V&VN stuurt brandbrief vanwege tekort aan verpleegkundigen in de wijk en ziekenhuis

0
1274
sign here please

Er is een structureel tekort aan mensen in de wijkverpleging, maar in de zomer wordt dat extra nijpend. Openstaande vacatures, collega’s en mantelzorgers op vakantie, minder ziekenhuisbedden beschikbaar en extra verzoeken van naburige organisaties. Er is op dit moment al een structureel tekort aan wijkverpleegkundigen. Eind 2016 waren er 1000 mensen nodig; dit tekort zal volgens VWS oplopen tot tussen de 2500 en 3500 in 2019. Ook aan verzorgenden in de wijk is een gebrek, al zijn daarvan geen officiële cijfers bekend.

Vandaag wordt er door de vaste Kamercommissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) vergaderd over de wijkverpleging. V&VN heeft de leden van de commissie daarom een brief gestuurd over de tekorten en het effect daarvan.

De ouderenzorg in Nederland wordt voor het overgrote deel thuis geleverd. 8% van de kwetsbare ouderen woont in een verpleeghuis. Dat percentage zal zeker niet stijgen; de ligduur in verpleeghuizen daalt zeer snel en is inmiddels korter dan een jaar. Dat betekent dat mensen tot op zeer hoge leeftijd thuis blijven wonen en afhankelijk zijn van naasten en professionals.

Wijkverpleegkundigen spelen in deze ontwikkeling een sleutelrol. Daarom hebben branchepartijen en het ministerie van VWS gisteren een bestuurlijk akkoord wijkverpleging 2018 afgesloten dat erop is gericht om wijkverpleegkundigen de ruimte te geven die nodig is om hun vak met trots uit te oefenen en verder te ontwikkelen. Onderdeel van het akkoord is een ontwikkelagenda met daarin afspraken over de verdere ontwikkeling van het vak en de professionele standaarden die daarbij horen.

Tegen deze achtergrond, en met het oog op het Algemeen Overleg over wijkverpleging op 5 juli 2017 vragen wij uw aandacht voor het volgende:

Eind 2016 was er een tekort van 1.000 wijkverpleegkundigen. Dit tekort loopt snel op, omdat er – door de hierboven geschetste ontwikkelingen – steeds meer wijkverpleegkundigen nodig zijn. Er is ook een tekort aan verzorgenden in de wijk: vacatures staan lang open, het verloop is groot. Om alle afgesproken zorg te kunnen leveren, werken verzorgenden in de wijk bijna standaard meer dan hun contracturen. Ze hebben veel gebroken diensten. De loyaliteit is groot; niemand laat een clie?nt in de steek.

De druk in de wijk heeft directe gevolgen in andere schakels van de zorgketen, zoals de spoedeisende hulp in de ziekenhuizen, en bij huisartsenposten en aanbieders van crisisbedden, waar de druk ook toeneemt. Uiteindelijk drijft dit de totale zorgkosten onnodig op en zet dit de ontwikkelagenda wijkverpleging onder druk. Teveel tijd, aandacht en geld gaat dan naar het dichtlopen van gaten en te weinig naar ontwikkeling en scholing.

De wijkverpleging ziet met angst en beven de zomer op zich af komen. Minder professionals en mantelzorgers door vakantie, verminderde capaciteit in ziekenhuizen, meer hulpvragen van collega-zorgaanbieders. Een concreet voorbeeld: bij een wijkzorgorganisatie staan op dit moment honderden diensten in de vakantieperiode open terwijl de uitzendbureaus al zijn ‘leeg getrokken’. De 40% hogere kosten van een uitzendkracht worden op de koop toe genomen. Dat betekent echter wel dat er minder budget overblijft voor de noodzakelijke scholing, voor preventie en om zelfredzaamheid bij clie?nten te stimuleren. Voor de verpleeghuiszorg kwamen in april miljoenen extra vrij om personeelstekorten in de zomer op te lossen. De wijkverpleging kampt met diezelfde personeelstekorten. Dit soort impulsen zijn noodzakelijk om de veiligheid van de zorg thuis te kunnen garanderen.

Ook op lange termijn is er nog geen oplossing in zicht. Werkgevers in de zorg concurreren op ongezonde wijze en kopen professionals bij elkaar weg. Het is van groot belang dat alle landelijke en regionale partijen verantwoordelijkheid tonen voor het oplossen van personeelstekorten en het cree?ren van een gezonde arbeidsmarkt, waarin het voor professionals mogelijk wordt om op een positieve manier te kunnen kiezen voor de ouderenzorg, in de wijk e?n in het verpleeghuis. Ziekenhuizen en andere (grote) regionale instellingen hebben hierin een bijzondere verantwoordelijkheid. Wij merken dat deze integrale aanpak niet vanzelf ontstaat, waardoor het arbeidsmarktprobleem steeds groter wordt en uiteindelijk ernstige gevolgen kan hebben voor de kwaliteit van zorg. Wij pleiten er daarom voor dat het ministerie van VWS hierin stevig de regie neemt en arbeidsmarktafspraken op regionaal niveau afdwingt.

Bij zorgverleners staan zowel scholing als het hebben van voldoende vakbekwame collega’s zeer hoog op de prioriteitenlijst. Extra budget voor scholing is daarom niet alleen nodig om vakbekwaamheid, en daarmee de verleende zorg, op peil te houden en te verstevigen, maar ook om het werk – zoals afgesproken in het bestuurlijke akkoord wijkverpleging – zo aantrekkelijk mogelijk te houden en te maken voor de huidige en toekomstige professionals die we in groeiende aantallen nodig hebben in de wijk.

Wijkverpleging is een prachtig beroep, dat een steeds grotere rol speelt in de zorgketen. Het beroep is volop in beweging, of het nu gaat om de groeiende preventieve taken van de wijkverpleegkundigen of de ontwikkelingen in de zorg voor clie?nten met dementie. Door te investeren in goede wijkverpleging voorkomen we onnodige ziekenhuisopnames, verlagen we de druk op de dure, onvoorspelbare acute keten en leveren we een bijdrage aan een participatiemaatschappij waarin we ouderen zinvol en respectvol ondersteunen in hun eigen woonsituatie.

Het is, kortom, van groot belang om te investeren in de volle breedte van de ouderenzorg, en daarbij speciale aandacht te besteden aan de ontwikkeling van de wijkverpleging en het aanpakken van de personeelstekorten.

Brief V&VN aan vaste kamercommissie VWS

Bron: V&VN