Samenleving nog niet klaar voor grotere rol mantelzorgers

wantrouwenMantelzorgers en zorgvrijwilligers krijgen in onze samenleving terecht steeds meer aandacht. In de dagelijkse praktijk ondervinden mantelzorgers evenwel tegenwerking als zij hun zorgtaken proberen uit te voeren. Dat constateert Mezzo, Landelijke Vereniging voor Mantelzorgers en Vrijwilligerszorg, aan de vooravond van de behandeling van de begroting van VWS.

Er is veel onduidelijkheid over de toekomst van de zorg. Niet alleen bij mantelzorgers, maar ook bij overheden, zorginstellingen en woningcorporaties. Mezzo constateert een toenemende neiging om de zorg in de nabije toekomst te beheersen in de vorm van regels, richtlijnen en protocollen. Dit leidt ertoe dat de betrokken partijen – mantelzorgers en instanties – met een toenemend wantrouwen naar elkaar kijken. Dat remt de door het kabinet beoogde participatiesamenleving. Bovendien is de mantelzorger daarvan de dupe en ook degene voor wie hij zorgtaken vervult, met alle risico’s van dien. Liesbeth Hoogendijk, directeur Mezzo: ‘Wij vragen hier aandacht voor omdat nu het tij nog te keren is. We moeten voorkomen dat deze belemmeringen over een jaar gemeengoed zijn geworden.’

Wantrouwen versus vertrouwen
Voorbeelden van belemmeringen die mantelzorgers de laatste tijd ondervinden:

·        De situaties die Mezzo ter ore komen worden schrijnender. Dit komt omdat er minder formele zorg beschikbaar is, de toegang tot een instelling wordt verzwaard en financiële tegemoetkomingen worden afgeschaft, zoals het mantelzorgcompliment.

·        Mantelzorgers worden bij het uitvoeren van hun zorgtaken geconfronteerd met tegenwerking bij de volgende situaties:

  • Ze willen graag bij elkaar gaan wonen maar wanneer de zorgvrager binnen twee jaar overlijdt, kan de woningcorporatie de mantelzorger het huis uit zetten omdat medehuurderschap pas na twee jaar te regelen is.
  • Ze willen graag dichterbij de zorgvrager gaan wonen, maar het verkrijgen van een urgentieverklaring is een heikel punt.
  • Ze zijn volgens de woningcorporatie teveel van huis om voor een ander te zorgen, en worden bedreigd met uithuiszetting.
  • Hun bijstandsuitkering kan worden gekort of stopgezet wanneer zij wegens tijdgebrek niet voldoen aan de sollicitatieplicht.
  • De mogelijkheid dat de gemeente – op basis van de nieuwe Wmo – hun huis binnen dringt om te controleren of er wel echt zorg wordt geleverd.

En dat alles in een samenleving waarin we juist meer voor en ander moeten gaan zorgen…..

Moreel verplichte mantelzorg

Moreel verplichte mantelzorg is nóg erger dan mantelzorgers juridisch verplichten. Om de zorg langdurig en intensief vol te houden moeten mantelzorgers – volgens Mezzo – altijd zelf kunnen kiezen op welke wijze zij voor een ander willen zorgen. Mantelzorgers niet wettelijk onder druk zetten, maar emotioneel – door hun naaste zorg te onthouden – als de mantelzorger niet aan voorwaarden voldoet, is onaanvaardbaar. Het is belangrijk dat staatssecretaris Van Rijn ook een standpunt gaat innemen over initiatieven die mantelzorg moreel verplichten, aldus Mezzo.

SCP: gemeenten niet op orde
Hoewel gemeenten sinds de invoering van de Wmo in 2007 al de taak hebben om mantelzorgers te ondersteunen, hebben zij mantelzorgers nog altijd onvoldoende in het vizier. En dat terwijl zij vanaf 1 januari 2015 met de mantelzorger moeten gaan samenwerken, hen moeten (blijven) ondersteunen én waarderen. Uit recent verschenen onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat 86% van de mantelzorgers betrokken waren bij de Wmo-aanvraag van degene voor wie zij zorgen. Bij maar liefst 68% van deze aanvragen is aan de mantelzorger niet gevraagd of hij zelf ondersteuning nodig heeft, bijvoorbeeld in de vorm van dagbesteding of respijtzorg, de belangrijke ondersteuningsvormen waarop vanaf 2015 25% wordt bezuinigd. Dagbesteding voor de zorgvrager is voor de mantelzorger vaak essentieel om bijvoorbeeld te kunnen blijven werken.

Wantrouwen versus vertrouwen
Voor een succesvolle totstandkoming van de participatiesamenleving roept Mezzo instanties op om ruimte te scheppen om voor elkaar te zorgen vanuit vertrouwen in plaats vanuit wantrouwen. Dat betekent maatwerk en minder regels, in plaats van meer.

Concreet betekent dit:

  • Ondersteuning op maat

Tijdens het keukentafelgesprek is het essentieel dat er niet alleen aan de mantelzorger wordt gevraagd wat hij kan doen, maar dat ook wordt gevraagd hoe het met de mantelzorger zelf gaat en wat hij zelf aan ondersteuning nodig heeft. Hierbij moet voldoende dagbesteding voor de zorgvrager voor handen zijn.

  • Samenwerking informele en formele zorg

Zorginstellingen moeten familie- en vrijwilligersbeleid invoeren, zonder verplichtend karakter.

  • Maak combinatie werk en mantelzorg mogelijk

De overheid heeft als grote werkgever in Nederland een voorbeeldfunctie en kan bedrijven stimuleren en ondersteunen om te komen tot mantelzorgvriendelijke personeelsbeleid. Werkgevers zouden dit beleid moeten overnemen en er eveneens in investeren.

  • Empowerment mantelzorgers

In een participatiesamenleving is het van belang dat mantelzorgers ook voor zichzelf op durven komen en dat zij de zorg met anderen delen. Zowel tijdens het keukentafelgesprek, met de huisarts, de werkgever, de formele zorg als in hun eigen sociale netwerk.

1 REACTIE

  1. LS! Het valt me op dat mogelijk vanwege reaguurders het steeds ingewikkelder gemaakt wordt om iets toe te voegen aan maatschappelijk discussies. Dit terzijde. Mijn moeder is 80, ik bezoek haar elke week. Een vriend van mij heeft recent in een bejaardentehuis gewerkt, waar blijkbaar de meeste bejaarden nooit bezoek ontvangen. Dat vind ik de schaamte voorbij. Je ouders hebben jarenlang je opgevoed en hard gewerkt om het gezin te voeden en draaiende te houden. Uit onderzoek valt wel te destilleren, dat Nederlanders gewoon veel voor de televisie zitten en niet het morele besef hebben, hun ouders op respectvolle wijze te bezoeken. Dan wordt het maar China, gewoon verplichten dat bezoek aan de eenzame ouderen!

Comments are closed.