NVA pleit op autismecongres voor vroegsignalering en gespecialiseerde diagnostische centra

0
516

De Nederlandse Vereniging voor Autisme pleit op haar jaarlijkse Autismecongres a.s. vrijdag voor gespecialiseerde centra die verantwoordelijk worden voor diagnostiek bij autisme. Bij vermoeden van autisme op een consultatiebureau of bij de huisarts kan dan direct daarnaar worden verwezen. De duur van vermoeden van autisme tot het stellen van de diagnose duurt bij kinderen nu gemiddeld 2,9 jaar. Bij volwassenen is dat nog langer. Veel kinderen, jongeren en volwassenen met autisme hebben meerdere zorg- of hulpverleningstrajecten doorlopen alvorens zij de juiste diagnose kregen. Dat duurt te lang en is onnodig kostbaar.

Zorg van de gemeente
Gemeenten krijgen vanaf 1 januari de taak om ook deze zorgdoelgroep goed te bedienen. Recente cijfers van het CBS gaan ervan uit dat 2,8 % van de Nederlandse kinderen volgens hun ouders een vorm van autisme heeft.  Uit internationaal onderzoek van de afgelopen 20 jaar blijkt dat er geen grote internationale verschillen zijn en dat de prevalentie van ASS rond de 0,6 tot 0,7% ligt (*). Gemeenten hebben nu de kans om vroegsignalering en diagnostiek van autisme goed en kosteneffectief in te richten.

Autism“Door de gespecialiseerde diagnostiek  te centraliseren versnel je het diagnostisch traject enorm, voorkom je onnodige uitgaven en zorg je dat kennis up-to-date blijft bij de diagnostici”, aldus Swanet Woldhuis, algemeen directeur van de Nederlandse Vereniging voor Autisme. “Als er inderdaad sprake is van een autismespectrumstoornis, kan daar ook op maat het passende vervolgtraject worden voorgesteld; zorgzwaarte, schooladvies, ondersteuning ouders, levensfase ondersteuning en voor de (jong)volwassenen loopbaanbegeleiding”.

Problemen voorkomen
Het vroeg kunnen vaststellen van autisme is belangrijk om te voorkomen dat een positieve ontwikkeling van kinderen met autisme wordt gefrustreerd. Het onbegrip leidt tot secundaire klachten zoals gebrek aan zelfvertrouwen, uitstoting in de peergroep, gedragsproblemen, problemen tussen ouder, kind en familie, problemen op school, etc. Goed onderzoek en gespecialiseerde diagnostiek zijn ook belangrijke voorwaarden om te voorkomen dat er onterecht een diagnose wordt gesteld. Je hebt er specifieke kennis en veel ervaring voor nodig.

Nieuwe richtlijn
Binnenkort verschijnt een nieuwe JGZ richtlijn voor vroege signalering van autisme. Ina van Berckelaer-Onnes (emeritus hoogleraar orthopedagogiek) is voorzitter van de werkgroep die deze JGZ richtlijn opstelt. Op het Autismecongres zal zij ervoor pleiten dat de 8 signalen van autisme vast onderdeel gaan uitmaken van het zogenoemde Van Wiechen ontwikkelingsonderzoek, dat op het consultatiebureau standaard bij alle kinderen wordt verricht. Ook van Berckelaer-Onnes onderschrijft het belang van gespecialiseerde autismecentra: “Het is belangrijk dat je signaleert dat een kind zich op een bepaald ontwikkelingsdomein traag of anders ontwikkelt. Je kunt dan samen met de ouders het kind en de hulpvraag in beeld brengen en indien nodig de ouders verwijzen naar een instantie waar snel en met kennis van zaken de juiste adviezen geboden kunnen worden. Het gaat in eerste instantie niet direct om een label, om het etiket autisme, maar om herkenning van de problemen die zich op een bepaald gebied voor doen. Alleen zo kan interventie geboden worden. Ouders moeten ondersteuning krijgen in de onderkenning van de problemen en in het opvoedingsproces.”

Bron: NVA