Griep lijkt iets af te nemen

0
1708

20 januari 2015 – De griepepidemie duurt voort. In sommige delen van Nederland zagen we dat de griep zich afgelopen week iets matigde. In het midden en oosten van Vlaanderen was de situatie wel verhoogd. Of de griep verder afneemt of hierna weer opvlamt, is uiteraard niet te voorspellen. De griep begon dit seizoen in Nederland, Engeland, Portugal en Zweden en is nu bezig zich verder door Europa te verspreiden.

griep 1
Griep in Nederland en Vlaanderen gedurende de afgelopen zes weken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Griepachtige ziektebeelden(ILI = influenza-like illness) in Nederland en Vlaanderen. De grijze krommen in deze grafieken tonen de epidemische grenswaarden.

griep 2
Griepachtige ziektebeelden(ILI = influenza-like illness) in Nederland. De grijze krommen in deze grafieken tonen de epidemische grenswaarden.

In de media werd vorige week bericht over een veel groter aantal longontsteking bij ouderen en ook meer ziekenhuisopnamen als gevolg van complicatie bij griep. Dat is ook wat viel te verwachten en waarvoor de Grote Griepmeting als eerste waarschuwde bij deze

griep 3
Griepachtige ziektebeelden(ILI = influenza-like illness) in Vlaanderen. De grijze krommen in deze grafieken tonen de epidemische grenswaarden.

nieuwe griep (‘Amerikaanse griep’ genoemd doordat de epidemie in de Verenigde Staten zo vroeg begon, maar in feite een griep die tegelijkertijd, zij het nog maar in enkele gevallen, ook al in Europa

rondwaarde). Doordat de griepprik geen bescherming bood tegen de nieuwe stammen van de A(H3N2)-griep, zou er een zwaarder griepseizoen ontstaan. Dit is inmiddels ook door het systeem van huisartsen van het Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg (NIVEL) bevestigd.

In week 2 van dit jaar meldden zich 139 patiënten per 100.000 inwoners bij één van de NIVEL-peilstationhuisartsen met een influenza-achtig ziektebeeld. De epidemische grenswaarde ligt voor het NIVEL op 51 per 100.000 inwoners.

 

Wie de grafieken van de Grote Griepmeting bekijkt, ziet dat de NIVEL-waarden een fikse onderschatting zijn van het werkelijke aantal grieppatiënten. Wetenschappelijke publicaties van onder andere het RIVM geven daar ook een verklaring voor:

“Per seizoen bezoeken ongeveer 300.000 personen (19 per 1.000 personen) met influenza (griep) de huisarts. Omdat slechts ongeveer 20% van de mensen met influenza hiermee naar de huisarts gaat (Friesema IH, Koppeschaar CE, Donker GA, Dijkstra F, van Noort SP, Smallenburg R, et al. Internet-based monitoring of influenza-like illness in the general population: experience of five influenza seasons in The Netherlands. Vaccine. 2009;27(45):6353-7), is de werkelijke incidentie van influenza het vijfvoudige. Schattingen uit de Grote Griepmeting komen op het tienvoudige: 3 miljoen Nederlanders per seizoen (Marquet RL, Bartelds AI, van Noort SP, Koppeschaar CE, Paget J, Schellevis FG, et al. Internet-based monitoring of influenza-like illness (ILI) in the general population of the Netherlands during the 2003-2004 influenza season. BMC Public Health. 2006;6:242.). Influenza staat op de vijfde plaats van aandoeningen met de hoogste incidentie.”
(https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/influenza/cijfers-context/incidentie-en-prevalentie#!ref_nVBDkR_2072)

De Grote Griepmeting registreert namelijk meldingen van de gehele bevolking, dus ook van grieppatiënten die niet naar de huisarts gaan en de infectieziekte gewoon uitzieken. Bij de Grote Griepmeting was in week 2 sprake dan ook sprake van 758 griepachtige ziektebeelden per 100.000 Nederlanders, wat ongeveer klopt met dat ‘vijfvoudige’.

In België is de situatie anders. Iedereen die daar verzuimt, moet contact hebben opgenomen met de huisarts. Van de Belgische griepmeters bezoekt zo’n 70% de huisarts. In België meet de Grote Griepmeting daarom een geringer verschil van het aantal grieppatiënten ten opzichte van de Belgische registraties door huisartsen.

Is de nieuwe griep ‘zwaarder’ dan de griep in andere seizoenen? Het huidige seizoen lijkt op dat van 2003-2004, toen het nieuwe A/Fujian/411/02 (H3N2) griepvirus de kop opstak. Ook toen startte de griepepidemie vroeg in december, maar met een veel hogere piek van het aantal gevallen.

De griepseizoenen vanaf 2003, zoals gemeten door de vrijwilligers van de Grote Griepmeting.

griep 5
De griepseizoenen vanaf 2003, zoals gemeten door de vrijwilligers van de Grote Griepmeting.
griep 4
De griepseizoenen vanaf 2003, zoals gemeten door de vrijwilligers van de Grote Griepmeting.De griepseizoenen vanaf 2003, zoals gemeten door de vrijwilligers van de Grote Griepmeting.

 

Het huidige griepseizoen 2014-2015 wijkt af doordat ouderen (65+) nu veel vaker dan normaal door de griep worden getroffen. Jonge ouderen zijn redelijk goed beschermd tegen griep doordat hun immuunsysteem nog volop werkt, zij tijdens hun leven een zekere immuniteit tegen verkoudheid en griep hebben opgebouwd, en/of beschermd worden door de griepprik die zij krijgen aangeboden. Naarmate de leeftijd vordert, verslechtert echter het immuunsysteem. Dit laatste resulteert in een verminderd vermogen om infectieziektes onder controle te krijgen en ook een verminderde respons bij vaccinatie. Griep kan dan ontaarden in longontsteking en in het ergste geval ook sterfte. Doordat de griepprik dit seizoen minder bescherming biedt, zien de huisartsen en ziekenhuizen op dit moment een flinke toename in het aantal longontstekingen.

griep 6
Griep in Nederland naar leeftijd. Opvallend is de snelle stijging bij ouderen. Mensen zonder (nog thuiswonende) kinderen hebben minder griep dan gezinnen met (jonge) thuiswonende kinderen.

 

 

Griep in Nederland naar leeftijd. Opvallend is de snelle stijging bij ouderen. Mensen zonder (nog thuiswonende) kinderen hebben minder griep dan gezinnen met (jonge) thuiswonende kinderen.

Toen de Grote Griepmeting in 2003 van start ging, heb ik in het NOS Journaal betoogd dat de uitkomst wel eens zou kunnen zijn dat het beter is kinderen te vaccineren om hun opa’s en oma’s tegen griep te beschermen. In 2012 is het Verenigd Koninkrijk begonnen met kinderen ouder dan 2 jaar via de scholen (op vrijwillige basis) tegen griep te vaccineren. Dat gebeurt overigens met een neusspray en niet door een nare prik. Als de in de neus verstoven griepvirussen overeenkomen met de rondwarende virussen, kan een zeer hoge immuniteit van meer dan 90% worden verkregen. Doordat kinderen de grootste verspreiders zijn van griep, verwacht men op die manier een veel grotere bescherming van de ouderen. Ook in de VS wordt aangeraden kinderen tegen griep te vaccineren.

In de Europese landen anders dan het Verenigd Koninkrijk vindt nog geen vaccinatie van kinderen plaats. De Gezondheidsraden volgen de Britse resultaten uiteraard wel op de voet. In Nederland wordt jaarlijks zo’n 55 miljoen euro gespendeerd aan de griepprik. Omdat jonge ouderen (60-65) steeds gezonder zijn geworden, is het de vraag of zij de griepprik nog wel echt nodig hebben. Dat is helaas nog nooit goed onderzocht.

 

Tekst: Carl Koppeschaar

Kaarten en grafieken: Dr. Sander van Noort

De verspreiding van de griep door Europa gedurende week 1 en week 2 van 2015:

griep 8
De verspreiding van de griep door Europa gedurende week 1 en week 2 van 2015:

griep 8

 

 

Kaarten: (c) ECDC/Dundas/TESSy

 

Op de Grote Griepmeting (www.degrotegriepmeting.nl / www.degrotegriepmeting.be) wordt de status van de griep dagelijks bijgehouden.

Vorig artikelHealth Valley Event 2015 – Where health leads innovation
Volgend artikelOmvang intramurale GGZ neemt af
Ik heb mij gespecialiseerd in interactief nieuws voor zorgverleners, zodat zorgverleners elke dag weer op de hoogte zijn van het nieuws wat voor hen relevant kan zijn. Zowel lekennieuws als nieuws specifiek voor zorgverleners en voorschrijvers. Social Media, Womens Health, Patient advocacy, patient empowerment, personalized medicine & Zorg2.0 zijn voor mij speerpunten om extra aandacht aan te besteden. Ik studeerde Fysiotherapie en Health Care bedrijfskunde. Ik heb veel ervaring in diverse functies in de medische- , farmaceutische industrie en de gezondheidszorg. En heb brede medische kennis van de meeste specialismen in de zorg. Ik ga jaarlijk naar de meeste toonaangevende medisch congressen in Europa en Amerika om mijn kennis up-to-date te houden en bij te blijven op de laatste ontwikkelingen en innovaties De berichten van mij op deze weblog vormen geen afspiegeling van strategie, beleid of richting van een werkgever noch zijn het werkzaamheden van of voor een opdrachtgever of werkgever.