Kamerbrief over vrijwillig eigen risico en stijgende premie

schippers-wit-208Betreft:  verzoek mevr. Leijten (SP) regeling van werkzaamheden 15 januari 2013 – vrijwillig eigen risico en stijgende premie
In deze brief vindt u mijn reactie op de berichten dat in de toekomst de premies zullen stijgen voor degenen die chronisch ziek, gehandicapt of ouder zijn, doordat gezonde mensen een hoger vrijwillig eigen risico nemen. De Tweede Kamer heeft mij tijdens de regeling van werkzaamheden op 15 januari 2013 om deze reactie verzocht.

Zorgverzekeraars kunnen, naast het verplicht eigen risico, ook zorgpolissen aanbieden met een vrijwillig eigen risico tot maximaal € 500. Indien wordt gekozen voor een vrijwillig eigen risico biedt de zorgverzekeraar een korting aan op de premie. Immers, doordat de verzekerde de keuze maakt om tot een hoger bedrag zelf zijn kosten te dragen, hoeft de zorgverzekeraar minder uit collectieve middelen te betalen. Ten tijde van de invoering van de Zorgverzekeringswet is bewust voor deze mogelijkheid gekozen om de solidariteit op lange termijn te kunnen waarborgen.

In 2012 maakte ongeveer 6% van de verzekerden gebruik van een zorgpolis met vrijwillig eigen risico. De eerste berichten stellen dat dit aantal in 2013 zal stijgen. De exacte cijfers hierover zijn in het tweede kwartaal bekend.
Het gevolg van een eventuele stijging is dat de zorgverzekeraar voor een groep verzekerden minder premie-inkomsten krijgt. Een aantal berichten uit de media wekt de indruk dat dit verlies aan premie-inkomsten volgend jaar wordt voorkomen door een stijgende zorgpremie voor alle verzekerden. Echter, tegenover deze dalende premie-inkomsten, staan ook lagere kosten voor de zorgverzekeraar indien deze verzekerden toch zorgkosten maken.

Mocht de premiekorting groter zijn dan de lagere zorgkosten dan zou dit een verhogend effect op de nominale premie kunnen hebben. Zorgverzekeraars kunnen dan echter ook ervoor kiezen de premiekorting te verlagen. Het is nu te voorbarig om hier uitspraken over te doen.

Hoogachtend, de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
mw. drs. E.I. Schippers

bron: Rijksoverheid Kamerstukken