Interessant symposium over doorbraak in behandeling volksziekte diabetes mellitus type 2

0
235
Klik op afbeelding om te vergroten

Positieve resultaten nieuwe diabetesmedicijn exenatide
In 2025 zal het aantal mensen met diabetes mellitus type 2 (DM2) in Nederland verdubbelt zijn tot ongeveer 1.3 miljoen mensen. Helaas is er nog steeds geen medicatie beschikbaar om het progressieve ziektebeloop van DM2 te veranderen. De traditionele aanpak, een combinatie van verandering van leefgewoonte en het medicijn metformine, is op de lange termijn vaak onvoldoende voor veel mensen, waardoor uiteindelijke behandeling met insuline noodzakelijk wordt. De behandeling met het nieuwe medicijn exenatide levert verrassende resultaten, waaronder: toename van de insuline-afgifte, verlaging van de bloedglucosegehale en verlaging van het lichaamsgewicht en lichaamsvetgehalte. Exenatide lijkt erg op de lichaamseigen stof GLP-1, die een belangrijke rol speelt in de regulatie van de insulineproductie en –afgifte na een maaltijd. Er zijn echter op een aantal punten verschillen, waardoor exenatide een langere werkingsduur heeft als GLP-1. Arts-onderzoeker van het VUmc diabetescentrum, en klinisch geneticus in opleiding Mathijs Bunck, deed onderzoek naar de effecten van het gebruik van het nieuwe medicijn exenatide en promoveert op 9 september aan VU medisch centrum in Amsterdam.

 

Bunck onderzocht 69 mensen, 45 mannen en 24 vrouwen met DM2. Via loting werden 36 mensen behandeld met exenatide en 33 mensen met insuline glargine (een langwerkend insuline preparaat). Deelnemers werden gedurende één jaar behandeld met de onderzoeksmedicatie en zowel voor- als na de behandelperiode werd het effect gemeten. Naast de al eerder genoemde voordelen van het gebruik van exenatide (toename van de insuline-afgifte, verlaging van de bloedglucose en verlaging van het lichaamsgewicht en lichaamsvetgehalte), was er ook een toename van de insulinegevoeligheid en gunstige beïnvloeding van de diverse risicofactoren voor hart- en vaatziekten. Een driejarige vervolgstudie met exenatide onder dezelfde deelnemers laat gelijke effecten zien. Kanttekening is wel dat na het staken van de behandeling met exenatide en insuline glargine de gunstige effecten uiteindelijk verdwijnen, na 3 maanden. Dit kan verschillende redenen hebben, zoals een studiepopulatie die door langdurige DM2 onvoldoende potentie heeft tot herstel van  insuline-afgifte. Er zijn, in de huidige studie, echter aanwijzingen dat langdurige behandeling met exenatide de insuline-afgifte mogelijk blijvend kunnen beïnvloedden. Meer onderzoek is nodig om te bepalen of behandeling met exenatide de overgang naar DM2 kan vertragen of zelfs voorkomen en wat eventuele complicaties zijn bij langdurig gebruik van exenatide.

 

Mathijs Bunck promoveert samen met Mike Fineman, die onderzoek deed naar……. op 9 september. Voorafgaand aan de promotie vind een symposium plaats met bekende internationale sprekers. Prof. Steven Kahn spreekt over ‘Islet amyloid and beta-cell stress’ en Prof. Ralph DeFronzo houdt een voordracht met als titel ‘Prevention of Type 2 DM: can it be achieved?’.

Voor meer informatie over de promoties en het symposium kijk op www.vumc.nl/agenda.