Keizer Kanker verliest terrein

Er komen in de komende jaren vele nieuwe geneesmiddelen op de markt om kanker terug te dringen, ook indien er reeds uitzaaingen zijn. Deze middelen zijn gebaseerd op gentechnology en grijpen in op de signalen die genen via signaalpaden doorgeven aan kankercellen om zich te vermeerderen. Deze middelen heten biologicals, een woordspeling op pharmaceuticals. Dit is de eerste voorspelling die Siddhartha Mukherjee doet op pagina 492 van zijn bestseller met de vertaalde Nederlandse titel “De keizer aller ziektes, een biografie van kanker”. De Bezige Bij bracht het 591 pagina’s tellende boek in afgelopen najaar uit. Mukherjee beschrijft de ontstaansgeschiedenis van vele vormen van screening , diagnostiek en behandeling van kanker. Hij doet dit op een weergaloze wijze. Ik had in de kerstvakantie tijd om het boek te lezen en vond het een pageturner. Mukherjee ziet nog twee andere mogelijkheden om Keizer Kanker terug te dringen. De tweede is het bevorderen van preventie. Natuurlijk gaat het hierbij om het terugdringen van roken. Dat lukt goed in de Westerse landen dankzij wetgeving. In opkomende landen als Rusland, China en India is nog veel eer te behalen voor bestrijders van tabaksgebruik. Daar is de wetgeving veel soepeler voor de sigarettenindustrie.  Die bouwt daar dan ook vele  fabrieken. Daarnaast biedt preventie nog vele mogelijkheden. Want kanker is niet alleen genetisch bepaald en door tabak uitgelokt. Virussen, bacterieen en pesticiden zijn ook onconogeen. Als derde mogelijkheid om kanker terug te dringen ziet Mukherjee mogelijkheden op basis van stamcelonderzoek. In de eerste strategie met biologicals is de groei van kankercellen al begonnen  en wordt deze geblokkeerd. In de derde aanpak komt die groei niet tot stand. De kankerstamcel wordt dan vervangen door een gezonde stamcel. Deze derde aanpak is nog toekomstmuziek. In het verleden speelde de ziekte kanker een kat-en-muis-spel met wetenschappers die iedere keer dachten de ziekte te hebben overwonnen. En dan verschenen er toch weer uitzaaiingen na vele jaren of waren de bijverschijnselen van de therapieen te ernstig. Op basis van dit historische kat-en-muis-spel verwacht Mukherjee wel dat Keizer Kanker wel terrein gaat verliezen maar altijd blijft bestaan. Graag beveel ik dit meeslepende boek aan Nieuwsbrieflezers aan, die als arts, verpleegkundige, preventie-expert, epidemioloog of zorginnovatie-onderzoeker met kankerpatienten omgaan. Wie in zijn privé-leven met kanker te maken heeft, leert uit het helder geschreven boek veel over specifieke tumoren. Want elk tumortype verschilt van het andere. Het boek heeft een prima trefwoordenregister.

Vorig artikelZeven aanbevelingen aan SEH’s op platteland
Volgend artikelDenemarken regelde concentratie van SEH’s in zeer korte tijd: ga mee erheen?
Guus Schrijvers (getrouwd met Els Zwaan, drie kinderen) werd op 24 juni 1949 geboren in Amsterdam als zesde kind in een katholiek onderwijzersgezin. Na het gymnasium B diploma behaald te hebben(1967) ging hij in Amsterdam economie studeren. Hij studeerde cum laude af (1973) bij prof. Wim Duisenberg op de na-oorlogse conjunctuurgolven en bij prof. Joop Hattinga Verschure op zelfzorgafdelingen in ziekenhuizen. In 1980 promoveerde hij in Maastricht op het onderwerp regionalisatie en financiering van de Engelse, Zweedse en Nederlandse gezondheidszorg. Een stelling uit zijn proefschrift werd zijn levensmotto: wie de kleine structuren niet eert, maakt de grote structuren verkeerd. Hij promoveerde bij de grondlegger van de Nederlandse gezondheidseconomie prof. Lou Groot en bij genoemde Hattinga Verschure. Van 1974 -1984 was Schrijvers lid van de Gemeenteraad van Utrecht voor de Partij van de Arbeid. Hij ‘deed’ daar portefeuilles zoals Volksgezondheid, Welzijn, Cultuur en Financiën. Op 1 juni 1987 werd Schrijvers samen met prof. Joop van Londen hoogleraar Public Health bij de Medische Faculteit Utrecht. Dat betekende voor hem een switch van macro onderwerpen zoals de inrichting van het verzekeringsstelsel naar kleinschalige projecten zoals educatie van diabetespatiënten. Uit een interview uit 1987 komt het citaat: ‘als de faculteit mij vraagt voor deze leerstoel, wil ik wat betekenen voor de faculteit. Dan geef ik de macro-onderwerpen op.’ Samen met Van Londen richtte hij zich in 1987 op innovaties in de thuiszorg en op ketenzorg bij chronische zieken. Later zou het die activiteiten onder de vlag disease management bundelen. Tien jaar kwam de belangstelling voor ketens in de spoedzorg erbij. Zijn kennis op dit terrein bundelde hij in het boek Moderne Patiëntenzorg in Nederland, dat hij in 2002 samen met de plaatsvervangend hoofdinspecteur drs. Nico Oudendijk voor de gezondheidszorg schreef. Vanaf het eerste begin had het bevorderen van het onderwijs in de Sociale Geneeskunde en de Volksgezondheid zijn grote aandacht. Toen Van Londen en hij begonnen was er helemaal niets op dit terrein. Schrijvers: ‘Een grote triomf ervoer ik op 2 april 1994 toen na zeven jaar trekken en duwen de eerste medische studenten bij een GGD en een Arbodienst een verplicht co-schap Sociale Geneeskunde liepen.’ In 1999 kwam een nieuw curriculum voor de medische studenten tot stand. Tropenjaren volgden tot 2006 voor hem en zijn collega dr. Gerdien de Weert om alle uitbreidingen van het sociaal geneeskundige onderwijs bij te benen. Zijn collegestof bundelde hij in 1997 en na verschillende drukken in 2002 in het boek Een kathedraal van Zorg en in de Engelse variant daarvan Health and Health Care in the Netherlands. Per 1 juli 2007 gaan de onderzoeksactiviteiten van Schrijvers over in de Unit Innovaties in de Zorg binnen het Julius Centrum, dat hij in 1996 met collega prof. Rick Grobbee oprichtte. Zijn aandacht blijft liggen bij Disease Management en Spoedzorg. Schrijvers: ‘Ik begrijp nog steeds niet helemaal hoe die kleine structuren binnen Disease management en spoedzorg precies functioneren. Er is tegenwoordig ook veel uitwisseling met collega’s in Noord Amerika en elders in Europa. Dat verrijkt het inzicht in hoge mate. Elk land is op dit terrein een laboratorium voor een ander land..Voorlopig heb ik mijn handen vol aan de nieuwe Unit. Toch zou ik nog twee boeken willen schrijven.Het ene krijgt als titel, De gemoderniseerde kathedraal van zorg. Het tweede boek moet gaan over ondernemersschap en gelijke toegang tot de zorg. Beide zijn belangrijk maar o zo moeilijk te combineren. Hierbij zou ik de kennis van macro econoom weer kunnen gebruiken.’ Als oud hoogleraar Public Health en gezondheidseconoom bij het UMC Utrecht. geeft hij met zijn nieuwe boek ‘Zorginnovatie volgens het Cappuccinomodel.’ zijn visie hoe de gezondheidszorg eruit zou kunnen zien in een maatschappij met schaarste aan zorg. Het boek is bestemd voor het middenkader van zorgorganisaties. Naast schrijver van boeken en artikelen over de gezondheidszorg is Guus lid van enkele stuurgroepen en begeleidingscommissies en geef ik lezingen en workshops. Guus Schrijvers is voor voordrachten, dagvoorzitterschappen, interviews en onderzoeksopdrachten te bereiken via mail@schrijvers.nl en telefonische via zijn secretaresse Annet Esser op telefoonnummer 030 250 9359.

1 REACTIE

Comments are closed.