Platform Houtrook en Gezondheid pleit voor verbod houtstook

0
1837

Luchtkwaliteit overal matig, behalve als het regent. De overheid moet ervoor zorgen dat minder mensen open haarden, inzethaarden en vrijstaande kachels gebruiken. Daarvoor pleit het Platform Houtrook en Gezondheid in een brief aan staatssecretaris Van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat.Het platform bestaat uit 23 partijen, waaronder enkele gemeenten, GGD’s, het RIVM en het Longfonds.

Volgens het platform bezit ongeveer 14 procent van de Nederlandse huishoudens een met hout gestookte installatie en neemt het gebruik daarvan toe. Voor omwonenden kunnen die haarden en kachels gezondheidsklachten, geurhinder en roetneerslag veroorzaken.

Meer voorlichting en regelgeving

Daarom verzoekt het overlegorgaan de staatssecretaris meer voorlichting te geven over de schadelijke effecten van houtrook. Ook moet er regelgeving komen om de gezondheidseffecten en overlast te kunnen meten en handhaven. Tenslotte wil het platform dat er een systeem met eisen komt voor stookinstallaties en het gebruik ervan.

Het Platform Houtrook en Gezondheid noemt als concrete oplossing het instellen van een stookalarm of -verbod. Als er bijvoorbeeld weinig wind staat, zou de overheid het stoken van hout moeten kunnen verbieden, omdat de rook en fijnstof blijft hangen en mensen er extra last van kunnen krijgen.

Het gebruik van openhaarden, inzethaarden, kachels, vuurkorven en barbecues neemt de laatste jaren toe. Ze worden gebruikt voor het verwarmen van woningen, voor de sfeer of voor recreatief gebruik. Ongeveer 10% van de Nederlandse huishoudens bezit bijvoorbeeld een houtkachel of openhaard. Het stoken van hout kan voor omwonenden overlast opleveren in de vorm van geurhinder, gezondheidsschade en roetneerslag. Om overlast of gezondheidsschade als gevolg van het stoken van hout en andere vaste brandstoffen door particulieren te voorkomen en/of te verminderen, is mede op initiatief van de Rijksoverheid het Platform Houtrook en Gezondheid ingesteld.

Het Platform Houtrook en Gezondheid is samengesteld uit een brede vertegenwoordiging van partijen uit het veld van onderzoek, maatschappelijke organisaties, ondernemers en overheid. Het platform heeft diverse oplossingsrichtingen in kaart gebracht om overlast of gezondheidsschade als gevolg van het stoken van hout door particulieren, te voorkomen dan wel te verminderen. Het Overlegorgaan Infrastructuur en Milieu (OIM) organiseert bijeenkomsten met betrekking tot Houtrook en Gezondheid waar de oplossingsrichtingen worden afgewogen.

In opdracht van het fonds heeft kennisinstituut TNO onderzoek gedaan naar de luchtkwaliteit in Nederland. ,,En op veel plekken is inademen ongezond.” Op de website van het Longfonds kan nu iedereen zien wat de kwaliteit is van de lucht die hij inademt. Waar je ook bent. De data zijn actueel, want worden door TNO regelmatig ververst.

De lucht krijgt overal het predikaat ‘matig’, de verschillen zijn klein. Op een schaal van 1 tot 10 schommelt de vervuiling in De Langstraat en Het Land van Heusden en Altena tussen de 3.3 en 3.8. Alleen de locatie van het gemeentehuis van Waalwijk tikt, op het moment van checken, de 4 aan. Ook opvallend, een dag later valt de test een stuk beter uit. Regen blijkt goed voor de luchtkwaliteit.

De metingen zijn altijd momentopnames, beaamt Pauline van Voorst, woordvoerder van het Longfonds. Dat de lucht in de buurt van een autoweg net zo vervuild kan zijn als de lucht in het buitengebied, valt te verklaren, zegt ze. ,,Misschien zit er in het buitengebied een veehouderij in de buurt of wordt er meer hout gestookt.”

TNO test de luchtkwaliteit via ingewikkelde berekeningen en 100 meetstations verspreid door het land. Het instituut heeft voor het Longfonds vooral gekeken naar de vervuiling door verkeer en houtstook. Auto’s vervuilen de lucht met stikstofdioxide, hout stoken zorgt voor fijnstof in de lucht.

Het Longfonds wil met de campagne gemeenten overtuigen maatregelen te nemen. ,,Beperk houtstook dat levert direct resultaat op. Denk aan het invoeren van een milieuzone en geef voorlichting bij nieuwbouwprojecten.”