Koffie en kanker

1
533

Koffiedrinkers werden voortdurend onzeker gemaakt door de diverse berichten over een mogelijk verband tussen het koffiegebruik en kanker. De jongste resultaten van onderzoeken bewijzen evenwel dat eerder het tegenovergestelde het geval is: blijkbaar kunnen bepaalde inhoudelijke stoffen van koffie zelfs een bescherming bieden tegen kanker.


Intussen worden er vermoedens bevestigd dat koffie substanties bevat die gelijkaardig werken als anti-oxydantia (waartoe bv. vitamine B, caroteen, vitamine C en E behoren), die ons lichaam beschermen tegen het ontstaan van kanker. Zo lijkt het chlorogeenzuur in koffie een beschermende factor tegen kanker van de dikke darm en de lever te zijn. Andere koffiebestanddelen hebben blijkbaar een anti-mutageen effect: ze behoeden onze lichaamscellen ervoor om in kankercellen te ontaarden. Een actuele studie uit Zwitserland toont aan dat bepaalde vetstoffen uit koffie de eerste stap in het ontstaan van kanker in de cel kunnen verhinderen. Ze doen dat doordat ze de erfsubstantie in onze cellen, het DNA, beschermen tegen vernietigende reacties met agressieve stofwisselingsproducten.

In het verleden vermoedde men dat er een verband bestond tussen kanker en koffie voor een hele reeks van kankervormen. Dat verband bestaat inderdaad – maar wel in de tegenovergestelde zin van wat door de critici vermoed werd. Omvangrijke onderzoeken hebben de oude verwijten niet alleen ontkracht, maar hebben ook aangetoond dat koffie een bescherming kan bieden tegen kanker. Hierna volgt een korte samenvatting van de stand der wetenschap betreffende alle kankersoorten waarvoor tot hiertoe in dit verband vermoedens bestonden:


Kanker van de dikke darm

Reeds aan het einde van de jaren 70 toonden eerste onderzoeken aan dat koffie de kans op kanker van de dikke darm en de endeldarm kan verminderen. De Wereldgezondheidsorganisatie komt uiteindelijk in een artikel uit het jaar 1990 tot het besluit dat het verband tussen koffiegebruik en een geringere vatbaarheid voor kanker van de dikke darm duidelijk is. De jongste studies tonen nu aan dat het chlorogeenzuur in koffie voor dit positief effect verantwoordelijk zou kunnen zijn. Er zijn evenwel geen aanwijzingen voor een verband tussen het koffiegebruik en andere kankersoorten van de spijsverteringsorganen (maagkanker, slokdarmkanker). Tekenen voor een mogelijk verband tussen het koffiegebruik en kanker van de buikspeekselklier konden eveneens door vele onderzoeken weerlegd worden die een dergelijke samenhang uitsluiten.


Borstkanker

Het is bewezen dat er geen verband bestaat tussen het ontstaan van borstkanker en het drinken van koffie. Dit werd onder meer aangetoond via een evaluatie van het IARC (International Agency for Research on Cancer) waarbij zeven grote controlestudies inzake het thema koffie en borstkanker geanalyseerd en geevalueerd werden. Er is evenmin een relatie tussen het koffiedrinken en bepaalde goedaardige weefselveranderingen (zogenaamde fibrocysten) in de borst.


Kanker van de eierstokken

De verdenking dat er een verband bestond tussen het koffiegebruik en deze kankersoort ontstond ten gevolge van een klein onderzoek dat een dergelijk vermoeden deed opkomen. Het geringe aantal testpersonen en een reeks mogelijke oorzaken van fouten maakten het resultaat evenwel erg twijfelachtig. Het vermoeden kon niet in een andere studie bevestigd werden, zodat de wetenschappers het er intussen over eens zijn dat een verband uitgesloten kan worden.


Blaaskanker

Ook het vermoeden dat een zeer hoog koffiegebruik het ontstaan van blaaskanker zou kunnen begunstigen, is intussen grotendeels uit de weg geruimd. De resultaten van wetenschappelijke studies over deze kwestie waren steeds tegenstrijdig. Bij onderzoeken die een verband deden vermoeden, kon er nooit een duidelijke afscheiding gemaakt worden tussen de verschillende invloedsfactoren. In feite heeft geen enkele studie een duidelijk of sterk positief effect van koffie op blaaskanker aangetoond. Voor de rest werd in de totaliteit van alle onderzoeken die in verband met dit thema gemaakt werden, een duidelijke tendens zichtbaar: hoe omvangrijker de onderzoeken waren – hoe meer mensen er dus onderzocht werden – des te minder was er een verband merkbaar tussen het koffiegebruik en blaaskanker.


Conclusie: Als men een samenvattende waardering zoekt van de vraag naar de invloed van het koffiegebruik op het ontstaan van kanker, dan kan men zich orienteren aan de voedingsrichtlijnen van de Amerikaanse Kankervereniging. Daar zegt men: “De voorhanden zijnde resultaten doen ons aannemen dat er niets spreekt tegen een normaal koffiegebruik. Er zijn helemaal geen aanwijzingen voor dat cafeïne een risicofactor vormt voor het ontstaan van kanker bij de mens.”


Als onderzoeken in het verleden een vermeend verband tussen koffiegebruik en het ontstaan van kanker hebben uitgewezen, dan waren die resultaten meestal niet statistisch beveiligd, of vertoonde de basis van het onderzoek bepaalde fouten – bv. doordat belangrijke andere factoren naast het koffiegebruik niet voldoende op hun invloed onderzocht werden.


Vandaag de dag lijkt het eerder zo te zijn dat de inhoudelijke stoffen van koffie bescherming bieden tegen kanker. Zo wordt uit de wetenschappelijke onderzoeken uitgerekend de laatste tijd steeds duidelijker dat koffie een hele reeks van substanties bevat die door hun anti-mutagene, anti-carcinogene en anti-oxydatieve eigenschappen het ontstaan van kanker kunnen voorkomen.


Bron:

1 REACTIE

Comments are closed.