Gezondheid anno 2014: een mondiaal perspectief

Antibioticaresistentie-200x168Vandaag is het Wereldgezondheidsdag. Op deze dag vraagt de Wereldgezondheidsorganisatie aandacht voor gezondheid en ziektes in de wereld. Een goed moment om stil te staan bij de samenhang tussen onze gezondheid en die van mensen elders in de wereld. Door de toenemende mondialisering zijn wij en onze gezondheid onlosmakelijk verbonden met de gezondheid van mensen buiten onze landsgrenzen. Dit laat zich illustreren op diverse terreinen.

Neem bijvoorbeeld de Mexicaanse griepepidemie in 2009. Voor de bestrijding van dit virus bestelde Nederland 34 miljoen griepvaccins. Dit betekende dat voor iedere Nederlandse inwoner twee vaccins beschikbaar waren. De grieppandemie zorgde uiteindelijk maar voor een beperkte ziekte en bleken zoveel vaccins dus niet nodig te zijn. Er moesten wel twintig miljoen vaccins weggegooid worden! Vaccins die per stuk 7,20 euro kostten. De Nederlandse belastingbetaler moest hierdoor in totaal een bedrag van 144 miljoen euro ophoesten. Door onze enorme aankoop was het voor burgers in andere landen lastiger om toegang te krijgen tot dit schaarse vaccin. Vanwege een tekort aan financiele middelen in deze landen, in combinatie met de beperkte productiecapaciteit, kwam het voor dat sommige landen geen vaccins hadden. Er werd door de toenmalige minister van Volksgezondheid onvoldoende stilgestaan bij het effect van de aanpak in Nederland voor de gezondheid van burgers elders ter wereld. En bovendien, hoe effectief is de bestrijding als het virus bijvoorbeeld in India nog welig tiert.

Twee andere voorbeelden zijn de toenemende bedreiging van resistentie tegen tuberculosemedicatie en tegen antibiotica. Naar schatting worden 78.000 mensen per jaar in Europa besmet met multiresistente tuberculose, ook in Nederland. Het grootste aantal komt voor onder jongvolwassenen in Oost-Europa. Multiresistente tuberculose is een vorm van tuberculose die resistent is voor de standaardmedicijnen. Het aantal gevallen van tuberculose in Nederland is sinds een aantal jaren redelijk stabiel. Het aantal gevallen van multiresistente tuberculose neemt echter gestaag toe. Ook
antibioticaresistentie neemt toe.

Antibiotica zijn medicijnen die bacterien doden of remmen in de groei. Een nadeel van antibiotica is dat bacterien er ongevoelig of resistent voor kunnen worden bij overmatig gebruik. Gelukkig zijn artsen in Nederland terughoudend met het voorschrijven van antibiotica. Belgie en Frankrijk gebruiken ongeveer twee tot drie keer zoveel en in Zuid-Europese landen worden antibiotica tot wel vier keer zoveel voorgeschreven. Niet alleen het voorschrijfgedrag van antibiotica in de zorgsector draagt bij aan de toenemende resistentie van antibiotica. Het komt ook voor in de veterinaire sector. Hoewel er al verbetering heeft plaatsgevonden, is het hoge antibioticagebruik in de veesector in Nederland nog steeds zorgwekkend. Dit vormt een directe bedreiging voor onze volksgezondheid en de volksgezondheid elders. Bijvoorbeeld door vlees van slachtkippen dat overal gekocht kan worden.

Stuk voor stuk illustreren deze voorbeelden dat onze eigen gezondheid verbonden is met de gezondheid van mensen elders in de wereld. De genoemde voorbeelden zijn slechts een kleine greep uit het totale scala en benadrukken de noodzaak voor wederzijdse afhankelijkheid van landen en gezamenlijke gezondheidsoplossingen. Ze laten zien dat het waarborgen van mondiale gezondheid ook in ons eigen belang is en dat het toepassen van een mondiaal perspectief op gezondheid hard nodig is. Dit kan door onszelf de vraag te stellen: wat is het effect van ons beleid/onze aanpak op de gezondheid van
burgers, hier en elders in de wereld? Die vraag zou de toenmalige minister van Volksgezondheid in 2009 hebben geholpen bij het besluit over de griepvaccins.

Anders dan de overheden van bijvoorbeeld Zwitserland, Duitsland of het Verenigd Koninkrijk heeft de Nederlandse overheid geen expliciet beleid op het gebied van mondiale gezondheid. Dit is niet altijd zo geweest. In de jaren negentig stond Nederland juist bekend om haar internationale gezondheidsbeleid, haar systematische aanpak en haar goede aansluiting op demografische trends. Internationaal gezondheidsbeleid was zelfs belegd bij meerdere departementen, met een hoofdtaak voor het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het Ministerie van Buitenlandse Zaken.
Dit is in de afgelopen jaren veranderd. De nadruk is steeds meer komen te liggen op de inzet van het Nederlandse bedrijfsleven. Hierdoor lijkt het alsof handelsbelangen voorrang krijgen boven de bescherming van volksgezondheid.

Dit is ook merkbaar wanneer we kijken naar de opkomst van chronische ziektes. Deze opkomst is geen opzichzelfstaande ontwikkeling, maar dient juist geplaatst te worden in de context van mondialisering van gezondheidsproblemen. Jarenlang was er vooral aandacht voor de drie grote infectieziektes: hiv/aids, malaria en tuberculose. Tegenwoordig gaat steeds meer aandacht naar de niet-overdraagbare chronische aandoeningen. De Wereldgezondheidsorganisatie stelde vast dat de wereldwijde ziektelast hierdoor toeneemt, met name in hoge- en middeninkomenslanden. We leven langer
in Nederland, maar het aantal gezonde jaren dat verloren gaat doordat die in ziekte worden doorgebracht, neemt toe. Om chronische ziekten te bestrijden is vooral preventie nodig. Op 5 februari 2014 presenteerde het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport het Nationaal Programma Preventie: Alles is gezondheid… In 2012 had een op de tien inwoners van Nederland ernstig overgewicht. Daarbij komt dat obesitas steeds vaker samen gaat met chronische aandoeningen en een minder goede mentale gezondheid. In het Nationaal Programma Preventie wordt geen duidelijke link gelegd met de mondiale ontwikkelingen op dat vlak.

De marketing van ongezonde voeding kan bijvoorbeeld effectiever worden aangepakt wanneer landen samenwerken. Marketing krijgt een steeds internationaler karakter via internet, TV, online spelletjes, etc. Het reguleren van marketing van ongezonde voeding kan niet enkel binnen de landsgrenzen aangepakt worden. Op supra-nationaal niveau wordt door de WHO hard gewerkt aan bijvoorbeeld de ontwikkeling van een internationale suikerrichtlijn. En aan afspraken met betrekking tot de marketing gericht op kinderen. Dergelijke mondiale en Europese afspraken dragen bij aan
gezondheidsbescherming en versterken preventieve maatregelen van nationale overheden.

Gezondheid is een mensenrecht dat bescherming verdient, hier en elders. De wereldwijd gedeelde gezondheidsuitdagingen vragen om een mondiale blik op gezondheid. Onze nationale aanpak moet op consistente wijze gekoppeld worden aan internationale aanpak en afspraken. Wij dagen iedereen uit om de vraag te stellen: wat is het effect van ons beleid/onze aanpak op de gezondheid van burgers, hier en elders in de wereld? Dit is nodig zodat we gezamenlijk verantwoordelijkheid dragen en risico’s voor de mondiale volksgezondheid beter het hoofd kunnen bieden. Een mondiaal
gezondheidsperspectief: daar wordt iedereen beter van!

Anke Tijtsma Jacqueline Mulders
Directeur Pleitbezorger mondiale gezondheid

Bron: Nieuwsbank.nl/Wemos