Fysiotherapeuten massaal naar rechter wegens wurggreep zorgverzekeraar CZ

73 fysotherapiepraktijken in ons land eisen vandaag voor de rechtbank in Breda dat zorgverzekeraar CZ stopt met het opleggen van wurgcontracten waardoor de zorgverleners voor een hongerloontje moeten werken. Van de 73 praktijken durven er maar 9 met naam en toenaam in de dagvaarding te staan. De overige zijn bang voor represaillemaatregelen van de zorgverzekeraar maar dragen wel mee in de kosten van het kort geding.

De dappere deelnemende praktijken zijn Maatschap Corpus Fysiotherapie uit Baarle-Nassau, DePraktijk Theorie en Training uit Wouw, Froeling-Kremer Fysiotherapeuten uit Zundert, Praktijk voor Fysio- en Manuele Therapie Van Erpkuijpers en Stipdonk uit Deurne, Fysiotherapie Noordhuis uit Apeldoorn, Groustra Fysiotherapie uit Anna Paulowna, PrengerHoeman Fysiotherapie uit Winschoten, Topzorg Groep uit Goes en Fysiotherapie Plus uit Rotterdam. De praktijken worden in hun strijd gesteund door de Stichting Handhaving Vrije Artsenkeuze die de belangen van 5.000 zorgverleners behartigt.

Sluwe truc

‘CZ heeft een sluwe truc bedacht om fysiotherapeuten uit te knijpen’, stelt Robert Versteegh, algemeen directeur van dienstverlener Fysoptima namens de 9 betrokkenen.

‘Normaliter krijgen fysiotherapeuten een vergoeding bestaande uit een basistarief en een opslag als je voldoet aan de kwaliteitseisen. Het basistarief heeft CZ verlaagt van € 31,20 per behandeling naar € 28,10 voor dit jaar terwijl het leven duurder wordt en onze kosten oplopen. Uit recent kostprijsonderzoek van nota bene Zorgverzekeraars Nederland zelf blijkt dat de kosten van een zitting tussen € 34 en € 38 liggen. Kwalijker is nog dat CZ met een listige truc het ons onmogelijk maakt om de opslag te krijgen die we hard nodig hebben om het hoofd boven het water te houden’.

Maat is vol

‘In 2021 stelt CZ opeens als voorwaarde dat fysiotherapeuten alleen voor de extra vergoeding in aanmerking komen als ze sinds 2019 lid zijn van de Stichting Keurmerk Fysiotherapie (SKF). Maar hoe kun je nou in 2019 weten dat je je (tegen extra hoge kosten) moet aansluiten bij de SKF als CZ dat pas in 2021 eist? Volkomen onnodig overigens, want deze praktijken zijn met al hun collega’s aangesloten bij het register van het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie, de allerhoogste autoriteit op ons vakgebied. Zij voldoen allemaal aantoonbaar aan de eisen die gesteld worden voor de maximale opslag in 2021.’

‘Wij kunnen de tijd niet terugdraaien om alsnog in 2019 lid te worden van SKF. Dat weet CZ donders goed. Dit is weer de zoveelste truc om het leven van zorgverleners zuur te maken. Een eenmanszaak kan hierdoor zo’n € 15.000 per jaar op achteruit gaan. Een grote praktijk kan wel voor ruim € 150.000 de dupe worden van deze onbegrijpelijke maatregel. En dat ook nog eens midden in de Coronatijd, op het moment dat er reeds vele noodsignalen klinken dat praktijken het hoofd niet boven water kunnen houden. Dat is diep triest en onbegrijpelijk. CZ speelt een sluw spelletje door de beroepsvereniging KNGF en register SKF tegen elkaar uit te spelen om daarmee onze beroepsgroep een genadeklap te geven.’

Volgens Versteegh is voor betrokkenen de maat vol en gaan ze naar de rechtbank om te vechten voor hun patiënten, hun personeel en eigen bestaan. Versteegh: ‘Ze hebben niets meer te verliezen. Vooral in regio’s waar CZ de dominante zorgverzekeraar is, leidt deze truc tot een golf aan faillissementen of ontslag van medewerkers, voor wie het salaris vaak afhankelijk is van het tarief wat CZ vergoed.

Lange wachtlijsten

Doordat veel praktijken het loodje leggen, komen patiënten op de wachtlijst te staan bij fysiotherapeuten die wellicht ver bij hen vandaan zijn gevestigd. ‘Dat is vreselijk voor patiënten met pijn of bewegingsproblemen en senioren die moeilijk ter been zijn of afhankelijk van het openbaar vervoer. Door de wachtlijsten kan het ook gebeuren dat hulp te laat komt en de patiënt zodanig verslechtert dat er geen kans meer is op herstel. Patiënten zullen bovendien uit eigen zak moeten bijbetalen dus onze zorg wordt onbereikbaar voor mensen met een kleine of modale beurs.’

Angst voor represailles

Versteegh maakt zich bovendien zorgen over de toekomst van het vak. ‘Wie gaat er nog voor fysiotherapie studeren als daar geen toekomst in zit? Het beroep dreigt zo uit te sterven in plaats van dat er wordt geïnvesteerd in kwaliteit en innovatie. CZ vult zijn zakken over de rug van haar verzekerden door het zorgaanbod voor hen te verschralen. Nu zijn het fysiotherapeuten, welke beroepsgroep volgt na ons?’

De Stichting Handhaving Vrije Artsenkeuze vindt het dapper dat de 73 praktijken naar de rechter stappen. Voorzitter Ger Jager: ‘Dat niet iedereen genoemd wil worden in de dagvaarding heeft te maken met de angst die heerst voor represaillemaatregelen door de zorgverzekeraar. Als je in hun ogen ‘moeilijk’ bent, kunnen ze het je flink lastig maken. Ze kunnen dreigen het aantal behandelingen dat je mag doen te verlagen. Of ze wijzen aanvragen voor behandeling af omdat het zogenaamd niet wetenschappelijk onderbouwd is. In het ergste geval gaan ze materiele controles uitvoeren tot 5 jaar terug. Dan wijzen ze met terugwerkende kracht gedeclareerde behandelingen alsnog af op basis van onduidelijke en onbekende redenen. Als praktijk moet je dan forse bedragen terugbetalen. Een praktijk heeft in zijn eentje niet voldoende middelen om een advocaat in de hand te nemen. De zorgverzekeraars zijn financiële instellingen met veel geld in de kas en dure Zuidas-advocaten en verdisconteren de kosten van de advocaat gewoon in de premie.’

‘Bovendien houden zorgverzekeraars zich vaak niet aan de gerechtelijke uitspraken, zoals al een aantal keer eerder gebleken is. Daartegen maakt één therapeut geen schijn van kans ook al staat hij 100% zijn recht. Uiteindelijk gaat het erom wie het langst kan procederen en dat is in alle gevallen de zorgverzekeraar.’

Bron: Headline communications