Maastricht en Mainz vinden elkaar op gebied van trombose

dv-tromboseUitwisseling van kennis en kunde moet onder andere bijdragen aan verbetering trombosebehandeling
Op donderdag 20 februari hebben Maastricht UMC+ en het academisch ziekenhuis van Mainz (Universitätsmedizin der Johannes Gutenberg-Universität Mainz) de intentie uitgesproken tot een langdurige samenwerking op het gebied van trombose. Op die manier kunnen beide partijen hun kennis en kunde op het gebied van het veel voorkomende stollingsprobleem vergroten en verder uitgroeien als internationale expertisecentra. In de toekomst zou ook de patiënt daar voordeel uit kunnen halen door verdere specialisatie van beide ziekenhuizen en verbetering van behandelmethodes.

Trombose is een aandoening die kan ontstaan in de (slag-)aderen, waarbij bloedvaten dicht komen te zitten als gevolg van een stollingsprobleem. Dit kan leiden tot verminderde bloedtoevoer met uiteindelijk een beroerte of hartinfarct als gevolg. Daarmee is trombose een van de voornaamste oorzaken van overlijden aan hartfalen en sterven er wereldwijd jaarlijks miljoenen mensen als gevolg van hart- en vaatziekten. Dat vraagt om continue verbetering van behandelmethodes, manieren om trombose te voorkomen en de oorzaak van het stollingsprobleem te achterhalen.

Expertisecentra
“Maastricht UMC+ en het academisch ziekenhuis van Mainz gelden beiden al als vooraanstaande internationale spelers als het gaat om de behandeling van trombose,” zegt prof. dr. Hugo ten Cate, hoogleraar interne geneeskunde, en trombose-expert van Maastricht UMC+. “De expertise die beide centra bezitten uit zich onder andere in de specialistische behandelingen waarvoor patiënten van heinde en verre naar Mainz en Maastricht komen. Daarnaast wordt er op wetenschappelijk vlak voortdurend gewerkt aan innovaties om behandelingen effectiever te maken en om de oorzaken van trombose te achterhalen. Door de samenwerking kunnen beiden nog verder uitgroeien tot wereldwijde expertisecentra.”

Toekomst
In het Cardiovasculair Centrum (CVC) van Maastricht UMC+ en het Centrum voor Trombose en Hemostase (CTH) in Mainz moet de samenwerking gestalte krijgen. Daartoe zullen wetenschappers worden uitgewisseld, gezamenlijke onderzoeksprojecten worden opgestart en onderzoeksgegevens worden gedeeld. Zo zullen onder andere de rijke data van de Maastricht Studie worden gedeeld met Duitse onderzoekers en kunnen Maastrichtse onderzoekers putten uit de vergelijkbare Gütenberg Health Studie, waarin 5.000 mensen zijn opgenomen. Ten Cate: “Uiteindelijk moet de samenwerking uitgroeien tot een stabiele alliantie waar ook de patiënt zijn voordeel mee kan doen door verdere specialisatie en verbetering van behandelmethodes.”