Dalende trend verkeerde bed problematiek zet door in 2007

0
1710

Het transferproces van ziekenhuizen naar thuiszorginstellingen is de laatste jaren sterk verbeterd. Ketenpartners werken meer samen om de doorstroom van patienten te versnellen. Een eenzijdige wijziging in beleid door het Centrum Indicatiestelling Zorg gooit nu echter roet in het eten.

Om de invloed van de beleidsaanpassing door het CIZ op de verkeerde bed problematiek te kunnen monitoren heeft management adviesbureau Tild een nulmeting uitgevoerd over het jaar 2007.

 

Het CIZ is sinds september 2008 de regels betreffende ziekenhuisverplaatste zorg strenger gaan naleven. Indicatiestellingen worden minder snel afgegeven. En thuiszorgorganisaties, die voorheen dit type zorg via de AWBZ gefinancierd kregen, dienen nu de vergoeding direct bij de ziekenhuizen te verhalen.

Door deze wijziging van budgettering zijn meerdere ziekenhuizen nu aan het onderzoeken, of zij deze verplaatste zorg weer intern willen organiseren.

Dit leidt in sommige situaties tot wrijving tussen ketenpartners. Om de invloed van deze wrijving op de verkeerde bed problematiek te kunnen monitoren heeft Tild een nulmeting uitgevoerd.

Een verkeerde bed patient verblijft langer in het ziekenhuis dan medisch noodzakelijk, omdat zijn thuissituatie het niet toelaat om ontslagen te worden. In sommige gevallen ligt hier een capaciteitsprobleem aan ten grondslag. In andere gevallen kan een slechte afstemming in het transferproces de oorzaak zijn.

 

Verkeerde bed problematiek 2007

 

Het onderzoek

Voor de nulmeting over het jaar 2007 zijn de jaardocumenten van 77 perifere ziekenhuizen onderzocht.

In 18 jaardocumenten werden geen cijfers gepubliceerd over de verkeerde bed patienten. Deze prestatie-indicator is wel een standaard onderdeel in het jaardocument van de Nederlandse Vereniging van ziekenhuizen.

In de overige 59 jaardocumenten werd het aandeel verkeerde bed patienten genoemd en/of het aandeel verkeerde bed verpleegdagen.

 

Cumulatieve verkeerde bed problematiek

 

De resultaten

In 2006 lag het aandeel verkeerd bezette bedden op 3,1% en was het aantal ziekenhuizen met een transmurale afdeling met 8% afgenomen.

Voor de ziekenhuizen die het aandeel verkeerde bed verpleegdagen hebben gepubliceerd, ligt het aandeel gemiddeld op 2,3% per ziekenhuis. In totaal waren dit 42 ziekenhuizen.

Voor de 17 ziekenhuizen die het aantal verkeerde bed patienten hebben vermeld in hun jaardocument ligt het gemiddelde op 1,69% verkeerde bed patienten per instelling.

Voor de 59 ziekenhuizen geldt dat de dalende trend van verkeerde bed verpleegdagen is voortgezet in 2007.

Het is de vraag in hoeverre deze striktere naleving van de regels door het CIZ een wig zal drijven tussen de ketenpartners en van invloed zal zijn op de verkeerde bed problematiek.

Tild zal in de maand november het onderzoek verder aanvullen met cijfers van de academische en overige perifere ziekenhuizen.