KPMG-rapport ‘Wie doet het met wie?’

Recent heeft KPMG Health haar visie op de ontwikkelingen in de zorg gedeeld middels het rapport ‘Wie doet het met wie, het verbonden zorglandschap’, dat zij van harte aanbevelen. Deze visie sluit goed aan bij de beweging ‘De juiste zorg op de juiste plek’ en de ontwikkeling van regionale zorgverlening. Hierin komt sterk naar voren dat samenwerking het best werkt als deze ontstaat vanuit de zorgprofessionals, rondom zorginhoudelijke onderwerpen en op basis van de zorgbehoefte in de regio. Een aantal belangrijke inzichten in dit rapport hebben wij voor u samengevat met name gericht op de betekenis voor de organisatie van zorg en de ICT-ondersteuning van regionale zorg.

De visie heeft drie doelen:

  1. meer preventie van ziekte en zorg;
  2. minder beroep op medisch-specialistische zorg;
  3. als dat laatste toch nodig is: die zorg zo efficiënt mogelijk organiseren.

Aantal uitganspunten

Deze visie is gebaseerd op een aantal uitgangspunten. De sterke focus op preventie en zelfregie, leveringsmodellen over verschillende typen aanbieders heen, sterke inzet van digitale technieken, informatie-uitwisseling tussen aanbieders en een sterke governance voor de collectieve aansturing. Deze nieuwe visie kunnen we alleen realiseren als we hem concreet kunnen maken. Daarom schetst KPMG in deze publicatie hoe het verbonden zorglandschap eruit kan zien. Dat doen we in de vorm van een aantal lagen die erom vragen in samenhang uitgewerkt te worden:

  1. een toekomstbestendige (fysieke) infrastructuur met aanbieders zoals complexe interventiecentra en integrale zorgcentra;
  2. nieuwe leveringsmodellen zoals blended care models en zorg thuis, waarbij niet de infrastructuur centraal staat, maar de patiënt en diens behoefte;
  3. een veilige data-infrastructuur waarmee patiënten en zorgaanbieders (medische) data kunnen uitwisselen binnen en tussen regio’s;
  4. een sterke regionale governance die daadwerkelijk veranderingen in de regio kan doorvoeren;
  5. wet- en regelgeving die de gewenste veranderingen ondersteunt.

Data moet vrij kunnen stromen

Betreffende de informatie- en datastructuur: Data moet vrij kunnen stromen, als de olie tussen de tandwielen van moderne organisaties die naadloze samenwerking mogelijk maakt. Standaardisatie van zorginformatie is daartoe onontbeerlijk. De overheid ontwikkelt hiertoe concrete richtlijnen onder andere de Basisgegevensset Zorg (BgZ), een uitstekend uitgangspunt voor de verdere standaardisatie. De BgZ bevat specialisme- en ziektebeeld overstijgende gegevens, opgebouwd uit zorginformatiebouwstenen (ZIB’s). Deze set is echter nog niet compleet: er zullen aanvullende gegevens en aanpassingen nodig zijn om tot een set te komen die bruikbaar is voor alle zorgaanbieders

Er zijn drie belangrijke pijlers om die data-uitwisseling te realiseren:

  1. data eenduidig vastleggen;
  2. partijen verbinden om data uit te wisselen;
  3. en data verrijken en benutten voor nieuwe toepassingen.

In het verbonden zorglandschap concentreert data zich op drie plekken, bij de diverse zorgaanbieders op interne dataplatformen, bij burgers in een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO), bij regionale entiteiten op een, nog te realiseren, regionaal dataplatform.

De uitwisseling van medische gegevens zal via twee routes verlopen:

  • De burger zal zelf informatie ophalen bij zorgverleners en alle zorgverleners toegang kunnen verlenen tot zijn of haar gegevens.
  • Via een vorm van professionele informatie-uitwisseling.

Standaarddataset

Een regionaal platform kan gebruikt worden om de standaarddataset van de patiënt centraal op te slaan. Het regionale zorgplatform stelt de informatie vervolgens weer beschikbaar aan een andere zorginstelling waar de patiënt komt. Het regionale dataplatform koppelt tevens met landelijke infrastructuur voor bovenregionale data-uitwisseling.

Data wordt in het verbonden zorglandschap niet alleen uitgewisseld voor patiëntenzorg, maar ook verrijkt en gecombineerd met technieken als machine learning en algoritmes om tot nieuwe toepassingen te komen:

  • Population health management. Met een centraal dataplatform is het mogelijk om inzichten te verkrijgen op populatieniveau. Deze worden vertaald naar risicoprofielen en ingezet voor population health management en preventie.
  • Beslisondersteuning voor patiënten en professionals. Aan de hand van risicoprofielen kunnen zorgverleners gebruikmaken van geavanceerde medische beslisondersteuning voor het verlenen van zorg. Patiënten krijgen informatie op maat over hun risico’s en aandoeningen om ze te helpen betere keuzes te maken.
  • Ontwikkelen van nieuwe behandelingen. Door algoritmes toe te passen op de grote dataset waartoe het regionale platform toegang geeft, kunnen onderzoekers nieuwe behandelingen ontwikkelen en hun effectiviteit toetsen.
  • Procesoptimalisatie in de regio. De centrale data kan worden benut om real-time inzicht te hebben in wachttijden en capaciteitsbenutting. Zo kunnen zorgaanbieders de zorgvraag beter over de regio verspreiden en wachttijden verkorten.

Verbonden zorglandschap

Hoe realiseren we het verbonden zorglandschap? Hoewel dit toekomstbeeld van regionale samenwerking voor de hand ligt, is het realiseren ervan niet triviaal. De manier waarop we de zorg nu hebben georganiseerd sluit onvoldoende aan en belemmert noodzakelijke veranderingen. Samenwerking werkt het best als deze ontstaat vanuit de zorgprofessionals en rondom zorginhoudelijke onderwerpen en op basis van de zorgbehoefte in de regio. Een meer integrale visie op het verbonden zorglandschap en de sturing van de realisatie ervan is noodzakelijk. Daarom is het niet voldoende om te starten met projecten en pilots, maar is het juist nodig om oog te hebben voor het perspectief op de lange termijn. Onderstaande opsomming geeft weer welke stappen noodzakelijk zijn voor een effectieve integrale samenwerking.

De volgorde van deze stappen is van wezenlijk belang:

  • Starten met de regio: het afbakenen van de regio, in elk geval voor de start van de samenwerking.
  • Het leggen van de basis: bepalen van de gezamenlijke visie en het inrichten van een regionale governance.
  • Daadwerkelijk veranderen: aan de slag met het inrichten van zorgleveringsmodel en dataplatform.
  • Structureel verankeren: op basis van onderling vertrouwen, gezamenlijk oppakken van zaken die resulteren in het echt verschuiven van de zorg, gezamenlijke investeringsagenda en herinrichten van de infrastructuur.

KPMG gaat met u graag het gesprek aan hoe deze visie om te zetten in pragmatische stappen voor uw organisatie.

Bron: PortaVita

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.