Maastricht UMC+ ontwikkelt couveusebrancard

In het Maastricht UMC+ is in nauwe samenwerking tussen dokters en technici een nieuwe couveusebrancard voor te vroeg geboren baby’s ontwikkeld. Neonatologen in binnen- en buitenland zijn geïnteresseerd.

Vervoer van te vroeg geboren baby’s moet zoveel mogelijk worden vermeden. Het is beter als de moeder al voor de geboorte op een Neonatologie Intensive Care Unit (NICU) verblijft waar adequate zorgfaciliteiten aanwezig zijn. Loopt het anders, en is vervoer van een perifeer ziekenhuis naar een NICU toch nodig, dan is de couveusebrancard daarbij een belangrijk instrument. Het Maastricht UMC+ beschikt over zo’n Neonatologie Intensive Care Unit, waarvan er in Nederland tien zijn, verdeeld over het land.

De nieuwe couveusebrancard werd ontwikkeld omdat de ‘oude’ exemplaren aan vervanging toe waren en de couveuses die in de handel verkrijgbaar zijn, niet volledig voldeden aan de eisen die door de afdeling kindergeneeskunde van het Maastricht UMC+ gesteld werden.
Voor de Instrumentele Dienst van het ziekenhuis was dat aanleiding om te onderzoeken of het mogelijk was zelf een couveusebrancard te ontwikkelen. De kinderartsen stelden een wensenlijst samen: behalve het realiseren van een optimale ergonomische opstelling van de apparatuur moest er nieuwe bewakings- en beademingsapparatuur komen, de brancards moesten veiliger worden en lichter et cetera. Aan de hand van die wensenlijst gingen de Instrumentele Dienst van het ziekenhuis, en IDEE, de dienst van het Maastricht UMC+ die technologische oplossingen realiseert, aan de slag. Aan de hand van een 3D-ontwerp werd een kartonnen model van de couveusebrancard gefabriceerd, waarmee op de afdeling testen zijn gedaan. Na nog een aantal tussenstappen is er nu een prototype gereed, dat in de praktijk uitstekend blijkt te voldoen.

De nieuwe couveusebrancard bestaat uit een onderstel (trolley) en een specifiek draaggedeelte. Op dit draaggedeelte is speciale medische apparatuur (zoals beademingsmonitor, infuuspompen, gasvoorziening) gemonteerd, die is toegespitst op de zorg voor pasgeboren baby’s. De modulaire opbouw van het draaggedeelte maakt een klantspecifieke uitrusting mogelijk. De meeste klinieken willen namelijk met een eigen apparatuurconfiguratie werken.
Uniek aan de nieuwe couveusebrancard is vooral de kreukelzone die in het frame is aangebracht. Deze zorgt voor extra veiligheid, mocht de ambulance waarin de brancard vervoerd wordt, een aanrijding krijgen. Een andere bijzonderheid is het materiaal dat gebruikt is: carbon. Dat maakt de brancard heel licht, hetgeen plezierig is voor met name verpleegkundigen en andere gebruikers. Met het prototype is een testrit gemaakt en inmiddels zijn er twee couveusebrancards in gebruik in het Maastricht UMC+. De eerste ervaringen met de brancard zijn zonder meer positief te noemen.

Neonatologen in binnen- en buitenland zijn geïnteresseerd in de nieuwe faciliteit. De GGD Zuid-Limburg en Maxima Medisch Centrum in Eindhoven hebben exemplaren besteld. Bovendien is er vraag vanuit andere ziekenhuizen en ambulancediensten in Nederland, Belgie, Engeland en Noorwegen.
Maastricht Instruments BV, een spinoff-bedrijf van IDEE, onderzoekt momenteel of het technisch en commercieel haalbaar is om de couveusebrancard op de Europese markt te brengen. Eventuele serieproductie en verdere distributie wordt overgelaten aan andere (markt)partijen.
Meer informatie is beschikbaar op de volgende sites:
www.idee-mumc.nl en www.maastrichtinstruments.nl