‘Bloedstollend’ onderzoek bij toerversie Amstel Gold Race

0
3088

Tijdens de toerversie van de Amstel Gold Race op 19 april doen wetenschappers van de Universiteit Maastricht onderzoek naar de effecten van zware inspanning op de bloedstolling bij 96 wielrenners. Deze ‘Red meets gold’ studie is een vervolg op de spectaculaire ‘Red meets white’ expeditie in de Zwitserse Alpen in juni 2013, waar de effecten van zuurstoftekort en inspanning werden onderzocht.

De 96 deelnemers worden begeleid door een onderzoeksgroep van 30 artsen, onderzoekers en technici. Voor deze studie is een tijdelijk laboratorium op de Cauberg ingericht. Amstel_Gold_Race__Where_red_meets_gold_-_The_effect_of_strenuous_exercise_on_coagulationDaar wordt voor en na de race bloed afgenomen en verschillende metingen verricht (hartslag, zuurstofgehalte en spierschade).

Het is al langer bekend dat inspanning trombose kan veroorzaken. Het onderzoek van Synapse BV richt zich op de onderliggende verstoringen van het bloedstollingsproces die tot trombose leiden. De Red meets white expeditie heeft aangetoond dat zuurstoftekort geen invloed heeft op de plasmafactoren, maar wel op de cellen (bloedplaatjes). Dat maakt gerichte behandeling en preventie mogelijk. De Red meets gold studie richt zich nu op de gevolgen van inspanning bij normale zuurstofconcentraties.

Meer informatie is te vinden op www.redmeetsgold.nl

Lees ook het interview met Bas de Laat over de Red meets white expeditie: http://webmagazine.maastrichtuniversity.nl/index.php/research/body/item/434-blood-clotting-research-on-the-alps

Bron: Maastricht Universiteit

Vorig artikelGenetische routekaart biedt inzicht in oorzaak van ziektes
Volgend artikelVGN wil bevestiging dat ZZP VG3 naar Wlz gaat
Met ingang van januari 2008 zijn het academisch ziekenhuis Maastricht (azM) en de Faculteit Health, Medicine and Life Sciences van de Universiteit Maastricht gefuseerd tot het achtste universitair medisch centrum van Nederland. De nieuwe organisatie heet Maastricht UMC+. Het Maastricht UMC+ heeft als kerntaken: patiëntenzorg, onderzoek en onderwijs en opleiding. Daarin nemen, naast de standaard patiëntenzorg, topklinische zorg en topreferente zorg een belangrijke plaats in. Deze zijn nauwgezet afgestemd met het fundamenteel en het (experimenteel) klinisch onderzoek. Dit resulteert in de klinische onderzoeksspeerpunten hart en vaten; oncologie, chronische ziekten en geestelijke gezondheidszorg en neurowetenschappen.