Falende artsen-microbioloog van het Maasstad Ziekenhuis voor de tuchtrechter

0
191

De Inspectie voor de Gezondheidszorg brengt drie microbiologen van het Maasstad Ziekenhuis voor de tuchtrechter. Een vierde is te ernstig ziek. Zij zijn in de ogen van de IGZ de hoofdverantwoordelijken voor de volledig falende aanpak van de grote Klebsiella-uitbraak die het ziekenhuis in 2010 en 2011 trof. Vanwege de ernst en de omvang van het probleem bereidt de inspectie tucht- rechtelijke vervolgstappen voor, voor de BIG-geregistreerde individuele professionals van het Maasstad Ziekenhuis die zij als primaire verantwoordelijken beschouwt. Voor de eveneens verantwoordelijke adviseurs infectiepreventie, die niet onder de Wet BIG vallen, is dit niet mogelijk. Gezien hun verantwoordelijkheid voor de patientveiligheid vraag ik de Minister te overwegen deze beroepsgroep ook onder de Wet BIG te brengen. Dat schrijft de Inspectie in het rapport ‘Falen infectiepreventie in het Maasstad ziekenhuis verwijtbaar’.

Artsen-microbioloog en adviseurs infectiepreventie deden hun werk niet goed
Op grond van het beroepsprofiel en de WIP-richtlijnen hebben de artsen-microbioloog een zware verantwoordelijkheid om te zorgen voor een effectief infectie- preventiebeleid en om in te grijpen na het signaleren van een micro-organisme met een bijzonder resistentiepatroon uit diagnostisch materiaal van meerdere patiënten. Alle artsen-microbioloog waren op de hoogte van de Klebsiella-uitbraak op zowel de verpleegafdelingen als de IC.

Zij namen niet hun verantwoordelijkheid om de richtlijn BRMO van de WIP integraal uit te voeren. Zij reageerden niet op het steeds toenemende aantal patiënten met een Klebsiella en de signalen van buitenaf. Zij spraken elkaar niet aan op hun verantwoordelijkheid om maatregelen te treffen en zochten onvoldoende hulp van buiten. Door de gebrekkige samenwerking met de adviseurs infectiepreventie is de ernst van de calamiteit verder vergroot.

Ondanks de complexiteit van de organisatie, de communicatieproblemen binnen het ziekenhuis en de geconstateerde weerstand tegen de voorgestelde maatregelen in het kader van de infectiepreventie, acht de inspectie het handelen van de artsen- microbioloog gezien hun specifieke rol in deze problematiek niet zodanig als van een professional mag worden verwacht en tuchtrechtelijk verwijtbaar. De inspectie weegt daarbij mee dat deze artsen onvoldoende hebben geëscaleerd en evenmin deskundigheid van buiten het ziekenhuis hebben ingeroepen.

Adviseurs infectiepreventie, vroeger ziekenhuishygiënisten, dragen eveneens directe verantwoordelijkheid voor een effectief infectiepreventiebeleid. Ook hen treft het verwijt zich onvoldoende te hebben ingespannen de uitbraak in te dammen.

Bronnen: IGZ & NOS