miljoen euro. Dit bedrag moet voor 2015 gerealiseerd zijn.

Omdat het realiseren van deze bezuinigingen grote gevolgen heeft voor de organisatie en de individuele medewerkers, is ervoor gekozen om de reorganisatie over een lange periode te implementeren. Daardoor kan veel aandacht gegeven worden aan begeleiding van medewerkers van werk naar werk.

Zorgvuldig omgaan met publiek geld
Los van de financiele noodzaak is het College van Bestuur van mening dat de VU altijd moet streven naar efficientie, zeker in de bedrijfsvoering. Langius: “Onze universiteit wordt voor een belangrijk deel gefinancierd met publiek geld. We hebben de plicht zo veel mogelijk van deze middelen direct ter beschikking te laten komen van onderwijs en onderzoek.” De overheid wil op dit punt ook een overeenkomst met de universiteiten sluiten middels de zogenaamde ‘prestatieafspraken’; alle universiteiten zijn hierdoor gehouden de komende jaren de indirecte kosten te verlagen.

Medezeggenschap
Het College van Bestuur heeft intensief samengewerkt met de Ondernemingsraad (OR) van de VU om dit ingewikkelde traject van advisering en besluitvorming vorm te geven. Een deel van de adviezen van de OR heeft het College van Bestuur overgenomen in zijn definitieve besluit. Het gaat om een besluit op hoofdlijnen dat wordt uitgewerkt in uitvoeringsplannen voor de verschillende onderdelen van de bedrijfsvoering. Deze worden gefaseerd geïmplementeerd over een periode van vier jaar. Ook gedurende de rest van het traject van de reorganisatie blijft het College van Bestuur de OR nauw betrekken. Langius: “De OR deelt het financiele kader van de reorganisatie niet, maar onderschrijft wel de doelstellingen van de reorganisatie. Tot onze spijt heeft de OR ons gisteren bericht zich nu tot de Ondernemingskamer te zullen gaan wenden. Wij zullen blijven investeren in een goed overleg met de OR. Ditzelfde geldt voor het overleg met de vakbonden. De afgelopen maanden is hiermee overleg gevoerd om tot overeenstemming te komen over een aanvullend Sociaal Plan. Daarin zijn maatregelen opgenomen gericht op het zoveel mogelijk voorkomen van gedwongen ontslag. Hoewel de vakbonden nu hebben aangegeven het overleg op te schorten, zullen wij blijven investeren in een goed en zorgvuldig proces om tot een aanvullend Sociaal Plan te komen. Dit is immers van groot belang voor het bieden van de juiste en passende ondersteuning aan medewerkers in de reorganisatie”.

Recente artikelen