Onderzoek naar inzet en bevoegdheden vrijwilligers in ouderenzorg

Zorgverleners zijn niet goed op de hoogte van de wet- en regelgeving over het inzetten van vrijwilligers en mantelzorgers
De komende jaren draait het in de ouderenzorg om de vraag: ‘Hoe gaan we met minder middelen beter aansluiten op de veranderende zorgvraag?’ Een van de oplossingen hiervoor is de inzet van vrijwilligers als onderdeel van de personele bezetting. Hoe kunnen zij in nauwe samenwerking met familie en kennissen bijdragen aan het welzijn van de client?

In opdracht van ActiZ heeft Motivaction onderzoek uitgevoerd naar de houding van medewerkers in de ouderenzorg ten opzichte van vrijwilligers en mantelzorgers. Uit dit onderzoek blijkt dat 40% van de zorgverleners niet goed op de hoogte is van de wet- en regelgeving omtrent de mogelijkheden van vrijwilligers en mantelzorgers. Daarnaast vindt 79% dat vrijwilligers en mantelzorgers van de overheid een financiele vergoeding zouden moeten krijgen.

Verder blijkt dat 69% van de zorgverleners vinden dat er meer vrijwilligers betrokken moeten worden; met name op het gebied van welzijn (activiteiten, hulp bij financien en eten geven), maar niet op het gebied van zorgtaken. Henk Nies (Vilans) pleit ervoor om vrijwilligers en mantelzorgers juist te betrekken bij zorgtaken, zoals het toedienen van medicijnen en het geven van injecties. Henk Nies gaat hierover in discussie met Desiree Bierlaagh (V&VN) tijdens het ActiZ-debat dat vanavond plaatsvindt. V&VN liet eerder weten hier niets in te zien.

Met dit debat – onderdeel van de campagne Het Nieuwe Ouder Worden – wil ActiZ samen met de ruim 350 deelnemers komen tot een toekomstvisie voor ouderenzorg. Titel van het debat is: “Kind, wat waren we verwend!” om nadrukkelijk te wijzen op het feit dat de tijd voorbij is dat een te groot deel van de ouderenzorg in professionele en betaalde handen is.

Tweede onderwerp van het debat is andere organisatievormen om beter aan te sluiten op de zorgvraag, waardoor de zorg weer betaalbaar wordt. Tijdens het debat worden concrete voorbeelden gepresenteerd van goedkopere zorg, met behoud van of zelfs meer kwaliteit. De vraag is hoe breed toepasbaar deze voorbeelden zijn. Jos de Blok (directeur Buurtzorg Nederland) vindt dat het de sector ontbeert aan creativiteit, waardoor er veel meer winst te behalen is dan iedereen denkt.

Hij gaat in discussie met Anja Schouten (directeur Zorgbalans) die vindt dat Buurtzorg een compliment verdient, maar sceptisch is over de mogelijkheden om de ouderenzorg verregaand te veranderen in de richting die Jos de Blok wil. Volgens haar is de sector hier niet toe in staat. Bovendien kunnen we het ons simpelweg niet veroorloven om medewerkers te missen die niet meegaan in deze verandering.

De timing van de ActiZ-debatten en de campagne Het Nieuwe Ouder Worden is niet toevallig gekozen. 2012 is het Europese jaar van Healthy Aging. In heel Europa is vergrijzing en de toename van de zorgkosten een belangrijk thema. Wat opvalt, is dat in Nederland de kosten van de ouderenzorg het snelste stijgen zo blijkt uit een recent rapport van de Europese Commissie. Zij wijt dit aan de verregaande institutionalisering van onze zorg.

Waar in andere landen veel ouderenzorg in handen is van vrienden en familie is in Nederland de neiging groot om het aan betaalde professionals over te laten. De titels van de debatten: “Hier is m’n moeder, regelen jullie het verder” en “Kind wat waren we verwend” verwijzen naar dit verschijnsel. Ook het Centraal Plan Bureau signaleerde onlangs dat de huidige organisatievorm zoveel personeel vergt dat dit in de toekomst niet meer valt te realiseren.

bron: ANP Pers Support